Vakantie 2022

We kunnen niet voorspellen hoe de toekomst er voor ons op aarde uitziet. Toch moet er wel gepland worden. Zo hebben we nu onze vakantie voor dit jaar vastgelegd.

Het was nog een heel gedoe. Blijven we – net als de voorgaande twee jaren – in Nederland? Of wagen we de reis naar het buitenland? Dus passen en meten in het Waar?

Het tweede gedoe was de agenda. Die van Tineke en van mij lopen niet synchroon. En vanwege de lock-down in de afgelopen twee maanden zijn er voor mij afspraken vooruit geschoven, naar mei en juni. Dus passen in meten in het Wanneer.

Over één ding waren we het eens. De fiets gaat mee. Voor de 53e keer. Alleen is Tineke wat minder in staat geraakt om op de fiets bergen te verzetten. Dus het moet allemaal niet te steil zijn.

Uiteindelijk vonden we een passende plek aan (voor de zesde keer!) de Elbe. Deze keer niet pal aan het water, maar gewoon op de begane grond van een duitse Bürgerwohnung. Met een stoomtrein in de buurt.

(Geplande) vakantie in 2022: Radebeul aan de Elbe (bij Dresden)

De Belgische kust

Opeens zaten wij een week aan de Belgische kust. Dat had ik dus nooit gedacht. Want als er in mijn ogen érgens de natuur over grote afstand grondig verpest is, dan is dat langs de Belgische kust. 
Uitzicht vanuit ons huurappartement

Volgens schrijver Bob den Uyl is het mogelijk om met een plank vanaf de Nederlandse grens bij Knokke zonder de grond te raken tot aan de grens met Frankrijk bij De Panne te komen. Je legt gewoon die plank van flatgebouw naar flatgebouw. Ik had geen plank bij me, dus ik heb het niet geprobeerd. Ik heb ook ontdekt die het niet helemaal waar is. Er zijn een paar onbebouwde stukjes kust, o.a. bij Bredene, dat aan de zuidzijde grenst aan Oostende.

Wat wel mogelijk is, is om voor 1,60 euro met het OV vanaf (bijna) de Nederlandse grens (in Knokke) naar (bijna) de Franse grens (bij De Panne) te reizen. Dat doe je met de Kusttram, met zijn 70 kilometer lengte bijna de langste tramlijn van de wereld. Je kunt die reis trouwens ook met YouTube maken, dan zie je vanaf de bank de hele Belgische kust panoramisch aan je oog voorbij trekken.

Soms rijdt de Kusttram bijna over het strand, zoals tussen Oostende en Middelkerke

Wij zaten zes dagen in Oostende. Van daaruit fietsten we zowel (even) Frankrijk in als even Nederland in. De Belgische kust is nog geen 80 kilometer lang. Langs de kust staat een muur van vele tientallen kilometers aan hoge flatgebouwen, pal langs het strand, met daar achter een even hoge muur aan hoge flatgebouwen op de tweede rang. Om die flats te kunnen bouwen zijn de duinen platgeslagen. En achter die hoogbouw bevinden zich de oorspronkelijke dorpen.

Een muur van hoogbouw. Dit is het dorp Middelkerke, met 15.000 inwoners

Oostende blijkt – tegen het beeld in van wat ik van de stad had onthouden – een dynamische stad te zijn. Niet veel groter dan Den Helder, maar met een grootstedelijke allure. Die komt o.a. tot uiting in de hoogbouw (tot 105 meter hoog) en de Koninklijke gebouwen het het Casino langs het strand. Maar als havenstad stelt Oostende nauwelijks meer iets voor. Vroeger was het hier een drukte van belang vanwege de veerboten naar Engeland, maar die zijn allemaal gesneuveld in de concurrentiestrijd met de Kanaaltunnel.

Oostende werd in de jaren ’41 tot ’44 voor een groot deel afgebroken, vanwege de Atlantikwall. Overal vind je nog Duitse bunkers. Na de oorlog deden project-ontwikkelaars er nog een schepje bovenop. Van de duizenden gebouwen in Jugendstil en Art Deco zijn er nog maar enkele tientallen over gebleven.

