Koudfietsen

Het is natuurlijk helemaal niet koud. Toch vreemd dat ik bij een temperatuur van net boven het vriespunt ontdek ik dat koude handen en voeten oploop.

Tineke heeft mijn warme pooljas weggegeven aan het Leger des Heils. Dat ik het nu koud krijg op de fiets ligt echter niet aan Tineke. Ik kan haar niet de schuld geven. Ik heb het over de koude uitstekende delen op de fiets: handen, voeten en oren.

Kan het zijn dat met het stijgen van de leeftijd ook de gevoeligheid voor koude stijgt? Dan is het zaak om mij te wapenen.

Eerder al kreeg ik de suggestie van elektrische voetenwarmers. Dank daarvoor. Ik heb me er enigszins in verdiept, maar ik ben er nog niet uit. De recensies zijn namelijk nogal tegengesteld.

Wat heb ik gisteren gedaan, toen ik in het kader van mijn werkzame leven op een afspraak binnen winterse fietsafstand (20 km) moest verschijnen?

  1. Het eerste wat ik tegen mezelf zeg is dat het helemaal niet koud is. Gewoon gaan fietsen en dóórtrappen.

2. Het tweede is dat ik een jas aantrek. In dit geval een winterjas. Met daaronder een wollen trui.

3. Het derde is dat ik geen pet op zet, maar een muts. Ook je oren kunnen het namelijk koud krijgen. Je bent dus een muts als je met koud weer alleen een pet op je hoofd hebt. Die zette ik ook op bij de vorige Elfstedentocht en ik was niet de enige.

4. Een optie is bij een hele fietsdag dat je een lange thermo-onderbroek aantrekt. Dat wilde ik niet, ik vind het geen gezicht enhet wildplassen wordt ook onmogelijk gemaakt. Maar Tineke – die hier in huis doorgaans de broek aan heeft – vindt dat ik dat wel moet doen bij temperaturen beneden het vriespunt. er maar eens naar haar moest luisteren.

5. Het vijfde is dat ik winddichte hoge schoenen heb aangetrokken. Het woei helemaal niet, maar het hielp toch.

6. Het zesde was dat bij een lange fietsdag voorlopig nog opwarmers in mijn handschoenen stop. Je legt ze thuis in bijna kokend water en daarna kun je ze met het verwijderen van een strip warm laten worden totdat het tegendeel blijkt.

De afstand van gisteren was te kort voor dit soort ornamenten. Vandaag zit ik langer op de fiets. Vanmorgen heb ik enkele van deze ingedriënten in mijn fietstas gestopt. Je weet maar nooit...

Koude voeten

In de winter kun je op de fiets koude voeten krijgen. Soms voel ik mijn voeten zelfs niet meer. Er bungelt dan iets onder aan mijn lichaam.

Ik heb wel eens voetverwarmers gebruikt, maar dat is chemische troep voor noodgevallen (als het echt vriest). Het vroor niet, het was een graad of twee. Dus moest ik gewoon kunnen fietsen zonder chemische troep.

Kapel met vloerverwarming

Na een paar uur fietsen werden mijn voeten toch echt koud. Ik ging even stampvoeten, maar dat hielp ook niet echt. Toen zag ik een kapel die open was gesteld voor gebed met verplicht mondkapje. Ik dacht: misschien helpt dat…

En zowaar: de kapel bleek vloerverwarming te hebben. Ik stak een kaarsje aan, trok mijn schoenen uit en zette ze op de vloerverwarming. Ook mijn voeten namen plaats op de vloerverwarming. Geleidelijk warmde ik op en viel ook nog eens in slaap.

Na een tijdje werd ik weer wakker met warme voeten. En met de ogen dicht leek het vast op een middaggebed...

De buienradar zat er naast

En dus werd ik al aan het begin van de fietstocht kletsnat. De rest van de middag had ik nodig om weer op te drogen.

