Vakantie 2020

Als je mijn blogs volgt zie je dat er elk jaar in de vakantie gefietst wordt. Zo besteden we al een halve eeuw onze vakanties aan het fietsen.

Aanvankelijk waren het trektochten (om en om door Engeland/Schotland/Ierland) en door het West-Europese vasteland (van Noorwegen tot Hongarije). Met opgroeiende kinderen was dat wat lastiger en kozen we voor een vaste plek in Nederland. De afgelopen 15 jaar bleef het een vaste plek, meestal in het oosten van Duitsland en soms in Nederland.

De afgelopen jaren kwam daar nog weer een nieuw thema bij: altijd onderdak aan het water. Meestal was dat de Elbe, soms de IJssel. En niet al te steile hellingen in de omgeving. Tineke is ook geen twintig meer, maar ze wil zo lang mogelijk op eigen kracht blijven fietsen.

Maar dit jaar bleken de adressen aan het water deels al geboekt te zijn, of onbetaalbaar te zijn. Ik bedoel: we konden niet voor een aaneengesloten periode van twee weken boeken.

Dus doe eens gek. We hebben onderdak geboekt in een regio waar we nog niet met fietsvakantie zijn geweest. En niet eens aan het water. De plek moest wel per trein bereikbaar zijn.

Het is in Eisenstadt, de hoofdstad van de meest oostelijke provincie van Oostenrijk: Burgenland. Hongarije en Slowakije liggen op fietsafstand. Het huis is een historisch monument in de binnenstad.

Niet dat we van vakantie naar vakantie leven. Er is immers meer tussen hemel en aarde. Maar het is toch aardig om - bij leven en welzijn - een plekje 'uit' in het vooruitzicht te hebben.

Elberadweg (4)

Toen ik in 1990 in Boizenburg was zat het verkeer helemaal vast. Tegenwoordig is het veel rustiger in de plaats. Een nieuwe rondweg leidt het verkeer om Boizenburg heen.

Als je aan de westkant Boizenburg uit wilt fietsen moet je flink klimmen. Hier ligt weer een hoog rivierduin. Je hebt er tegenwoordig wel een mooi zicht op Boizenburg en op de Elbe. In de DDR-tijd was dit nog verboden gebied: de wereld hield direct ten westen van Boizenburg op.

Er heeft in dit gebied ook een invasie plaatsgevonden. Het bos kent een grote mate van teken-dichtheid. Het is zelfs zó erg dat de huisartsen een speciaal telenspreekuur houden. Later – als we thuis zijn – treffen we twee teken aan die zich op een warm plekje op het lijf ingegraven hebben.

Voormalige grenspost tussen DDR en BDR bij Boizenburg

Bovenop de heuvel ligt een voormalige grenspost waar nu een café-restaurant in gevestigd is. Je kunt er de geschiedenis van de grens in deze omgeving bestuderen.

Na de heuvel gaat de weg weer naar beneden. Dit is het stroomgebied van een riviertje dat zijn oorprong

Dorpsbeeld onderweg van Boizenburg naar Lauenburg

vindt in de schilderachtige Lauenburgische Seeen.  Dat riviertje is bijna onvindbaar omdat hier later het Elbe-Lübeck-Kanal werd gegraven, die de scheepvaart vanuit de Elbe naar de Oostzee mogelijk maakte. Bij Lauenburg bevinden zich de oudste sluizen van Europa.

Het vlakke land bij Lauenburg

De ontwikkeling van deze vlakke streek heeft decennia lang stil gelegen. Het was immers Sperrgebiet: het grensgebied tussen de DDR en West-Duitsland. We komen door een aantal verstilde dorpjes. Een paar huizen, een paar boerderijen, een brievenbus. Geen winkel, geen café, slechts één maal

Elbe Lübeckkanaal bij Lauenburg

een kerkje. Een plaatselijke hond raakt helemaal van slag: er zijn vreemden gesignaleerd.

Uiteindelijk komen we weer bij de grote weg uit. Hier staat – ver buiten de bewoonde wereld – een centrum voor asielzoekers. Mensen uit allerlei landen zitten langs de weg, hebben boodschappen gedaan bij de Aldi van Lauenburg of proberen om te fietsen. Een aantal kinderen is aan het voetballen.