Het strand van Oostende is ook een bijzonderheid. Het is hier verbonden te zwemmen. Dat mag alleen in juli en augustus onder toezicht. Heb ik voor niets mijn zwembroek mee genomen... 

Vakantie

Je hoort wel eens mensen die op de terugweg van de vakantie alweer bezig zijn met de volgende vakantie. Dat begrijp ik niet. Vakantie is voornamelijk gedoe.

Dat klinkt natuurlijk niet erg dankbaar. En ik moet ook zeggen dat we altijd prima vakanties hebben. Het probleem zit voor mij in de start naar de vakantie toe. Het afronden van het werk en het bedenken wat er allemaal mee moet.

Uit: Peter van Straaten: zijn we er al?

Nu zou dat ook geen probleem moeten zijn, want Tineke heeft alles onder controle. Ik moet alleen kiezen welke kleding er mee moet (geen zwembroek), welk fietsreparatiespul, welke documentatie en welk leesboek. Maar dat alleen al vind ik heel ingewikkeld. En elke keer denk ik weer: ‘Nu ben ik er wéér ingetrapt. Toch weer met vakantie!’

En op het vakantie-adres is er altijd toch weer een ding dat we zijn vergeten mee te nemen. De hele vloer ligt bezaaid met spullen om net dat ene ding te zoeken dat we uiteindelijk vergeten zijn.

Er zijn ook zaken die we echt niet mogen vergeten. Dat zijn medische zaken en vergelijkbare ongemakken. Dan moeten we weer terug.

Vandaag is het weer zo ver. We gaan op reis en we nemen mee: onze fietsen en vijf fietstassen. Tineke zorgt dat alles precies past. Als ik de tassen inpak zijn er tien tassen nodig. En vier fietsen.

Even de grens over (slot)

Ik wist het niet, maar vanuit Nijmegen loopt een snelfietsroute naar Arnhem. Ideaal voor speed-pedelecs. Maar die zijn er vanavond niet. Ik ben alleen met mijn ruisende Batavus. 
Rheden-Doesburg-Doetinchem-Elten-Nijmegen-Arnhem-Rheden

Die snelfietsroute gaat buiten Elst om, zodat ik niet in aanvaring kom met de fabriek van Heinz-Ketchup. Eigenlijk heeft deze fietsroute een surrealistisch karakter. Dat wordt nog eens versterkt doordat het gaat regenen. Dat is in strijd met de weersverwachting, maar dat is ook slechts een verwachting, maar geen voorspelling.

Spoorbrug in Nijmegen over de Waal

Het zeer brede fietspad voert door grootschalig omgeploegd landschap, er staan weinig bomen en bijna geen huizen. Het is af en toe alsof je door een onbewoond landschap fietst als enig overgebleven fietser nadat de 5G alle gevaccineerden heeft getroffen.

Hoewel volgens de planologie Arnhem en Nijmegen aan elkaar groeien is hier nog een stuk van zo’n 10 kilometer open land. Dan fiets ik de uitgestreke buitenwijken van Arnhem binnen. Het zijn vooral bloemkoolwijken uit de jaren ’70. Ook hier weer een wonderlijke ervaring. Dwars door die wijken loopt een oude en kronkelende dijk. Alsof je in vroeger tijden fietst, met zicht op een eindeloos aantal kris-kras verlopende rijen pannendaken.

En de regen blijft maar neerstromen en mijn voeten worden nat. Mijn poncho doet het goed tijdens korte buien (als het niet waait), maar op den duur helpt dat allemaal niet meer. Niet alleen mijn voeten zijn nu nat.

De Rijn bij Arnhem vanaf de verkeersbrug

Ik kan de laatste 25 km met de trein doen, maar dat is mijn eer te na. Aan de oostkant van Arnhem fiets ik over een hoge brug die over de Rijn voert, met rechts de afsplitsing van de IJssel. Ook hier ben ik de enige fietser. Zo langzamerhand vraag ik me toch af of ik geen bericht heb gemist dat fietsen na 18 uur verboden is.

