De weg kwijt

Het gebeurt maar zelden, maar gisteren was ik de weg kwijt. De tomtom in mijn hoofd deed het niet meer...

Ik had een vergadering in Amersfoort, tien minuten lopen van het station. Daar ben ik al een keer of vijf eerder geweest. Maar nu heb ik een paar rondjes gelopen zonder de vergaderlocatie te kunnen vinden. Ik trof in de buurt wel kersverse nieuwbouw aan, zodat ik veronderstelde dat de locatie inmiddels platgewalst was. Maar op de uitnodiging stond toch echt nog steeds dit adres.

Tijdens een fietstocht was ik in De Rijp (gemeente Alkmaar) een mevrouw tegen gekomen die mij vroeg waar ze was. Het bleek dat haar tomtom was uitgevallen. Ze reed altijd 'op haar tomtom'. Tsja, als je je geografisch inzicht niet oefent raken je hersenen de weg kwijt. Maar ik doe het al meer dan 60 jaar zelfstandig zonder ooit een tomtom of vergelijkbare bewegwijzering te hebben geraadpleegd.

Uiteindelijk heb ik de vergaderlocatie toch nog gevonden en ik was ook nog steeds de eerste aanwezige. Ik neem namelijk bij voorkeur wat speling tijdens het reizen.

Was er bij mij sprake van Mild Cognitive Impairment, zoals dat tegenwoordig in de ouderenzorg wordt genoemd? Een Groningse collega noemt dat overigens bij hemzelf: “Een lichte slijtage van het benul”. 

Nee, achteraf kan ik het wel reconstrueren. Ik was in mijn hoofd met heel iets anders bezig, namelijk met onze dochter die een complexe en zware operatie moest ondergaan. We hadden al bericht moeten hebben dat de operatie voorbij was, maar er kwam maar geen bericht. Dat hield me als vader kennelijk zó bezig dat ik de weg kwijt raakte.
Inmiddels is ook zij weer bij de les en ze weet precies in welk ziekenhuis ze ligt.
Advertenties

Langveteren

Ik weet niet of jullie wel eens langveteren. Onlangs ben ik wél weer eens gaan langveteren.

Dat zit zo. Ik had voor mijn wankele voeten stevige schoenen nodig. En in stevige schoenen horen lange veters. Althans: dat helpt voor de stevigheid.

Dus kocht ik schoenen met lange veters. Wel twee meter lang. Eén meter voor links en één meter voor rechts.

Die veters moeten natuurlijk ook nog gestrikt worden. Dat is op zichzelf al een hele klus voor mij. Ik heb namelijk nooit mijn strikdiploma gehaald. Dat komt omdat ik nooit op de kleuterschool gezeten. Ook niet in de eerste klas van de lagere school, die nu groep drie heet. Ik sloeg meteen maar drie klassen over.

Veters strikken is voor mij dus een hele kunst (gebleven). Het lukt wel, maar dan met een mager zesje.

En zo kon het komen staan te gebeuren dat tijdens het fietsen een veter los raakte. Dat had ik niet op tijd door. Je kunt nu eenmaal niet alles op tijd door hebben.

Die veter slingerde zich om het pedaal van mijn fiets. En zo zat mijn schoen met veter helemaal vast & klem aan het pedaal. Ik kon geen kant meer uit. Mijn voet kon ik niet op de grond zetten. Ik kon ook niet meer trappen, want dan liep de boel nog méér vast.

Een ezel stoot zich in het gemeen geen twee keer aan dezelfde steen. Ik dus wel, want dit is me vaker overkomen. Het voordeel is dat je daar dan ervaring mee opbouwt.

Zo heb ik een keer de fiets uit laten rijden richting grasveld. Dat leek me redelijk zacht, zodat ik daar ter aarde kon storten. Zo gedacht, zo gedaan. Het enige wat ik niet bedacht had was dat het grasveld ook kletsnat was. Ik was dan ook meteen rechtszijdig doorweekt.

Deze keer was ik ook nog beducht voor mijn linkerbeen dat voornamelijk uit ijzer bestaat. Dat lijkt stevig, maar de dokter heeft gezegd dat ik geen gekke dingen uit moet halen. Rechts vallen lijkt meer verantwoord, maar ik wil niet nóg een been vol vliegtuigonderdelen.

Nu denken jullie misschien: dat zijn logische overwegingen die ieder mens met een IQ van boven de 45 kan bedenken. Maar dan moet je ook even in je overwegingen meenemen dat ik maar ongeveer 30 seconden had om de juiste beslissing te nemen. Ik kon niet meer trappen, mijn voet zat helemaal klem, de fiets moest langzaam uitrijden en ik moest ergens een veilige plek hebben om te landen.