Vervolgens kruisen we het kanaal dat de Elbe met Lübeck verbindt. De nieuwe stad van Lauenburg ligt op de bijna 70 meter hoge Steilufer.  Wij hoeven niet te klimmen. Met een wijde bocht volgen we het kanaal en fietsen dan de historische binnenstad van Lauenburg binnen. De kilometerteller heeft er bijna 80 kilometer bij opgeteld.

Ochtendwandeling

In onze vakantie konden we kiezen tussen het zitten aan de vóórzijde of aan de achterzijde van ons huis.

Aan de achterkant hadden we een prachtig zicht op de Elbe. Aan de voorzijde wandelden de toeristen of hobbelden de fietsers van de Elberadweg over de kinderhoofdjes.

De toeristen hadden een hoog 65 plus gehalte. Daar wil ik verder niet over oordelen, dat overkomt je. Wij zijn ook 65-plus, dus we kunnen het weten.

Op een ochtend zagen we dit echtpaar. Ik neem tenminste aan dat het een echtpaar is. Ze zagen er op zijn paasbest uit, en beiden hadden een hoed op en een paraplu bij zich. Je weet immers maar nooit.

Bij ieder huis bleven ze even staan en lazen de tekst op het bord. Bijna alle huizen hebben namelijk een bord dat verwijst naar de geschiedenis. Er valt dus heel wat te lezen. Daarna stapte hij als eerste weer weg naar het volgende bord en daarna volgde zij. Dan wees hij weer op het bord en zij ging lezen.

Ze waren mooi op elkaar ingesteld. De rollen waren duidelijk. En ze leefden vast lang en gelukkig.

Elberadweg

Een fietser vertelde dat hij in de bovenloop en middenloop van de Elbe nergens had moeten lopen. Maar wel in de bovenloop.

Dat verwacht je niet. Bij de bovenloop van de Elbe is de hoogtekaart geel en lichtbruin. Er zijn heuvels en zelfs heuse bergen zoals het Erzgebirge. In de benedenloop is de landkaart groen. Hollandse polders dus…

Maar juist direct langs de Elbe hebben zich hier zandduinen opgehoopt. Vanuit Hitzacker moeten we dan ook stevig klimmen. En dat terwijl de temeperatuur tegen de 30 graden is. Zo krijg je nog meer bewondering voor de kamelen in de woestijn.

Het fietspad bestaat uit grinderig zand. Als je naar boven gaat is het te rul, ga je naar beneden, dan loop je grote kans om onderuit te gaan. En kleine kiezeltjes uit je knie vissen is ook geen leuke hobby. We zetten het dus op een lopen. Boven hebben we wel een erg mooi uitzicht over de Elbe. De hoogste heuvel is de 86 meter hoge Kniepenberg. 

Als we eenmaal boven zijn golft het land voortdurend, maar nu zitten we op de grote (asfalt-) weg. Af en toe fietsen we met een snelheid van zo’n 50 kilometer naar beneden om daarna halverwege de volgende helling weer bijna tot stilstand te komen. Het land is zeer dunbevolkt. Er zijn veel bossen (vooral dennen) en af en toe is er een perceel met graan. Veeteelt zien we in deze ‘duinen’ niet.

Dan volgt er een lange afdaling. We komen in wat meer bewoond gebied. Het zijn echter geen echte dorpen, maar meer buurtschappen aan de oude weg die langs de Elbe loopt. Het eerste dorp (Neu Darchau) is meteen ook een toeristendorp. Maar stel je daar niet teveel van voor. Er zijn enkele eetgelegenheden en overnachtingsmogelijkheden, de lokale boer verkoopt boerenijs (een ijsboer dus) er is een camping met een winkeltje.

We kunnen hier met de veerpont over de Elbe naar de overkant. Dat veer bestaat pas sinds 1990. Daarvóór lag aan de overkant de DDR en was er geen verkeer over het water mogelijk.

Er zijn plannen om hier een grote verkeersbrug te bouwen, maar dat kan ik me nauwelijks voorstellen gezien het weinige verkeer dat we in deze omgeving tegen komen. Of willen de overheid daarmee de streek een economische boost geven?

Week van de Teek

Het duurt nog even, maar over negen maanden is het de Week van de Teek (6 t/m 12 april 2020). 

In onze vakantie hebben we vier maal een teek moeten verwijderen. Iedere avond controleerden we elkaar op mogelijke tekenbeten. En het maakte niet eens zoveel uit hoe we gekleed waren. Ondanks een lange broek was tóch een teek mijn broekspijp binnen gekropen. En dat terwijl we wel uitkeken om niet in vijandig tekengebied te gaan zitten.