En later op de avond is het weer helemaal droog (zicht vanaf de woonboot)

Ik heb geen zin om nóg een keer over de oude Rijksstraatweg door Velp en Rheden te fietsen. Dus neem ik allerlei zijpaden, zoveel mogelijk in de buurt van de spoorlijn. Ondertussen wordt het toch weer droog. Veel naaktslakken kiezen het hazenpad en steken de weg over. Een deel overleeft dat niet. Wat is er toch véél ellende op de wereld.

Om half negen meld ik mij weer aan bij het gastenverblijf op de woonboot in De Steeg. Hoewel ik al nat ben geworden van de regen adviseert Tineke mij toch om een douche te nemen. Ik begrijp dat niet. Als je nat bent moet je alleen jezelf maar afdrogen. Maar ik ben volgzaam en neem een douche.

De Batavus Dinsdag heeft er op deze laatste vrijdag van de vakantie bijna 120 fietskilometers bij opgeteld. 

(Geen) hoogtevrees

Er zijn mensen die hoogtevrees hebben (acrofobie). Het komt in de beste families voor. Er schijnen zelfs piloten te zijn met hoogtevrees. Net zoals dokters met naaldangst.
Op 60 meter hoogte in/ aan de toren van de Eusebiuskerk

Tineke trekt zich daar allemaal niets van aan. Ze loopt gewoon over een glasplaat op 60 meter hoogte op de toren van de Eusebiuskerk. Het leek een redelijk stevige constructie. Het was overigens wél verboden om er met tien mensen tegelijk te gaan springen. Het ding kan waarschijnlijk toch stuk.

De toren van de Eusebiuskerk is 93 meter hoog. In 1944 werd hij grotendeels verwoest. Daarna stortte ook nog eens een deel in. Na de oorlog besloot men om te sparen voor een reconstructie van de toren. Het werd alleen een wat ander, meer modern, exemplaar.

Tijdens de Eusebius-experience kun je een paar stappen buiten de toren wagen. Niet iedereen waagt zich aan die stappen. Maar Tineke wel.

Na afloop van dit experiment namen we de lift naar beneden. Die luxe is wel uniek in een kerktoren. Meestal moet je in steeds kleinere rondjes trappen lopen. Zo heeft het nadeel van een verwoeste toren ook een voordeel. 

Chinees station

Nu we het toch over China hadden... Dit bord hangt niet op een Chinees station, maar op het station van Steenwijk. Oftewel het station van Si téng wéi ke. 

Ik heb gekeken of er een camera met gezichtsherkenning hangt, maar die heb ik niet gezien. Maar mogelijk zit die camera verstopt in een plaatselijke plant.

Chinese tekst op station Steenwijk

Tot vorig jaar stroomde de trein naar Leeuwarden op toeristentijden voor een groot deel leeg in Steenwijk. In het kader van de spreiding van het toerisme hadden de Chinezen namelijk Giethoorn ontdekt als ‘typical Dutch’.

Maar ja, als je in Steenwijk bent ben je nog niet in Giethoorn. Daarom was er een speciaal Chinees toeristenbureau gevestigd in het station van Steenwijk. Vanwege corona vermoed ik dat dat bureau momenteel gesloten is. In ieder geval komen er veel minder toeristen naar Steenwijk. Daar werd namelijk door de middenstand van Giethoorn over geklaagd.

Selfies in Giethoorn

De Chinese toeristen werd de weg naar Giethoorn gewezen. Ze konden met de bus (dagkaart voor 10 euro). Met je eigen OV-chipkaart is dat voor minder dan de helft van de prijs, met dezelfde bus.

Ze konden ook een fiets huren. Dat leidde tot gevaarlijke taferelen, want China is geen fietsland meer. Fietsen door Giethoorn vraagt om veel behendigheid, regelmatig plonzen er fietsers in het water. Ze konden ook een taxi nemen.

