Soms zit het mee, soms zit het tegen

Woensdag had ik de fietsbanden opgepompt, donderdag stond de band leeg en vrijdag zou ik de band plakken. Helaas: het gat zat tegen het ventiel en viel niet te plakken.

Dat was ontregeling nummer één. Ik heb de dag verder in gepaste stilte doorgebracht door wat zaken voor te bereiden, een column te schrijven en een bezoek te brengen.

’s Avonds wilde ik een pakje ophalen bij een Post-NL punt. Ik moest me legitimeren. Dat lukte niet, want ik was mijn ID-kaart kwijt. In arren moede ben ik weer door de regen naar huis gefietst.

Daar ben ik een grootschalige zoektocht begonnen. Broekzakken, jaszakken, borstzaken, laatjes en geheime laatjes. Geen ID-kaart.

Vervolgens ben ik een zoektocht begonnen naar een passend actieplan. Op identiteitsfraude zit ook niemand te wachten. Ik moest bij mijn woon-of verblijfplaats zijn om kond te doen van het verlies. De benodigde actie was moeilijk te vinden, wel als je je rijbewijs kwijt was, maar niet voor een vermiste ID-kaart. Uiteindelijk toch gevonden.

Daarna wilde ik de post uit de brievenbus halen. Ik pakte de sleutelbos van het rek en liep naar beneden. Helaas: verkeerde sleutelbos in de hand. Dat moest natuurlijk een keer gebeuren. Geen horloge en geen telefoon bij me en niemand thuis. Ik liep op sokken en in T-shirt en buiten stroomde de regen neer. Geen idee hoe laat Tineke thuis zou zijn. Die was met dochter Nynke op stap, die een reservesleutel heeft.

Bij de buurvrouw was het donker. Zij heeft ook een reservesleutel. Ik ben op de trap mijn zonden gaan overdenken en hoe dit allemaal had kunnen gebeuren. Door de ontregeling van de vermiste ID was ik waarschijnlijk op het kritieke moment mijn concentratie kwijt. Dus ook nog eens de verkeerde sleutelbos. Op die plek hangt normaal ook de goede sleutelbos, maar die was met Tineke meegereisd.

Opeens zag ik licht bij de buuf. Ik belde aan en ze deed de deur open. Ze had onze sleutel keurig opgeborgen. Gisteren was haar hetzelfde overkomen, toen hadden wij de sleutel.

Toen Tineke thuis kwam begon er een nieuwe zoektocht. Ze wist nog wanneer de ID-kaart was gebruikt. Die dag was er ook een foto genomen. Wat had ik toen aan? Zit de ID-kaart dan tóch niet in één van die zakken? Nee dus. En ook niet in de trommel van de wasautomaat (af en toe worden mijn kleren gewassen, niet zo nodig, maar Tineke vindt dat dat zo hoort).

Uiteindelijk vond Tineke mijn ID-kaart terug. Hij zat in haar tasje. Ze had hem even geleend om een (ander) postpakket op te kunnen halen....

99 jaar

Vandaag zou mijn vader 99 jaar zijn geworden. Hij werd maar 63 jaar. Een boze ziekte maakte veel te vroeg een einde aan zijn leven op aarde. Mijn moeder leefde daarna nog dertig jaar met alleen de herinneringen aan hem.
Mijn vader, geboren in Leeuwarden, 1923, overleden in Maassluis, 1986

Mijn vader is altijd ergens in mijn hoofd en hart aanwezig, maar hij is ook sterk vervaagd.

Ik vraag me regelmatig af: hoe zou hij deze tijd hebben gevonden? Dat was ook de vraag die vaak bij mijn moeder terug kwam: “Wat zou vader daarvan gevonden hebben?”

Hij was mild tegen en zorgzaam voor mensen die anders dachten of anders waren dan anderen. Hij had vooral oog voor de zwakken. Hij was opgegroeid als oudste zoon met een zieke moeder en een verstandelijk gehandicapte broer.

Maar hij kon slecht tegen mensen die theater speelden, die van alles deden om maar in de aandacht te blijven. Ik vermoed dat hij in deze theatrale samenleving erg zou hebben moeten wennen.

Zijn favoriete recept op zijn verjaardag: een boterham met margarine, dan hagelslag en dan nog een laag margarine. Een daarna een sigaar uit eigen doos.

Om zijn verjaardag te vieren heb ik dat recept vandaag ook maar weer eens van stal gehaald. Zonder de sigaar. 

Mouches Volantes

De mensen vragen mij wel eens: "Henk, heb jij wel eens last van Mouches Volantes?" Dat zal ik jullie zeggen: ik wist niet wat mouches voulantes waren. Dus had ik er ook geen last van. 

