Ik ben een spammer

Eens in de maand verzend ik voor de kerk de Bladwijzer. Dat is een blad waarin o.a. staat welke kerkdiensten er zijn, wat nieuwe ontwikkelingen zijn enz. Het moet allemaal passen op vier bladzijden A 5. Dus het is altijd wat redactioneel puzzelen. 

De naam Bladwijzer verwijst naar het kerkgebouw. Het is een nieuwe kerk in een voormalige bibliotheek. Daarom heet het kerkgebouw ‘Het Boek’. Dankzij veel technisch inzicht van tal van kerkleden is het een prachtig en leefbaar gebouw geworden (zoals een goede klimaatbeheersing). Niet alleen voor de kerkleden, ook voor de mensen uit de buurt.

Die Bladwijzer verstuur ik al een paar jaar. Maar gisteren ging het mis. Alle mails kwamen als onbestelbaar retour.

Ik deed een tweede poging. Opnieuw kwamen de mails terug.

De derde keer heb ik de adressen gesplitst in kleine bundels. Maar toen ging het helemaan mis. Mijn mail-adres werd geblokkeerd, want ik werd verdacht van ‘spammen’. En als je eenmaal verdacht bent, word je niet direct meer vrijgesproken.

Via mijn werkmail kan ik ook mails verzenden, maar da moet ik de bulk splitsen. Zo verstuur ik regelmatig werkinhoudelijke mails in een grote oplage (350 stuks), maar die heb ik dan in onderdelen geknipt, zodat het aantal te verzenden mails binnen de verdachte limiet blijft. Dus zette ik mijn werkmail nu even in voor het verzenden van de kerkmail. Maar dan de adressen handmatig gesplitst. Voor de zekerheid heb ik er nog een mail achteraan gestuurd met de vraag of de kerkleden de Bladwijzer hebben ontvangen.

Vanmorgen kwamen er tal van reacties. Het lijkt wel een loterij. Sommige leden hebben de Bladwijzer drie maal ontvangen, anderen nul maal. Er schijnt dus ook nog iets anders achter te zitten, een soort uitverkiezing. Sommige mensen krijgen geen enkele mail, anderen worden voortdurend bestookt.

Wie het weet hoe het werkt mag het zeggen. Vanmiddag probeerde ik een andere mail (zonder bijlage) naar vier adressen te sturen. Die mail kwam terug, omdat ik 'geblockt' ben. De helpdesk heeft mijn vraag hoe het zit in behandeling. Wanneer er antwoord komt? Ik heb geen idee... 

Witte Donderdag

Vanavond vieren we in de kerk het Avondmaal. Het herinnert aan het Laatste Avondmaal dat Jezus voor zijn dood met zijn leerlingen vierde.
Het laatste Avondmaal

Eén van mijn vroegere cliënten – Willeke – maakte dit schilderij. Het was een onderdeel van een serie waaraan meer mensen hebben meegewerkt. Achteraf had ik wel de hele serie willen kopen…

Willeke is niet met de Bijbel en met de kerk opgegroeid. Maar ze heeft een prachtig schilderij gemaakt.

Vooral het licht vind ik bijzonder. Het is alsof het licht van Pasen al tevoorschijn komt terwijl Jezus nog moet sterven. 

Megakerken

Regelmatig komen er berichten binnen over 'ontsporingen' binnen zogenaamde 'megakerken'. Vooral in de USA trekken deze kerken veel aandacht en veel kerkgangers. Die zuigen ze ook vaak weg bij gevestigde kerken.

Vanaf het begin heb ik deze megakerken gewantrouwd. Is het de bedoeling dat we op deze manier kerk zijn? Met een prachtige visie, een gelikte PR-machine en een charismatische ‘leider’? Alleen al het woord ‘leider’ stuitte me tegen de borst.

Een tijdje geleden schreef ik op dit blog over religieus narcisme. Op dat vermoeden betrap ik mezelf maar al te vaak bij leiders van die snelgroeiende gemeenschappen. Eén van de kenmerken van mensen met narcisme is dat ze moeilijk samen kunnen werken. Het gevolg is dat veel van deze leiders bepalend zijn voor wat er verder in hun kerk gebeurt. Ze stellen mensen aan die bij hen passen. Maar zo hoort een kerk niet te functioneren.