Spitsverkeer in Giethoorn

En in Giethoorn moet er dan natuurlijk gevaren. In het drukke seizoen leek het meer op botsbootje spelen.

De oorspronkelijke punters zie je trouwens eigenlijk niet meer. De Chinezen huren massaal elektrieke fluisterboten met gezichtsherkenning.

Wij hebben ooit een punter gehuurd. Dat valt niet mee. Vooral niet als de stuk in de blubber blijft steken. We kregen toen ook een aanvaring met de plaatselijke rondvaartboot. Gelukkig wist iedereen het hoofd boven water te houden. 

Henk aan de wandel

De mensen denken wel eens dat ik alleen maar fiets. Eigenlijk hebben die mensen ook wel gelijk. Maar soms waag ik me aan een wandeling. In de vakantie hebben we zelfs meerdere wandelingen gemaakt.

In de vakantie bleek ik opeens door mijn zool te zijn. Ik was dus een halve zool. Dat ‘opeens’ moet je natuurlijk met een korrel zout nemen. Het viel me in de zomer pas op. De schoenen waren trouwens al meerdere malen verzoold, maar na tien jaar waren ze toch echt aan vervanging toe. Anders dan minister Hugo de Jonge val ik niet op door opvallend schoengebruik. Ik kocht ook weer identieke schoenen. Dan weet je tenminste dat ze passen.

In mijn hoedanigheid als Hulpsinterklaas geef ik altijd als eerste aan een autistische man een doos. Daar zitten schoenen in. Hij loopt vervolgens naar zijn kamer, trekt de oude schoenen uit en de nieuwe schoenen aan en gooit dan de oude schoenen in de prullenbak. Het nieuwe jaar kan beginnen. Zoiets dus, maar ik deed er tien jaar over.
Straat in Tolkamer

Ik had dus nieuwe schoenen. Dus trok ik meteen ook maar de stoute schoenen aan: we gingen aan de wandel. Het doel was de Bijlandse Plas. Om daar te komen moesten we eerst een eind fietsen. En omdat het warm was besloten we om pas in de loop van de middag op de fiets te stappen. We passeerden Oud-Zevenaar, Aerdt, Herwen en Lobith en belandden rond zes uur in Tolkamer, dat door veel mensen ten onrechte Lobith wordt genoemd.

Vervolgens denken die mensen ook nog eens dat de Rijn bij Lobith ons land binnen komt, maar dat is niet waar. De Rijn stroomt bij Spijk ons land binnen en aan de overkant van het water bij Millingen. Aan de overkant van Tolkamer ligt nog steeds Duitsland. 
Scheepswerf de Hoop

Je kunt een rondje om de plas lopen en dat hebben wij dan ook gedaan. We ontstegen de fiets in Tolkamer. Daar vandaan liepen we in westelijke richting langs scheepswerf De Hoop. Naast deze scheepswerf ligt een klein Tuindorp, dat rond 1930 gebouwd werd voor de werknemers van de scheepswerf. Dat soort projecten: dat vind ik (ook vanuit architectonisch oogpunt) altijd interessant.

Tuindorp bij Tolkamer

Daarna liepen we over de dijk langs de Rijn in westelijke richting. Je komt dan over een baileybrug die de open verbinding tussen de Rijn en de Bijlandplas overbrugd. In dit gedeelte bevinden zich de meeste recreatieve gedeelten, maar die lagen tijdens onze wandeling allemaal voor Pampus: er was geen kip te zien, laat staan een mens.

Zicht vanaf de Baileybrug op de Bijlandse Plas

Baileybruggen zijn bruggen die oorspronkelijk tijdens de Tweede Wereldoorlog ontwikkeld zijn voor de genietroepen. De bedenker was Donald Bailey die als hobby bruggen bouwde. Zijn ontwerp werd overgenomen door het Britse leger. Er zijn duizenden van die bruggen gebouwd en je kunt ze vervolgens afbreken en snel elders weer opbouwen. Sommige van deze noodbruggen liggen al meer dan een halve eeuw tijdelijk te zijn.