In één plaats vertelde een mevrouw dat de plaatselijke huisarts een dagelijks tekenspreekuur hield, zoveel teken zaten er in deze omgeving.

In het Engels heet een teek een tick of een harvest bug, in het Duits die Zecke, in het Frans een tique, in het Hongaars een ketyeg, in het Spaans een garrapata en in het Italiaans een zecca. Zo, nu kunnen jullie je in je vakantie gewapend met de lokale taal bij de plaatselijke doktersassistente vervoegen.

De mensen hebben het tegenwoordig wel over de eikenprocessierups, maar de teek kan er dus ook wat van.

Neuengamme

In onze vakantie bezochten we het voormalige concentratiekamp Neuengamme, dat in één van de polders ten zuiden van Hamburg gevestigd was.
Neuengamme steenfabriek

Als je nu zo’n kamp bezoekt ziet het er allemaal steriel uit. Een groot deel van de barakken is gesloopt, het grint is netjes aangeharkt, de gebouwen die er staan zijn netjes opgeknapt en bijna steriel schoon en uiteraard is er ook een restaurant gehuisvest in één van die gebouwen. Om de werkelijke ellende een beetje tot je te laten doordringen moet je een flinke emotionele vertaalslag maken.

Neuengamme tentoonstellingsruimte

Neuengamme was geen vernietigingskamp, het was een werkkamp. Er werden ook geen Joden opgenomen, want die moesten zo snel mogelijk ‘vernietigd’  worden. Een werkkamp was een manier van de nazi’s om én mensen te straffen én om aan goedkope arbeidskrachten te komen. Die werkten hier vooral in de steenfabriek. Zoals de Joden slaven waren van de Egyptenaren en tichelstenen moesten maken, zo waren krijgsgevangenen, gijzelaars, communisten, homoseksuelen, zogeuners, verzetsstrijders en Jehovah-getuigen nu de slaaf van de nazi’s. Neuengamme was dan geen vernietigingskamp, maar ook hier waren de toestanden erbarmelijk. De dagen waren zó strikt ingedeeld dat je als gevangene ook maar geen minuut vrije tijd had. Aan het einde van de oorlog zat het kamp zó vol dat gevangenen met zijn drieeën in één smal bed moesten slapen (het waren stapelbedden van drie hoog). Minstens 43.000 mensen stierven er door de honger, als gevolg van epidemieën en door de stelselmatige mishandeling door bewakers.

Neuengamme kaartenbak

Neuengamme telde naar verhouding veel Nederlandse dwangarbeiders. Onder hen was o.a. Jan Campert (de vader van Remco Campert) en de Friese burgemeester Sybrand van Haersma Buma, de grootvader van politicus Sybrand van Haersma Buma, die nu als burgemeester van Leeuwarden in de voetsporen van zijn Pake treedt. De latere psychiater Andries van Dantzig overleefde het kamp. Eén van zijn specialismen werd (later) het effect van kindermishandeling op de emotionele ontwikkeling van mensen.

Neuengamme digitale namenlijst slachtoffers

Op 1 oktober 1944 werd door de Duitsers een razzia uitgevoerd in Putten, waarbij bijna de hele mannelijke bevolking van boven de veertig jaar werd afgevoerd. Een groot deel van hen werd afgevoerd naar Neuengamme. Van de 601 gevangen genomen inwoners van Putten overleefden slechts 48 de nazi-kampen. Voor de

Neuengamme monument slachtoffers uit Pieterzijl

slachtoffers van Putten is in Neuengamme een speciaal monument opgericht, evenals voor een aantal jonge mannen uit het Groningse Pieterzijl.

Aan het eind van de oorlog probeerden de Duitsers hun misdaden te camoufleren door een groot aantal gevangenen per schip weg te voeren. Dit schip werd bij Kaap Arcona gebombardeerd door de engelsen, die dachten dat het een Duits troepentransportschip was. Gevangenen die zwemmend de kust wisten te bereiken werden door SS’ers alsnog doordgeschoten. Het is nooit bekend geworden hoeveel mensen bij deze scheepsramp omkwamen, maar het vermoeden ligt op zevenduizend tot achtduizend mensen.