Een ander kenmerk is dat het nogal eens een familiebedrijf wordt. Vader, die de kerk oprichtte, staat samen met zijn vrouw op het podium. Geleidelijk breidt ‘het bedrijf’ zich uit. Vader heeft steeds meer ‘beroemde contacten’ die allemaal uiteraard zijn beste vrienden zijn. De zoon studeert theologie, de dochter management en beiden treden ook in dienst van de megakerk.

Bij één van de eerste megakerken in de USA, de Chrystal Cathedral Church in Californië, barstte tien jaar geleden de bom. Er ontstond ruzie in de familie en vervolgens in de kerk. Het megalomane kerkgebouw moest verkocht worden. De zoon ging in een veel kleinere kerk verder en won daar aan authenciteit en verdieping.

Het is de drang naar meer en groter in combinatie met een gebrek aan teamvorming die uiteindelijk veel van deze geloofsgemeenschappen de das om doet. De leider wordt steeds meer op een voetstuk gezet met als gevolg dat ook de kans op grensoverschrijdend gedrag toeneemt. Er is geen kerkenraad die voldoende toezicht houdt. De plannen van de leider zijn boven de discussie verheven.

Wat ben ik blij met mijn kleine kerk. Te klein om groot(s) te doen. Uiteraard met onze eigen gebreken. Het gaat om de ontmoeting, om het er zijn, om presentie. Niemand is belangrijker dan een ander. Een kleine geloofsgemeenschap met zicht op elkaar, en zonder een leider die in zijn eentje de dienst uit maakt. Een kerk die open staat voor mensen in de wijk en waar iedereen zichzelf mag zijn. En vooral met een mooie boodschap.  

Gele hesjes

Gisteren was het de Nationale Opschoondag. Vanuit de kerk hebben we geprobeerd de wijk een beetje schoner te maken.

Van de gemeente Delft kregen we gele hesjes. En van een buurtcentrum kregen we grijpers en plastic zakken.

We begonnen bij de ‘hangplek’ naast het kerkgebouw. Daar lag zóveel troep dat we aan de rest van de wijk niet echt meer toe zijn gekomen. Met tien man (m/v) waren we daar alleen al bijna een uur bezig.

Nationale opschoondag bij de kerk in Tanthof

Wat vooral opviel was de enorme hoeveelheid peuken (van filtersigaretten). Ik heb begrepen dat die wel 20 jaar lang in het milieu blijven zonder afgebroken te worden. Er is door de gemeente ook een plek gemaakt waar de peuken in gedoofd kunnen worden, maar die plek is een meter verderop. Dat is dus te ver.

Verder tref je veel plastic aan, papier, lege aanstekers, doppen van bierflesjes, lege bierblikjes en lege blikjes van Red Bull, zakjes voor hash benevens een aantal condooms. Dat werd allemaal verwijderd, zodat het de schoonste hangplek van Delft werd.

Na afloop fietste ik naar huis en ik zag overal troep liggen. Als ik daar op was gaan letten was ik nu nóg niet thuis geweest....

Henri Nouwen

Henri Nouwen (1932-1996) is een wereldberoemd en toch weinig bekend Nederlands priester. Dat is een vreemde tegenstelling. Waarom geniet iemand zoveel naamsbekendheid, maar wordt zijn kennis onvoldoende ingezet in de academische wereld.

Nouwens studeerde psychologie en theologie in Nijmegen. Hij gaf colleges aan gerenommeerde en prestigieuze universiteiten zoals Yale en Harvard. Toch hoor je in de academische wereld nauwelijks iets van en over hem. En ook lijkt het alsof de Rooms-Katholieke Kerk niets met zijn geestelijke erfenis heeft willen doen.

Ik zou daar een verklaring voor willen geven. Het hart van Nouwen lag helemaal niet in die academische wereld. En hoewel hij een diep-religieus mens was lag zijn hart ook niet in de strijd binnen de Rooms-Katholieke Kerk. Daar werd in de jaren ’60 strijd geleverd voor en over liturgische vernieuwing, over de afschaffing van het celibaat, over de positie van vrouwen in de kerk. Maar kritiek op kerkelijke structuren was aan Nouwen niet besteed. Hij zocht zijn heil elders.