Het eerste deel van de wandeling is niet erg spannend, je loopt voornamelijk over het asfalt en tussen hagen van bomen. Af en toe heb je uitzicht over de Rijn.

Na de brug loop je noordwaarts en dan kun je min of meer je eigen weg kiezen. Over het fietspad, over een platgetreden spoor door het gras of gewoon door het gras. Je hebt hier mooi zicht op de plas met op de achtergrond de heuvels van Hoch Elten.

Het noordelijke deel van de plas is het meest mooie deel, maar het blijft wel een kunstmatig aangelegde plas. Zo’n vloeiende boog van het water vind je niet bij natuurlijke plassen. Maar we zagen tal van mooie bloemen en planten en een kudde grazende koeien die zich niets van onze aanwezigheid aantrokken.

De oostzijde van de wandelroute gaat deels over een nieuwe en recht aangelegde dijk. De hedendaagse medewerkers van Rijkswaterstaat hebben waarschijnlijk weinig fantasie. Ze maken recht wat ook best een beetje krommer had kunnen zijn. Maar we genoten van het mooie licht en van de ondergaande zon.

Toen we terug waren in Tolkamer bleek dat we 9 kilometer hadden gelopen. Het was een goede oefening om de nieuwe schoenen in te lopen. Ik trok die stoute schoenen dus ook maar even uit om mijn voeten even een adempauze te gunnen. Daarna fietsten we in het schemerdonker terug naar ons vakantieadres. Onderweg aten we af en toe een vlieg. 

Vakantie 2020

De opdracht luidt: laat iets zien van jullie vakantie dit jaar. Oftewel: vat de vakantie samen in één plaatje. 

Nee, het is niet dokter Jansma, die jullie zien op de foto. It’s me, disguised as dokter Jansma.

Buiten is het fris weer, maar binnen brandt de open haard. Dat schijnt vervuilend te zijn, maar in de vakantie mag het wel een keertje.

Languit liggend lees in de krant. Daar neem ik dus gewoon de tijd voor. We hebben dit jaar helemaal geen haast.

Onze vakanties waren altijd aktieve vakanties. Veel zien en alles op de fiets. Meestal waren het de afgelopen jaren vakanties in het (noord)oosten van Duitsland, met als centraal thema de Elbe. Een paar keer bleven we in Nederland. We waren altijd met zijn vieren: Henk en Tineke en twee fietsen.

Dit jaar waren we weer eens in Nederland. Dat kon niet anders, want we mochten niet de grens over. Op een bezoek aan Duitsland stond een potentiële boete van 25.000 euro per persoon.

In (het oosten van) Duitsland moet je vaak ver fietsen om historische steden en aanverwante artikelen te bezoeken. Vroeg opstaan en heel wat kilometers wegtrappen.

Dit jaar waren we dus in Zevenaar. Allerlei bezienswaardigheden in de buurt. En (nog) weinig musea die we konden bezoeken. Géén lijstjes, gewoon de tijd nemen. Dat is ons goed bevallen. Een minder actieve vakantie en toch nog veel gezien en gedaan.

En de kilometerteller van de fiets? Die geeft aan dat we toch nog in twee weken tijds 850 kilometer hebben gefietst...

Vakantie

Vorige week schreef ik dat we met vakantie zijn, maar waar zijn we dan met vakantie?

We gaan nooit naar drukke parken en zoeken altijd plekken op waar vakantiegangers een uitzondering zijn. Dat is o.a. te zien aan het feit dat er geen ansichtkaarten verkocht worden met ‘Groeten uit…’ In Duitsland waren vierden we vakantie is verstilde dorpjes in Sleeswijk-Holstein en aan de Elbe.

In Nederland waren we met vakantie in Onderdendam en in IJsselmuiden (twee maal). En dit jaar zitten we op een boerderij in het buitengebied van Zevenaar.