Hendrikus van den Berg, inwoner van Putten en omgekomen in Neuengamme

Twee weken voor het einde van de oorlog en de bevrijding van Neuengamme werden 20 kinderen gedood in de plaatselijke lagere school. Voor die tijd waren er medische experimenten op hen uitgevoerd.

De namen van de omgekomenen krijgen een speciale kleur doordat van een paar honderd van hen persoonlijke documentatie is ingericht. Je kunt per naam het levensverhaal van die persoon lezen en ook worden voorzover  mogelijk gebeurtenissen tijdens het verblijf op Neuengamme beschreven.

Neuengamme herdenkingsmonument voor de slachtoffers uit Putten

Alle namen van omgekomenen (voor zover bekend, maar de Duitse administratie was doorgaans gründlich, alleen heeft men aan het eind van de oorlog geprobeerd om bewijsstukken te doen verdwijnen) worden verder digitaal gedocumenteerd.

Ook een aantal bewakers en leidinggevenden wordt voor het voetlicht gehaald. De spanning stijgt voor hen aan het eind van de oorlog. Wat gaat er met ons gebeuren? Later beklaagt één van de gevangengenomen leidinggevenden zich over het feit dat hem in gevangenschap geen goed bed wordt aangeboden…

De Duitse overheid is open als het gaat om het beschrijven van de eigen zwarte geschiedenis. Voor veel scholieren vormen het bezoek aan concentratiekampen een verplicht onderdeel van de lessen. Daar kunnen sommige andere landen nog heel wat van leren...

Slow down

We zijn weer terug van twee weken vakantie aan de Elbe. Het was de zesde keer aan de oever van deze rivier. Dit jaar hebben we het erg rustig aan gedaan.

Zoals al eerder gemeld: we hadden een vakantiehuis gehuurd in Lauenburg, 50 km. ten oosten van het centrum van Hamburg. Het stadje ligt op het drielandenpunt van Nedersaksen, Mecklenburg Vorpommern en Sleeswijk Holstein. Lauenburg ligt in de deelstaat Sleeswijk-Holstein, een deelstaat die zo groot is als de provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, Flevoland en Utrecht bij elkaar. Er wonen 2,8 miljoen mensen.

Zicht op Lauenburg

Lauenburg telt ruim 10.000 inwoners. De plaats bestaat uit de historische benedenstad, die eigenlijk maar één straat omvat, en de bovenstad, met vrij fantasieloze bouw uit vooral de periode na de Tweede Wereldoorlog. 

Elbstrasse Lauenburg

Ons vakantiehuis lag aan de Elbstrasse, de historische straat in de benedenstad. De huizen hebben meerdere malen te maken gehad met overstromingen van de rivier. Een deel van de huizen is niet bewoond en/of zwaar verwaarloosd. Het is geen optie om hier een dijk aan te leggen, dus je koopt een huis met een aanzienlijke kans dat je meubilair een keer door het huis drijft. Een deel van de mensen woont dan ook op de eerste verdieping.

De vlag van Hamburg en de Nederlandse vlag

De eigenaar van ons vakantiehuis hing de (Nederlandse) vlag uit ter gelegenheid van onze komst. Daarnaast hing er een Deense vlag, vanwege de gasten op de andere verdieping. Later kwam de vlag van Hamburg er te hangen, omdat er gasten uit Hamburg kwamen. Ik weet niet hoeveel vlaggen hij in voorraad heeft…

Uitzicht vanuit ons vakantiehuis op een vroege ochtend

Aan de achterzijde hadden we een prachtig zicht op de Elbe met de spoorbrug, een bijna identiek zicht dat we ook hadden in Wittenberge (in 2017). Aan de voorzijde was het – vooral in het weekend – een komen en gaan van oudere toeristen en van fietsers over de Elberadweg.

Zicht op Lauenburg vanaf de spoorbrug

Dat mooie uitzicht kwam goed uit. De eerste week had ik nogal last van piepende longen (‘zo de ouden zongen, zo piepen de longen’). Toen ik herstelde was Tineke aan de beurt. Ze heeft zelfs de dokter moeten bezoeken.

We hebben het dus rustig aan moeten doen. Slow Down, dus. Maar dat was helemaal niet erg... We vermaakten ons prima met een rustige opstart en een mooi uitzicht... Want zicht op het water verveelt nooit. Daarnaast werd er gedoseerd een aantal dagen her en derwaarts gefietst.