Gelukkig was er rechts van mij een heg. Ik heb nog even gekeken of daar niet teveel prikkels in zaten. Dat leek mee te vallen. Zo heb ik de fiets geleidelijk tegen de heg doen glijden. Dat lukte. En hij was stevig genoeg om mij even te houden.

Toen ik stil stond kon ik mijzelf, door voorzichtig de trapper terug te draaien, weer uit mijn benarde positie bevrijden. Daarna heb ik weer een poging gewaagd om mijn veter te strikken.

 

De terugreis naar huis is zonder grote ongemakken verlopen.

Narcissen plukken

Sinds ik gelezen heb dat er meer dan 80 verschillende soorten narcissen bestaan ben ik extra op die bloemen gaan letten.

Gistermiddag maakte ik een fietstochtje van zo’n zestig kilometer. Onderweg zag ik allerlei narcissen. Af en toe heb ik er eentje geplukt. De tachtig narcissen haalde ik niet (een deel komt alleen in het buitenland voor). Ik kwam met zeven verschillende soorten thuis.

Familiedag met muziek

We hadden twee familiedagen in één maand. Vorige keer familie van Tineke, deze keer een aantal familieleden uit mijn familie. Op beide dagen was de familie nogal uitgedund. Maar het was goed om elkaar te ontmoeten.

Zaterdag bezochten we als onderdeel van de dag een concert in de Domkerk van Utrecht.

Het was een opmerkelijk concert dat in het kader stond van de gemeenteraadsverkiezingen. Ik heb nooit geweten dat Johann Sebastian Bach maar liefst zeven cantates heeft geschreven ter gelegenheid van het aantreden van nieuwe bestuurders binnen de stad Leipzig.

Twee van die cantates werden zaterdag ten gehore gebracht door een aanzienlijk orkest, een aantal solisten en het Domkoor. Het beroemde Bätz-orgel hield zich deze keer op de vlakte. De kerk zat erg vol, kennelijk zijn de inwoners van Utrecht behoorlijk cultureel ingesteld.

Buiten was de lente in volle hevigheid losgebarsten. De terrassen zaten vol. We maakten nog een fietstocht en konden daarna tot laat in de avond in de tuin zitten. De zomer komt er weer aan.

In memoriam J.W. van Hulst

Op de dag dat Professor van Hulst overleed (22 maart) noemde ik hem nog in een cursus geriatrie die ik op die dag verzorgde. Waarom? Omdat hij als 107-jarige nog een sprankelend interview had gegeven. “Men heeft mij opgeborgen in een tehuis voor afgedankte schakers.”

Wie was prof. J.W. van Hulst? Hij was hoogleraar Theoretische Pedagogiek aan de Vrije Universiteit. In dier voege (spraakgebruik van Van Hulst) was hij een halve eeuw geleden mijn leermeester aan de Vrije Universiteit.

De afgelopen jaren verscheen de oudste (emeritus) hoogleraar aan de Vrije Universiteit nog regelmatig op de televisie. Met name rond 5 mei wist men hem te vinden vanwege zijn rol bij het redden van Joodse kinderen uit de handen van de nazi’s. Hij vertelde nog met zo’n krachtige stem dat het was of ik vroeger in de collegebanken zat. Hij was dankbaar voor iedere dag die hij kreeg al vertoonde het lichaam ‘enige lichamelijke gebreken waar ik verder niet teveel over uit zal weiden’. Tot voor kort speelde hij nog simultaan schaak (hij heeft ooit in vriendschappelijke wedstrijden met wereldkampioenen Karpov en Euwe remise gespeeld). En op zondag zat hij in de kerk.

Aan de ene kant zijn er zeer kwetsbare ouderen, soms al op relatief jonge leeftijd. Je vindt ze o.a. in de achterstandswijken van de grote steden (een hoge rollatordichtheid op 55-jarige leeftijd) en ook veel bij LVB’ers. Aan de andere kant zijn er mensen die tot op zeer hoge leeftijd opmerkelijk vitaal blijven…

Omslag

Typerend voor de omslag in de studentenwereld was dat in mijn eerste studiejaar de studenten nog opstonden voor de professor. In mijn tweede studiejaar (dat overigens hetzelfde was als het eerste jaar, vanwege opvallende studieprestaties mocht ik het eerste jaar twee keer doen) was die gewoonte zonder dat iemand het had gezegd opeens helemaal verdwenen.

In 1969 kwam er een hele groep linkse activisten de collegebanken bezetten. Ook de faculteit werd jaarlijks bezet. Ik was nauw betrokken bij de faculteitskrant Pedaal, en het was een hele strijd om een redactioneel evenwicht te vinden. Wat de colleges betreft: er waren hoogleraren met wie de vloer werd aangeveegd, maar voor Van Hulst had iedereen ontzag.