Wat valt er in Zevenaar te doen? Het gaat ons om het wandelen en fietsen, dus we zijn niet op zoek naar plekken waar we vermaakt kunnen worden. En als je naar de wandel-en fietsmogelijkheden kijkt, dan valt er hier genoeg te doen en te beleven.

Tineke moet zich dit jaar beperken in de fietsafstanden, maar ook bij een actieradius van 50 kilometer heb je erg veel mogelijkheden. Al worden we dit jaar ook beperkt door het feit dat de fiets niet meer mee mag in de trein. In voorgaande jaren gebruikten we het OV ook als opstapje om ‘een eindje verderop’ te kunnen fietsen,

De boerderij ligt aan het rand van het zogenaamde Rijnstrangen-gebied. De loop van de Rijn is steeds weer veranderd. In deze streek vind je tal van oude lopen van de Rijn terug. Dat resulteert in een schitterend en afwisselend natuurgebied waar o.a. vele duizenden vogels bivakkeren. Het gebied is grotendeels onbewoond. In feite ligt Lobith op een eiland, want de Rijn stroomt langs deze plaats, maar aan de noordzijde van het dorp liggen de Rijnstrangen.

Fiets je 15 km. naar het oosten dan ben je in Montferland: een uitgestrekt bosgebied met glooiende heuvels tot zo’n 100 meter hoogte. In het

Rijn bij Emmerich

zuidoosten strekken deze heuvels zich uit tot het Duitse Elten. Het dorp Hoch Elten ligt bijna 100 meter boven het Rijndal. Daar zijn we ook al twee keer geweest. Ook deze plaats ligt maar 15 km. van Zevenaar. Tien kilometer stroomopwaarts ligt Emmerich.

Volgens diverse websites zijn toeristen (nog) niet welkom in Duitsland. Je kunt een boete van 25.000 euro per persoon krijgen, maar dat is ons als fietsers nog niet overkomen. Op zaterdag had de helft van de auto's aan de Duitse kant van de grens een Nederlands kenteken, dus kennelijk wordt grensoverschrijdend verkeer in dit gedeelte van Duitsland getolereerd.

Naar het westen toe ben je na 15 kilometer fietsen in Arnhem. Niet dat ik die stad direct aanbeveel als mooie historische stad. De meeste toeristen komen hier dan ook niet voor de stad, maar voor Burgers Bush en voor  het Openluchtmuseum. In de stad zelf is in de oorlog teveel verwoest en daarna

Aan de IJssel in Doesburg

hebben projectontwikkelaars er nog een schepje bovenop gedaan. Maar de stad zelf is toch wel een dagtrip waard, met o.a. mooie parken. En de stad heeft een schitterende omgeving.

En dan zijn er twee prachtige rivieren: de IJssel en de Oude IJssel met bij de samenvloeiing van die rivieren de stad Doesburg. Steek je daar de IJssel over, dan ben je op de Veluwe.

Ons vakantieadres is een boerderij, waarvan het middengedeelte (de stal) verbouwd is tot een nieuw woongedeelte. De haan die al om twee uur ’s nachts begint te kraaien krijg je er gratis bij. Verder komt hier iedere dag een poes op bezoek. We hebben hem Tippie genoemd, maar waarschijnlijk luistert hij ook naar andere namen.

En de koeien? De dames houden er in het weiland naast de boerderij een afwisselend ritme op na van grazen, herkauwen en af en toe eventjes slapen.

PS: dit blog werd niet gesponsord door de VVV van Zevenaar noch door de provincie Gelderland.

Vakantie

Je zult er maar last van hebben. Van vakantie.

Volgens een ingezonden in de Volkskrant zijn er drie groepen Nederlanders. 1. De eerste groep heeft overwerk in corona-tijd en komt nauwelijks tot rust. 2. De tweede groep mensen maakt zich grote zorgen omdat ze geen werk hebben en hoe ze nu de financiële eindjes aan elkaar moeten knopen. 3. De derde groep vraagt zich vertwijfeld af hoe het nu met de vakantie moet.

