Positieve beeldvorming

Er is een tijd geweest dat mensen met een verstandelijke beperking eufemistisch ‘mensen met mogelijkheden’ werden genoemd. In het ondersteuningsplan moest vooral komen te staan wat ze wél konden en vooral zo weinig mogelijk wat de beperkingen waren. Het zag er allemaal zó mooi uit dat zelfs cliënten met aanzienlijke problemen nauwelijks meer begeleiding nodig hebben.

Welke ondersteuning is nodig?

De huidige criteria om zorg aan te kunnen vragen dwingen de plannen in een andere richting. Overal moet bij worden aangegeven op welk gebied de cliënt ondersteuning nodig heeft. Pieter poetst zelf zijn tanden, maar ’s avonds moet de begeleiding hem twee minuten napoetsen. Als je Johan niet op de tijd wijst maakt hij van de nacht een dag en komt hij de volgende dag niet op zijn werk. Je moet hem dus steeds weer bijsturen omdat hij anders vastloopt in zijn leven.

Defectmodel

Daarnaast leidt de huidige etikettering (autisme, ADHD, dementie) ook nog eens tot het denken vanuit een defectmodel. 

Het gevolg van deze ontwikkelingen is dat er soms te weinig positieve zaken in ondersteuningsplannen worden vermeld.

Opnieuw kijken naar…

De afgelopen week heb ik in een team aan de hand van positieve criteria geoefend om toch ook weer de positieve kanten van cliënten een extra duwtje te geven. Het bleek erg leuk te werken.

Ik oefende deze aspecten aan de hand van de volgende criteria (vrij naar: Martin de Vor, Active Support, Van Gorcum, 2014):

 

Voorkeuren, interesses en…

Om toch nog op een andere manier te kijken kan het aardig zijn om een paar aspecten van de bewoners een extra accent te geven. Dat zijn:

  1. Voorkeur: dat is iets wat helemaal bij iemand past, het heeft met het zijn te maken: slaapt graag uit, ligt graag op de bank, is bij voorkeur bij de begeleiding in de buurt, is graag buiten. Voorkeuren veranderen in de loop van de volwassenheid doorgaans niet. Van iemand van 30 jaar die graag buiten is kun je verwachten dat hij dat met zijn 70e jaar ook nog graag doet.
  2. Interesses: het betreft hier een activiteit die iemand graag doet. Interesses kunnen in de loop van de tijd veranderen. Bijvoorbeeld iemand van 30 jaar is veel bezig met vrachtauto’s, maar als hij 60 jaar is blijkt de interesse vooral te liggen in foto’s van vroeger. Bij Alzheimer zie je nogal eens dat later oude interesses weer terugkomen.
  3. Positieve eigenschappen: waar geniet je als begeleider van als je aan iemand denkt? Bijvoorbeeld: hij heeft veel gevoel voor humor, als ik met vakantie ben geweest vraagt hij altijd hoe het was, ze heeft een hele eigen smaak, ze houdt van alles netjes, kan genieten van het eten.
  4. Vaardigheden: wat valt je op als vaardigheid die de persoon zonder veel aansturing doet? Bijvoorbeeld: kan goed de tafel dekken, houdt alle verjaardagen in de gaten, houdt een verzameling van foto’s van het Koningshuis bij, maakt gemakkelijk een praatje met mensen op straat.
Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s