Sinds dinsdagavond had ik er opeens wel last van. Niet van mouches volantes, want ik wist niet wat dat waren. Maar er zat opeens een bewegend vliegje voor mijn oog. Eerst dacht ik dat mijn bril vies was, maar het vlekje verwijderen hielp niet. Wat ik ook deed, het vliegje bleef maar vliegen. Het vliegje doodmeppen hielp ook niet.

Ik dacht dat ik me te zeer had ingespannen en dat het misschien een aanloop was van migraine (daar had ik vroeger nogal eens last van). Of van epilepsie, daar had ik in de puberteit last van. In beide gevallen zag ik dingen die er niet waren, terwijl ik niet psychotisch was.

Thuis had ik nog een zware Duitse pil liggen die mijn kwaliteit van leven waarschijnlijk zou verbeteren. Maximaal één per dag, anders waren de gevolgen niet te overzien. Ik nam die pil en stapte in het echtelijke bed waar Tineke inmiddels al zwaar lag te ronken.

Nu wil ik het niet over mijn gezondheid hebben, daar worden al blogs mee vol geschreven. Dus eigenlijk moet het verhaal hier stoppen.

De volgende ochtend maakte ik het ontbijt klaar en ziedaar: daar waren die vliegjes weer. Maar dat kwam omdat er op het aanrecht een antieke banaan lag. Die trok fruitvliegjes aan.

Maar mijn gezichtsveld bleek ook last te hebben van nog steeds die vervelende vliegjes. En nu gaat het toch weer verder met mijn gezondheid. Ik heb wel eens begrepen dat je bij plotselinge problemen in het gezichtsveld direct de dokter moet bellen. Helaas wandelt onze dokter momenteel naar Santiago di Compostella om daarna niet terug te keren in Delft. Hij hangt na vijf jaar zijn BIG-registratie aan de wilgen. Niet vanwege het werk, maar vanwege de onzinnige regels in de zorg.

Gelukkig is er ook nog een digitale thuisdokter. Die vertelde mij dat het om mouches volantes ging. Althans, zou kunnen gaan. In de gezondheidszorg is bijna niets voor 100% zeker.

  • U ziet zwarte, zwevende vlekjes.
  • Ze kunnen lijken op pluisjes, puntjes of draadjes.
  • Ze zitten niet op 1 plek, maar ze bewegen mee met waar u naar kijkt.
  • U kunt de vlekjes met 1 oog zien of met beide ogen.
  • Soms geven de vlekjes een beetje licht.
  • De meeste mensen hebben binnen een paar weken minder last van de vlekjes.
  • Na een tijd kunnen ze weer terugkomen.

En u het vervolg: kunnen mouches volantes kwaad? Mouches volantes kunnen meestal geen kwaad. Als u ouder wordt, kunnen er een soort klontjes in het glasvocht ontstaan. Die klontjes ziet u als zwevende, zwarte vlekjes. Het glasvocht kan verder veranderen door het ouder worden. Het wordt dan minder soepel en steeds wateriger. Hierdoor kan het glasvocht krimpen en loslaten van het netvlies. Dit heet glasvochtloslating. Vaak kan dit ook geen kwaad. U kunt lichtflitsen zien. Dit komt doordat het glasvocht trekt aan het netvlies.

Kortom: er moet nog heel wat gebeuren voordat ik naar de dokter ga... En naar welke dokter, dat ik ook nog de vraag. 

Henk in de Raad van Elf?

"Ik ken jou wel" zegt de patiënt die in de tandartsstoel ligt opeens. "Je bent, even denken, jij bent Henk."

“Jij zat in de Raad van Elf. Je was Prins Carnaval in Anna Paulowna. Dat was wel lachen. Ja, Henk dus, nou weet ik het weer!”

Of Henk R ooit tot de Raad van Elf van AP is toegetreden weet ik niet. Maar Henk50 en carnaval: dat gaat toch echt niet samen. Laat ik dat gerucht dus bij dezen de wereld uithelpen.

De enige publieke functie die ik heb gehad is - gedurende veertig jaar - mijn tijdelijke aanstelling als Hulpsinterklaas. 

Valpartij

In een bericht lees ik dat 85% van de ouderen (65 plus) jaarlijks een valpartij meemaakt. Bij 15% leidt dat tot ernstig letsel, zoals een gebroken heup.

Tineke heeft vorig jaar een valpartij meegemaakt met ernstig letsel. Ze brak haar schouder. Dit jaar maakte ze ook een valpartij mee, maar het letsel viel ook mee. Ik heb een paar pleisters geplakt en klaar was Kees (sorry, Kees).

Ik ben vorig jaar niet gevallen en dit jaar ook nog niet. Dat is natuurlijk vragen om moeilijkheden. Voor ons huis liggen een paar tegels scheef. Ik ga zo meteen naar buiten.