Waar Nouwen zich thuis was gaan voelen was in de zorg voor zeer kwetsbare mensen. In 1986 ging hij als pastor werken in een Ark-gemeenschap voor mensen met een verstandelijke beperking in Canada. Dat betekende ook dat je daar ging wonen. Medewerkers en mensen met een verstandelijke beperking vormden één woon-en leefgemeenschap. Daar ontmoette hij Adam, een meervoudig gehandicapte man, die hem de ogen opende voor een vriendschap en verbondenheid die hij in de academische wereld nooit gevonden had.

Het waren die contacten waar Nouwen vond waar hij zijn hele leven al naar op zoek was: verbondenheid. Nouwen was psychisch fijngevoelig en kwetsbaar. In de kwetsbaarheid van deze mensen vond hij zichzelf terug. Dus niet in academische discussies, niet in de strijd tegen de gevestigde structuren, niet in het moeten, maar in het ‘er zijn’.

Theoloog Inigo Bocken noemt Henri Nouwen een Fremdkörper in de academische en de katholieke wereld. En hij vermoedt dat dat komt omdat Nouwen allesbehalve modieus was en wilde zijn. In plaats van gangbare thema’s aan te snijden ging hij zijn eigen weg. Dat was een levenslange zoektocht naar de vraag wie hij was, met wie hij verbonden was en hoe het je leven verandert als je je een geliefd kind weet.

Dat de boeken van Nouwen ook 25 jaar na zijn dood nog altijd een grote oplage en verkoop laten zien verklaart Bocken uit het feit dat dat de individuele en spirituele zoektocht een thema is waar veel mensen mee bezig zijn. Zulke onderwerpen raken mensen meer en dieper dan een tijdelijke strijd tegen kerkelijke structuren.

Henri Nouwen schrijft dat perfectionisme mensen tot wanhoop brengt. We kunnen pas gelukkig worden als we onze gebrokenheid erkennen en onze pijn onder ogen zien. Pas dan weten we ook wat het betekent om gezien en aanvaard te worden.

Vorige week had de dominee een spiegeltje mee. Zo'n spiegeltje had hij als pastor aan alle bewoners van 'zijn' verpleeghuis gegeven. Eén spiegeltje was gebroken. En - achteraf - zei de dominee: 'dat was het mooiste spiegeltje'. Het tekent de gebrokenheid én de andere kant: de ruimte voor herstel door Jezus. We hoeven niet perfect te zijn en het allemaal alleen te doen. 

Vier wijzen

In de samenleving heeft men het over Driekoningen. In het Verenigd Koninkrijk over twaalf wijzen. In Ulvenhout staan in de stal vier wijzen.

Ze gaan met hun tijd mee, want er is camerabewaking. Dat moet kennelijk in deze tijd.

Kerststal in Ulvenhout

De foto is wazig (gemaakt met mijn mobiel zonder goede camera) en de vierde wijze staat er niet op. Ik zag hem pas later.

De vierde wijze kwam te laat. De plaatselijke journalist van de Bethlehemse Courant moest voor 17 uur zijn kopij hebben ingeleverd. De vierde wijze klopte pas aan het eind van de avond op de deur. Vandaar dat Mattheüs hem niet mee heeft genomen in Mattheüs 1.

Dat van die stal klopt trouwens ook niet. De wijzen kwamen met grote vertraging en inmiddels woonden Jozef en Maria al in een woonhuis. 

Driekoningen

Vandaag wordt in sommige kerken Driekoningen gevierd. En buiten de kerk is het de laatste dag dat de kerstzegels zonder toeslag gebruikt mogen worden. 

In sommige landen wordt Driekoningen uitbundiger gevierd dan in Nederland. Zelfs met speciale kleding, versierselen en speciaal gebak. Maar in Nederland merk je er weinig van. Daarom ga ik vandaag maar eens naar België om te kijken of ik daar wél iets zie van de drie koningen.

‘Waar is hij die als koning van de joden is geboren? Want wij hebben zijn ster gezien in het oosten en wij zijn gekomen om hem te aanbidden.’ 

