Windtunnel

We wonen in een hoekappartement. Aan de andere kant van de straat staat een elf verdiepingen hoog flatgebouw. Het gevolg is bij harde wind uit westelijke richting een soort van windtunnel. Zoals vanmorgen...

Voor ons huis loopt een druk bereden fietsstraat. Fietsers die niet bedacht zijn op de dwarswind lopen het risico rechtstreeks de Schie in te worden geblazen.

Zo was er een man met een groot bord onder zijn arm. Met zijn andere hand hield hij het stuur vast. Maar het bord fungeerde als een soort zeil. Het ging nog maar net goed. Je hebt eigenlijk een bord voor je kop als je met harde wind met zo’n bord gaat fietsen.

Een andere fietser reed met losse handen, want hij was op de fiets aan het appen. Ook hij hield onvoldoende rekening met de weersomstandigheden en werd van zijn fiets geblazen. “Eigen schuld” dacht ik, eerlijk gezegd. Want ik ben nooit te beroerd om iemand de schuld te geven.

Maar er waren ook mensen die zich keurig aan de verkeersregels hielden. Ze waren alert op het weer. Toch werden ze met een ferme klap omver werden geblazen. Of hun fiets werd onder hen vandaan geblazen. Zoals deze student, als student herkenbaar aan de blauwe voorband van de Swap-fiets.

En ik dat allemaal maar observeren. Eigenlijk ben ik een soort van ramptoerist...
Advertenties

Natte voeten

De mensen vragen mij wel eens: "Henk, krijg jij wel eens natte voeten?" Dat zal ik jullie zeggen. In mijn hoedanigheid als dagelijks fietser zijn natte voeten mij niet bespaard gebleven.

De meest natte voeten ontwikkelde ik tijdens een fietstocht langs de Ruhr in Duitsland. Het was in de voorgaande nacht noodweer geweest. Vooral in Sauerland, waar de Ruhr ontspringt, was het water met bakken naar beneden gekomen.

Hoewel er waarschuwingshekken waren aangebracht langs de Ruhr fietsroute besloot ik gewoon mijn route te volgen. Als peuter heb ik de watersnood overleefd, dus wat stelt zo’n beetje water in Duitsland dan voor?

De route leek droog, maar een eind verder werd het fietsen toch waterfietsen. Ongeveer een kilometer lang bleven mijn trappers boven het peil van het water en hield ik mijn voeten droog, mits ik maar niet te snel fietste (want dan spetterde het teveel).

Maar opeens ging het fietspad naar beneden danwel steeg het water tot boven mijn kettingkast. Ik had natuurlijk door kunnen trappen (al werd dat wel zwaar), maar ik wist niet of het water nóg dieper zou worden. Bovendien kwam het water tegen de onderkant van mijn fietstassen aan. Dus toen ben ik toch maar afgestapt.

Het water kwam tot halverwege mijn knieën. De hele reis vanuit Hattingen an der Ruhr naar Den Helder had ik nodig om mijn schoenen een beetje droger te laten worden.

Vrieskou

Nu het eventjes wat vriest zocht ik nog een paar oude foto's op van een echte winter.

In mijn levensloop heb ik een aantal echte winters meegemaakt, waarvan ik me die van 1963 en van 1979 als het meest spectaculair herinner. In 1963 was de Merwede bij Gorkum dichtgevroren. Zelfs ijsbrekers kwamen er niet meer doorheen. In 1979 kon ik niet meer op mijn werk komen vanwege de sneeuwduinen. En ik raakte ingesneeuwd op Vlieland en kon het eiland niet meer af.

In de winter van 2010 werkte ik in Hoorn en omgeving. In die winter was er gemiddeld in Nederland op maar liefst 42 dagen sprake van een sneeuwdek. In De Bilt daalde het kwik op 55 dagen onder de nul graden. De mensen gingen zelfs twijfelen aan de opwarming van de aarde (…).

Het was spannend om naar mijn werk te fietsen, want het fietspad werd niet consequent schoon gehouden en al snel lag er een moeilijk te verwijderen onderlaag van ijs. Omdat ik tegen de scholierenstroom in moest fietsen leidde dat tot spannende momenten.

Het meest bijzonder vond ik het bevroren IJsselmeer. Gedurende een aantal nachten was het op het KNMI weerstation van Berkhout ijskoud vanwege de uitstraling van deze gigantische ijsvlakte.

Sneeuw in Delft

Een winter zonder sneeuw is geen winter. En eindelijk, op 22 januari, ging het tóch een beetje sneeuwen...

Gisteravond was het nog helder. Maar de grond was vochtig. En het vroor een beetje. Ik had cursus gegeven en moest nog 12 kilometer naar huis fietsen. Dat leidde tot enig angst en beven. En angst en beven leidt tot een groter valrisico.

Eén van de cursisten bood aan om me naar huis te brengen. Ik had het namelijk in de cursus gehad over valrisico’s bij ouderen en daar vond ze me een levend voorbeeld van. Maar dat was toch mijn eer te na. Ik ben op de fiets naar huis gegaan en heb mijn been niet gebroken. Mijn arm trouwens ook niet. Ik ben zelfs niet gevallen.

Maar vanmiddag ga ik maar lopend naar het station voor de afspraak van vanavond. Ook lopend kun je onderuit gaan – weet ik uit ervaring = maar het lijkt me toch een beetje veiliger. Ik heb al genoeg ijzeren onderdelen in mijn lichaam verzameld.

Dat brengt mij nog wel op één vraag: waarom breek ik mijn botten links en niet rechts? Ik heb vier keer bij valpartijen iets gebroken, en ook nog eens mijn ribben links flink gekneusd (dat was de meest pijnlijke ervaring: dan is ademen pijnlijk, je kunt niet meer hoesten en lachen is ook een probleem.

Maar de aanvaringen waren steeds aan de linkerkant van mijn lichaam. Is dat nu - wat je noemt - je voorkeurshouding?

Zonsopkomst

Vanmorgen moest ik weer vroeg uit de veren. Met de trein van half zeven uit Delft.

Vandaag kwam de zon op ter hoogte van Harmelen. Die plaats roept bij mij nog altijd associaties op met de grootste treinramp uit de NS-geschiedenis.

Maar de plaats waar het ongeluk gebeurde (de sporen vanuit Breukelen en Utrecht kwamen hier bij elkaar) is inmiddels vervangen door een fly-over.