Daarna val ik over de losliggende tegels. Voor de zekerheid leg ik een paar kussens neer. Dan heb ik de kans dat ik dit jaar nog een keer ernstig letsel oploop aanzienlijk verkleind. 

Delft en weinig omgeving

Sommige lezers vragen naar de toestand in de wereld en in het bijzonder in Delft. Welnu: Delft ligt er nog. De waterstand is ook op peil. 

Ik kan het weten, want in tegenstelling tot voorgaande zomers ben ik veel in Delft. Ik heb de hele maand juli geen opzienbarende fietstocht gemaakt. Ook de supermarkt heb ik angstvallig gemeden, omdat ik daar de zelfscanner tussen de komkommers laat liggen.

Ook voor ons huis valt nog wel iets te zien…

Slechts eenmaal ben ik even in een iniemienie-supermarkt geweest en één maal ben ik met de fiets buiten de gemeentegrens van Delft beland. Ik oefen dus alvast voor later.

Wonderbaarlijk genoeg bleek ik buitenshuis goed in staat om werkzaamheden te verrichten. In dier voege ben ik meerdere malen in Friesland en in Noord-Holland geweest. Dat voelt meer als een thuiswedstrijd dan een ingewikkelde reis met fietsbel in het onvoorspelbare verkeer.

Morgen gaan we een poging wagen om het platteland op te zoeken op vier wielen. Twee van Tineke en twee van mij. Het verslag volgt later.

Oorpiep

Veel mensen hebben last van een piep in het oor. Meestal in beide oren trouwens.

Een vriend uit de kerk is ervaringsdeskundige en behandelaar. Hij ontpiept mensen. Dat lukt nooit echt, maar dat weet hij ook. Het gaat er om dat je er op de één of andere manier mee leert te leven.

Ik heb die piep ook in mijn beide oren aangetroffen en ik weet ook wanneer de piep toeneemt. Het dragen van een gehoorapparaat schijnt te helpen. Maar bij mij hielp het niet.

Dat gehoorapparaat doe ik ook niet vaak in in mijn oor omdat ik mijn leesbril kwijt ben. En daardoor kan ik de batterijtjes van mijn gehoorapparaat niet vinden.

Inmiddels heeft de farmaceutische industrie een pilletje ontwikkeld tegen de piep in het oor. Hein de Kort maakte er een plaatje bij...

Boekenkast

Soms kom ik in een huis waar geen enkel boek staat. Daar vind ik dan iets van. Een huis zonder boeken ervaar ik zoals een huis zonder planten. Er zit geen leven in.  

Toch wonen er mensen. Dus helemaal onleefbaar is het niet. Het gebrek aan boeken wordt nogal eens gecompenseerd door een overvloed aan andere zaken, zoals goedkope prullaria uit China, verzamelingen van al dan niet gevallen engelen, miniatuur honden en katten, fotootjes van overleden huisdieren,  of wandbordjes met deugdzame teksten. Dit alles samengevat onder de noemer ‘Jordaanrenaissance’. Want wie wel eens bij een authentieke Jordanees op bezoek is geweest weet dat die kleine huizen vaak overvol staan met dit soort spullen.

De boekenkast van Henk 50

Maar dan die boekenkast. Ik weet niet of het brutaal is, maar als ik bij iemand op bezoek ben wil ik altijd graag even de boekenkast besnuffelen. Maar waarom heeft iemand tegenwoordig nog een boekenkast? Je kunt alles toch op internet vinden? Of is het zo dat een boekenkast belangrijk voor het imago. “Zeg mij wat u in de kast hebt staan en ik zal zeggen wie u bent”.

Het meest intrigerend vind ik boekenkasten die zó imposant en uitgebouwd zijn dat de eigenaar een ladder moet beklimmen om de bovenste rijen te raadplegen. Omgekeerd had ik als kind een fascinatie voor de boekenkast van mijn vader. Daar stonden rechtsonder twee boeken met meer dan duizend bladzijden. Het waren Duitstalige theologische woordenboeken.

Boekenkasten vind je niet (meer) alleen in huizen en bibliotheken. Er zijn tal van café’s en restaurants met langs de wand een verzameling boekwerken. Ik heb niet gezien dat iemand ook echt in zo’n boek ging lezen, maar kennelijk draagt zo’n kast bij aan de sfeer van het etablissement.

Penguin Paperbacks, gestyled (foto: Quote)

Tegenwoordig is een hele bedrijfstak gespecialiseerd in het ‘stylen’ van collecties van boeken. Je kunt daar een hele reeks boeken ‘huren’ waarvan de omslag – mits op de juiste volgorde geplaatst – een kleurrijk kunstwerk vormt. Je kunt ook hele reeksen aan Penguin paperbacks in je kast laten zetten, met elke serie in een eigen kleur, maar allemaal de Pinguin op de omslag. Als je alles bij elkaar hebt verzameld is je huis te klein.