De drie koningen worden ook wel de drie wijzen uit het oosten genoemd. Maar daar heb ik een vraag bij. Waar staat eigenlijk dat het drie wijzen waren? Dat hebben we geleerd uit de kinderbijbel, maar het staat echt nergens in de Bijbel. De Encyclopedia Brittanica heeft het over twaalf magiërs. Dat kan net zo goed.

Er wordt ook niet in de Bijbel gezegd dat het om drie koningen gaat. Dat is er in de kerkelijke traditie van gemaakt. Het zou kunnen zijn dat het om astrologen gaat, maar dat weten we ook niet. De namen van de heren zijn ook onbekend, al zegt de traditie dat het om Caspar, Melchior en Balthasar zou gaan.

Ik denk dat omdat de mannen goud, wierook en mirre meebrachten (vertaling uit 1951). Alsof de één goud mee nam, de ander wierook en de derde mirre. Er kan een associatie zijn ontstaan met het aantal van drie. Niks mis mee, maar we weten het gewoon niet.

Maar het is wel bijzonder dat mannen uit een ver land op zoek gingen naar Jezus. 

Kerst 2021

Vorig jaar dachten we aan een eenmalige lock-down. Maar dit jaar zijn er wéér geen (grote) kerkdiensten mogelijk. 

Gisteren was er een vroege kerstnachtdienst in onze kerk, vandaag een kerstdienst, en dat is het dan. Maar dat allemaal met alleen de mensen die een aandeel hebben in de kerkdienst. En de dominee komt helemaal uit België aangevlogen.

Ons kerkgebouw: een verbouwde bibliotheek

Het is natuurlijk saai en hélemaal niet origineel als ik zeg dat ik niet veel met kerst heb. Dat beweert misschien wel de helft van de Nederlandse bevolking.

De allergie voor kerst heb ik misschien wel een beetje van mijn vader overgenomen. Hij was dominee en had niet veel op met kerst. Hoe kan dat dan? Hij vond dat kerst dusdanig was geseculariseerd dat we door de kerstbomen de betekenis van kerst niet meer zagen. Eigenlijk was het op deze manier geen christelijk feest meer. Hij preekte zelfs een keer niet uit het Kerstevangelie tijdens een kerstdienst op Eerste Kerstdag…

Daar komt nog eens bij dat kerst een bijzonder drukke periode was. Mijn vader had het wel over de Tiendaagse Veldtocht. Als kerst niet op een zondag viel moest hij (in de jaren ’60) op Eerste Kerstdag twee keer preken, daarna was er op Tweede Kerstdag een dienst, dan volgde de zondag met twee diensten en dan waren Oud-en Nieuw en de volgende zondag ook alweer in aantocht. Ruilen was toen allerminst gebruikelijk, dus je moest als predikant een hele reeks preken en kerkdiensten voorbereiden.

Kerstfeest in 2019

Bovendien was er vaak ook nog eens een begrafenis tussen Kerst en Oud-en Nieuw. Dat was een logistiek onhandige week om dood te gaan, maar er viel kennelijk niet altijd aan te ontkomen.

In de loop van de tijd is mijn allergie voor kerst wel minder geworden. Dat komt vooral omdat de kerk meer naar buiten is gericht: kerst is niet een feest voor kerkmensen, maar voor iedereen.

De afgelopen jaren kwamen er ook veel gasten uit de wijk zomaar binnen lopen. De kerk was voor hen ook door de week open. Maar nu dus even niet... Hopelijk volgend jaar weer wel...

Feestelijke kerkdienst met beperking

Er gingen weken van voorbereiding aan vooraf. De kerkdienst van zondagmorgen 19 december. Helaas werd nét de avond daarvoor een lock-down aangekondigd. Het betekende dat we met (nog) veel minder mensen in de kerk konden zitten.

Nu zijn we wel gewend om ook op afstand kerkdiensten te houden. De technici in de kerk zijn wel wat gewend op het gebied van het streamen van diensten en het omgaan met de techniek. En ook de ventilatie is goed berekend en geregeld. Dus de dienst ging door in aangepaste vorm.