Vakantie is luxe

Dat laatste is een luxe-probleem. Al gun ik iedereen zijn vakantie, het is  geen primaire levensbehoefte. Maar de trend in het rijke westen is steeds meer geworden dat mensen zich aan het einde van de ene vakantie al afvragen waar ze de volgende keer naar toe zullen gaan. Dan gaat er toch iets mis, vrees ik. Dan lijkt het alsof je niet meer kunt genieten van het gewone leven. Meestal moet het dan steeds meer, steeds verder, steeds duurder. Met alle gevolgen voor het milieu van dien.

Wij hebben de luxe dat we nu met vakantie zijn. Nee, niet in het buitenland. Gewoon op een voormalige boerderij in Nederland. Misschien waren we niet eens met vakantie gegaan als er niet andere vakantiegangers in ons huis zouden vertoeven. Maar het is ook wel lekker om even in een andere omgeving te zijn.

Geen fiets en trein

We zijn gewend om de fiets in de trein mee te nemen. Maar dat mag niet meer. Ook weer een corona-maatregel. Er zijn namelijk geen mondkapjes voor fietsen. Naar het vakantie-adres fietsen zou voor mij ook kunnen, maar Tineke moet het wat rustiger aan doen. Maar zonder eigen fiets is Henk niets. We hebben een trein-abonnement, maar daar hebben we nu niets aan. We laten ons luxe vervoeren door een bus met ruimte voor 1½ meter afstand. En de fietsen achterin.

Gedoe

Altijd weer vraag ik me toch ook weer af waarom je op vakantie zou gaan. Het is namelijk een heel gedoe. Net op het laatste moment moeten er allerlei dingen geregeld worden voor het werk. Je kunt de reserve-fietssleuteltjes niet vinden. En net als de kattenbak is verschoond piest huiskater Ringo op de bank. Ramen gelapt, schijt er een meeuw op het raam. Die heeft schijt aan ons.

(Geen) leesvoer

Het is heel gemakkelijk om elk jaar een lijst met vakantie-benodigdheden te hebben, maar sommige dingen leiden toch tot keuze-stress. Ik neem altijd veel kranten en tijdschriften mee, maar ze komen eigenlijk altijd weer ongelezen terug. Dit jaar heb ik uit voorzorg (bijna) alles in de papierbak gestort.

Maar je wilt toch leesvoer mee. Ik belandde ooit in een buitenlands ziekenhuis en had toen helemaal geen leesvoer bij me. Er was geen TV, de eerste dagen was er geen bezoek. Dat was geen plezierige tijd: 24 uur voelden als een eindeloos lange week.

Inmiddels heb ik een halve bibliotheek gestapeld om mee te nemen, want ik kan niet kiezen welke boeken. Helaas werkt de online- bibliotheek opeens niet meer op mijn ipad. “Ja, meneer, u hebt een te oud model ipad, dit type wordt niet meer ondersteund.”

Organisatie

Tineke is vooral van de organisatie. Ze is voorzitter van de Vereniging ter Systematisering van de Chaos (VSC). Ze weet op wonderbaarlijke wijze alle spullen in twee maal twee fietstassen te krijgen. Ik ben er dan niet zeker van of een klein priegelig reserve-onderdeeltje wel mee is en haal vervolgens de hele tas weer leeg. Als ik hem dan weer wil vullen blijkt de helft niet mee te kunnen.

De grote vakantie-schoonmaak

Maar wat ik niet begrijp is dat het hele huis extra schoon moet worden gemaakt, zelfs als er geen mensen in ons huis komen. Heb je eindelijk weer eens vrij uitzicht omdat de ramen gelapt zijn, kun je er zelf niet van genieten. Eindelijk geen stapels kranten en een lege en overzichtelijke kamer, ben je niet thuis. Nog nooit zo’n schone wasbak gehad, ga je je wassen aan een krakkemikkige wastafel in een verbouwde boerderij.

Dit jaar weten we dat de mensen die in ons huis komen de boel goed bijhouden. Dus waarschijnlijk kunnen we nu alsnog na thuiskomst genieten van ons schone en opgeruimde huis...