Een persoonlijke verzameling aan boeken die geleidelijk verzameld is, is veel authentieker dan zo’n massieve aankoop. Het laat iets zien van de (verandering van) belangstellng van de kant van de bezitter. Hoe die eigenaar zijn boeken geordend heeft: dat is dan nog een ander verhaal.

Maar mocht ik bij een lezer op bezoek komen, hopelijk heb je er begrip voor als ik ook even in de boekenkast ga neuzen…

Rugpijn

Vorige week had ik een korte mailwisseling met een lezer van dit blog over 'rugklachten'. 

Af en toe werd ik in het verleden door forse rugklachten stilgezet. Nee, ik ga hier niet klagen, het was echt af en toe. Ik had wel vaker een stijve rug, maar als ik geen kant meer uit kon was dat echt een uitzondering. Een paar keer in een 40-jarige carrière. Ik citeer uit eigen werk:

“Deze week schuifel ik als een krom oud mannetje door het huis. Ik lijk mijn overgrootvader wel. Er is een foto van hem, waar hij krom gebogen met een stok door de Huizumerlaan in Leeuwarden loopt. Maar bij hem kwam het door het zware werk op het land. En waarschijnlijk ook door de zware jeugd die hij heeft gehad: als tienjarig jongetje al door een hardvochtige stiefmoeder de deur uit gezet om te moeten werken. Wat dat betreft ben ik in een luxe omgeving opgegroeid.

Het is me in mijn rug geschoten. Dat heeft voor mij altijd iets lachwekkends, alsof ik een karikatuur van mezelf ben geworden. De wereld gaat gewoon door en ik schuifel vertraagd als een overjarig exemplaar van de menselijke soort door het huis. Je wilt wel sneller, maar het lukt niet. De telefoon moet ik laten gaan omdat ik er toch niet op tijd bij kan zijn. De bel gaat vanwege een postpakket en de post wordt bij de buren afgeleverd omdat ik niet op tijd bij de deur ben.

Het schoot er in toen ik voor mijn werk in Harlingen was. Ik ruimde wat spullen op in het hotel en zou wat in de pedaalemmer gooien. Het deksel ging niet open, dus ik bukte. En krak! Ik stond aan de grond genageld. Met veel moeite ben ik de trap afgedaald. Ik belde mijn werk af en de eigenaar van het hotel bracht mij naar het station. Daar stapte ik gelijkvloers in de trein naar Leeuwarden.

In Leeuwarden moest ik overstappen, maar zonder me ergens aan vast te houden kon ik niet lopen. De overstap miste ik. De conducteur heeft mij fysiek begeleid naar de volgende trein. Toen ik eenmaal zat ging het wel weer. Maar hoe moest ik de overstap naar Alkmaar halen?

Ik belde Tineke op of ze me ergens onderweg kon helpen met de overstap. Ze reisde me tegemoet naar Almere en reisde mee naar Amsterdam Centraal. Daar zorgde ze dat ik in de trein naar Alkmaar terecht kwam. Zonder haar fysieke ondersteuning had ik het niet gered. wat wel ernstig was, was dat ze er ook nog om moest lachen. Dat was dus echt leedvermaak…

In Alkmaar stond mijn fiets op het station. En fietsen lukte wel. Ik ben tot aan de achterdeur van ons huis gefietst. Daarna ben ik schuifelend naar boven gegaan en de eerste dag niet meer uit bed gekomen. De volgende dagen bracht ik min of meer schuifelend door.”

Mijn vader had regelmatig last van zijn rug. Ooit stapte hij in Leiden uit de trein en net op dat moment ‘schoot het er in’. Het verhaal gaat dat het hele treinverkeer in de Randstad ontregeld raakte omdat mijn vader niet meer voor-of achteruit kon.

Kennelijk heb ik die fysieke kwetsbaarheid van hem geërfd. Maar volgens een bevriend fysiotherapeut zit deze rugpijn gewoon tussen de oren. Als ik teveel wil word ik op deze manier terug gefloten. Hij zei: “Het is niet je zwakke plek, maar je sterke plek. Hij laat je voelen als je over je grenzen heen gaat…” Dat vond ik ook niet echt een troost.

De afgelopen jaren ben ik niet meer op bovenstaande wijze stilgezet. Of ik ga niet meer over mijn grenzen heen, of ik heb een goede behandelaar (af en toe een onderhoudsbeurt met de zogenaamde BSR) of het is een combinatie van allerlei factoren.