Bloemstuk in de kerk

Vijf jonge mannen legden belijdenis af. Dat wil in onze kerk zeggen dat ze ‘ja’ zeggen op de doop. Vijf positieve en daadkrachtige mannen die er ook in deze tijd voor gaan: voor de studie, de contacten met anderen en voor de kerk. De afgelopen twee jaar waren we één van de gastgezinnen van deze mannen. Daar is een b(l)oeiende band door gegroeid.

Tineke maakte een bloemstuk. Dat werd op het doopvont gezet. De vijf rozen symboliseren de vijf mannen die vanuit de doop zijn uitgegroeid tot volwassen leden van deze kerk.

De spirituele narcist

Ik heb het al vaker geschreven, maar toch nog maar een keer. Net zoals er veel soorten narcissen bestaan, bestaan er ook tal van vormen van narcisme. 

Eén van deze vormen is de spirituele narcist. Al eerder schreef ik over kerkleiders met narcistische trekken. Ze staan graag op de preekstoel en het voordeel van het spreken ‘ex cathedra’ is daarnaast dat je nooit tegengesproken wordt.

Ik durf de stelling wel aan dat elke sekteleider een spiritueel narcist is. Het gaat een sekteleider niet om de boodschap van de Bijbel (of van een andere goddelijke openbaring). Hij stelt zichzelf als persoon centraal, maar spant daarbij God voor zijn karretje. De boodschap wordt dan ook zó uitgelegd dat het altijd precies in het eigen straatje past.

Het narcisme herken je nog niet altijd als zo iemand op de preekstoel staat, het wordt pas duidelijk in de omgang met mensen. Zodra er sprake is van tegenspraak wordt deze leider ‘link’. Hij zoekt medestanders, probeert de geledingen te sluiten en degene die weerstand bood wordt als een bedreiging gezien.

In het protestantse kerkrecht is de kerkenraad er om op leer en leven (gedrag) van de voorganger toe te zien. In sektes bepaalt de leider wie er benoemd gaan worden in de ‘raad van oudsten’ (of hoe dat dan ook genoemd wordt). Dat is dan ook één van de eerste toetsstenen waar je naar moet kijken: hoe wordt deze raad samengesteld en wie heeft er kritisch zicht op het functioneren van de voorganger?

Je hebt het niet meteen door dat je met een narcist te maken hebt als je in aanraking komt met een spiritueel narcist. Hij (bijna altijd een hij) luistert met grote aandacht naar je, schenken je al zijn aandacht en steunt je daar waar hij maar kan. “Eindelijk iemand die mij begrijpt!” Kenmerken van de narcist zijn o.a. de gewetenloosheid en het gebrek aan empathie, maar daar merk je hier niets van. En dat merk je ook aan de gemeenschap om hem heen: die groeit! “Dit is een man van God. Zijn werk wordt gezegend!”

De spirituele narcist wil geen gesprekspartners, maar volgelingen. En dan het liefste mensen die tegen hem opzien. Die ‘ja’ en ‘amen’ zeggen bij alles wat hij naar voren brengt. Die steeds meer tijd en later ook geld bij zijn organisatie binnen brengen. En als het niet vanzelf gaat, dan worden de eisen opgeschroefd.

Zie de opkomst van Jim Jones in de door hem opgerichte People's Temple Church en de Branch Davidians, ook een groep die door de leider (David Koresh) zelf was opgericht. Beide groepen kwamen ook bloedig ten einde, maar hebben beiden toch nog 'verstooride volgelingen' die denken dat de leider weer terug zal komen op aarde. 

Ik heb de beide groepen eerder beschreven op dit weblog. Kenmerkend bij de leiders was o.a. hun grote behoefte aan waardering én de gebroken jeugd die ze hadden meegemaakt. Vanuit dat kenmerk heb je andere mensen nodig die de emotionele leegte op moeten vullen. Maar het grootste probleem is dat het nooit genoeg is.

Spirituele narcisten willen volgelingen die de leegte in hun bestaan vullen door middel van aanbidding, bewondering en aandacht. Het spirituele verwijst naar de het 'metafystisch aspect': ze voelen zich speciaal gezonden om een boodschap te brengen. Dat is geen menselijke, maar een bovenmenselijke boodschap. Toch is het bestaan van de spiritueel narcist uiteindelijk juist aards. Want zonder de voeding van de volgelingen kan een spirituele narcist niet bestaan.