Het zou de hele dag in onze omgeving zijn van ‘klits, klets, klandere, van de ene bui op d’andere’. Maar op de Buienradar zag ik dat het in een strook tussen Bergen op Zoom en Goes een groot deel van de middag droog zou blijven. Dus stapte ik op de trein naar Rilland-Bath.

De grens bij de Westerschelde (het Nauw van Bath)

De zon scheen en vrolijk trapte de Batavus Dinsdag de kilometers weg. Totdat ik bijna bij de dijk langs de Westerschelde aan was gekomen. De bui had ik links van mij al gezien, maar ik dacht hem keurig links van mij te kunnen laten passeren.

Er was nergens een schuilplaats te bekennen en een poncho helpt maar deels als het hard waait. Er zat niets anders op dan me gewoon nat te laten regenen. Hoewel: het waren vooral hagel en natte sneeuw. En zelfs af en toe een klap onweer.

Bij de grens met België werd het weer droog. En dat bleef het de rest van de middag. Had de Buienradar toch een beetje gelijk.

Ondertussen was mijn veter los geraakt. Die kreeg ik niet meer vast. Te koude vingers. Het leven van een bejaarde fietser gaat niet altijd over rozen. 

Natte voeten

Die kleine riviertjes in heuvelachtig gebied zijn veel onbetrouwbaarder dan de grote rivieren die de ruimte krijgen. Bij de grote rivieren zie je de bui hangen. Bij beken en kleine rivieren die ingeklemd liggen tussen de heuvels is het water veel onvoorspelbaarder. Dat hebben we vorige week wel weer gezien in het nieuws. 

Zo ook de Ruhr in Duitsland. Het was in de voorgaande nacht noodweer geweest. Vooral in Sauerland, waar de Ruhr ontspringt, was het water met bakken naar beneden gekomen.

Hoewel er waarschuwingshekken waren aangebracht langs de Ruhr fietsroute besloot ik gewoon mijn route te volgen. Als peuter heb ik de watersnood overleefd, dus wat stelt zo’n beetje water in Duitsland dan voor?

De route leek droog, maar een eind verder werd het fietsen toch waterfietsen. Ongeveer een kilometer lang bleven mijn trappers boven het peil van het water en hield ik mijn voeten droog, mits ik maar niet te snel fietste (want dan spetterde het teveel).

Maar opeens ging het fietspad naar beneden danwel steeg het water tot boven mijn kettingkast. Dan houd je geen droge voeten meer.

Ik had natuurlijk door kunnen trappen (al werd dat wel zwaar), maar ik wist niet of het water nóg dieper zou worden. En om geleidelijk ten onder te gaan terwijl niemand zich van mijn toestand bewust was leek me ook geen prettige optie.

Bovendien kwam het water tegen de onderkant van mijn fietstassen aan. Dus toen ben ik toch maar afgestapt en ben gaan lopen…

Het water kwam tot halverwege mijn knieën. Ik had naar Saskia (een vroeger collega van mijn werk) kunnen gaan, maar ik wist haar adres niet uit mijn hoofd. Dus treinde ik toch maar naar Nederland. De hele reis had ik nodig om mijn schoenen een beetje droger te laten worden.

Bui op komst

Ik heb een goedkope telefoon met een simpele camera. Niet afkomstig uit China, want dan word ik afgeluisterd.
Uitzicht vanuit onze woonkamer met een bui op komst

De kwaliteit van de camera lijkt wel wat op die van een speelgoedcamera. Ooit had ik een Lubitel, een Russische camera. Die zorgde ook voor allerlei vertekeningen in het beeld. Je snapt niet dat de Russen daar spionage mee bedreven.

Ook op mijn Sony compactcamera zit een speelgoedfunctie. Gewoon omdat vertekening ook wel eens leuk kan zijn.

Vorige week maakte ik met de telefoon een uitzicht vanuit onze woonkamer. Er kwam een onweersbui aanzetten. Het zicht dat Johannes Vermeer had op Delft, maar dan met donderwolken. En ziedaar, dan vind ik een foto met zo'n camera toch opeens zijn charme hebben...