Voor Van Hulst mocht je ook wel ontzag hebben. Alleen al bij het feit dat door zijn toedoen 600 Joodse kinderen uit de handen van de Duitsers bleven past gepaste eerbied. Maar daar heb ik hem tijdens de studie nooit iets over horen zeggen, dat las ik later.

Neurotisch

Wat ik van Van Hulst geleerd heb weet ik niet meer. Theoretische pedagogiek was niet mijn vak. Wel weet ik dat ik kennis heb gemaakt met Langeveld en met Brezinka die een poging deed om de pedagogiek waardenvrij te maken, als een echte wetenschap. Dat was een misvatting, aldus Van Hulst. Het grote krijtstrepen schreef hij namen van theoretisch pedagogen op het bord. Whiteboards waren niks voor hem en alles wat hij schreef deed hij met pen of op de typmachine.

Eén uitspraak van Van Hulst citeer ik nog wel eens in mijn cursussen: “99% van de mensen is neurotisch en die ene procent die het niet is liegt”.

Op de ochtend nadat de CHU zwaar had verloren zei één van de studenten: “Dat was een zware avond voor u, Professor.” Van Hulst: “Het was een fantastische wedstrijd,” waarop hij verder ging over de bokswedstrijd tussen Cassius Clay en een andere kampvechter.

Familie

Mijn grootvader (jarenlang fractievoorzitter van de ARP in de Eerste Kamer) en Van Hulst (jarenlang fractievoorzitter van de CHU in de Eerste Kamer) hadden een soort van haat-liefde verhouding. Ze leken qua persoonlijkheid ook wel op elkaar en hadden ook beiden een snor. Dat kan botsen. En Gereformeerd en Hervormd, dat ging toen niet nog helemaal niet goed samen (later gingen de Gereformeerde ARP en de Hervormde CHU op in het CDA).

Van Hulst tijdens een tentamen: “Hoe is het met Opa?” Ik zeg: “Goed”. “Bijzondere opa hebt u. Treedt u in zijn voetsporen? Laten we nu verder gaan met waartoe u hier gekomen bent” (het tentamen dus).

Zo overleden vlak na elkaar twee (voor mij) bijzondere hoogleraren pedagogiek: Prof. W. ter Horst en Prof. J.W. van Hulst.

Stille week

De week voor Pasen wordt in veel kerken de Stille Week genoemd. En ook wel de Goede Week, een verwijzing naar Goede Vrijdag.

Iedere avond is er in onze kerk een vesper of een kerkdienst. Een aantal van die diensten mis ik, want ik had niet goed in de agenda gekeken. Ik had een meerdaagse klus in Friesland.

Maar ik vond het voor mezelf een goed moment om na tien jaar een week blogpauze te houden. Als ik afkickverschijnselen krijg was ik kennelijk verslaafd geraakt…

Iedereen een goede week gewenst.

De weg kwijt

Mijn moeder vertelde wel eens vol verbazing dat ik als peuter een goed ontwikkeld richtinggevoel had. Als zij de weg niet wist kon ik als driejarige vertellen hoe we moesten lopen of fietsen.

Een goed richtinggevoel is handig, al helpt het niet in bloemkoolwijken. Die zijn speciaal ontworpen om de weg kwijt te raken. Maar ondertussen fiets ik al bijna 60 jaar op mijn richtinggevoel, meestal zonder landkaarten. Als tienjarige fietste ik in de wijde omgeving van Gorkum zonder ooit een kaart te hebben gezien. Ik kwam altijd weer thuis.

Maar dat gevoel blijkt nu niet meer goed te werken. Vrijdag was ik drie keer helemaal de weg kwijt. Het was in een onbekende omgeving, maar dat hoefde nooit een probleem te zijn. Ik wist anders altijd gewoon welke kan ik uit moest. Nu heb ik alle kanten uitgezworven en fietste uiteindelijk helemaal in de verkeerde richting.

Daar komt nog bij dat ik donderdag mijn fiets kwijt was. Ik meende zeker te weken waar ik haar gezet had in de fietsenstalling van Delft (5000 fietsplekken). Ik zag mezelf op film de fiets in een bovenrek plaatsen en naar de poortjes lopen. Maar daar stond zij niet (het is een damesfiets). Na 20 minuten zoeken heb ik de fiets gevonden op een heel andere plek. Ik had dus ook een andere ingang van het station genomen…

Kortom: ik ben de weg kwijt. Dat is de schuld van dokter Jansma. Hij heeft mij vergeetpillen voorgeschreven. Die leiden tot een vorm van schijndementie. 

Maar dokter Jansma kan wel trots op me zijn. Ik heb gisteren twintig bladzijden aan een verhaal geschreven. En ook nog boodschappen gedaan, stof gezogen, een cursus voor volgende week voorbereid en op bezoek geweest.