Ont-managen

Ruim veertig jaar heb ik met leidinggevenden te maken gehad. Later werden ze managers genoemd. Niet dat er dan enige nieuwe kennis was toegevoegd: het moest nu alleen allemaal in de Engelse taal. Toch is er officieel wel verschil tussen beide functies. Een leidinggevende is niet per definitie een manager.

Met de ene leidinggevende kon ik beter door één deur dan met de ander. Dat hing samen met een aantal factoren, zoals

a) de breedte van de deur

b) mijn omvang

c) die van de manager.

Er waren leidinggevenden die medewerkers vleugels gaven, je kon als team en als persoon veel beter werken dankzij die manager. Er waren er ook bij die een regelrecht rampenplan waren: ze richtten vooral schade aan. Of ik met een leidinggevende overweg kon hangt overigens natuurlijk ook samen met mijn eigen persoonlijke ‘allergieën’.

Paniek

Wat ik in de zorg al die jaren belangrijk vond was de affiniteit die managers hadden met de zorg. Er waren leidinggevenden die geen enkel idee hadden wat er op de woningen gebeurde. Zoals een manager die zei dat er in het weekend toch niemand aan het werk was. Deze leidinggevende had kennelijk niet door dat het werk op instellingen dag en nacht door gaat. Geen idee wat er allemaal gebeurde, behalve wanneer de inspectie op bezoek zou komen. Paniek in de tent. Iedereen moest overuren maken. Opeens moest alles op orde zijn, alsof de Koningin langs kwam. Zelfs de bloemen bij de ingang werden extra verzorgd.

In die ruim veertig jaar heb ik een voortdurende golfbeweging mee gemaakt. Moet een manager dicht bij de werkvloer zitten, de inhoud kennen, of moet hij juist afstand bewaren en vooral ‘managen’? Het schijnt moeilijk te zijn om afstand en nabijheid goed af te stemmen. Afstand betekent ook weinig ondersteuning, nabijheid betekent soms ook veel controle.

En nu lees ik (met dank aan Henk R) dat de manager zijn langste tijd heeft gehad. Nergens vallen zoveel klappen als in het management. In 2014 gingen 30.000 management-banen in rook op. En dat terwijl er veel minder gerookt wordt.

Zonder manager?

Die indruk had ik overigens zelf ook al. Teams worden geacht zelfsturend te zijn. Er zijn zelfs al grote organisaties die zeggen zonder managers te werken. Bij één van mijn werkcontacten als ZZP’er is de overhead inmiddels nog maar zo’n 35% van wat het geweest is. Dat is een kleine organisatie, de grote ‘intramurale’ organisaties blijken vaak aanzienlijk duurder. Eén van de beste recepten is volgens mij: het geheim van de kleine organisatie.

Hoe men in de zorg de steeds toenemende bureaucratie (vooral veroorzaakt door de zorgverzekeraars) onder controle houden is daarbij nog wel een spannende zaak. Om dat allemaal te controleren is er weer van alles nodig. Grote organisaties én zorgverzekeraars lopen beiden voortdurend het risico dat ze de zorg onnodig duur maken. Omdat niet de zorg, maar de controle op de zorg (te) belangrijk wordt gevonden.

Ik heb kleurrijke managers meegemaakt. Ik zou een boek over al hun  verschillende manieren van leidinggeven kunnen schrijven. Maar als ik het goed begrijp zou het een geschiedenisboek worden. Tenminste: als Intermediair (07-05-2015) gelijk heeft…

Herder of huurling?

Zo had ik het nog niet bekeken…
De dominee (op TV) preekte over één van de bekendste gedeelten uit de Bijbel: de gelijkenis van de goede herder. Wie is er eigenlijk een goede herder? Dat is iemand die zijn schapen kent.

Nu ken ik deze dominee wel en ik weet dat hij ook op de hoogte is van wat er bijvoorbeeld in de zorg gebeurt. 

“Er zijn teveel mensen die leiding kunnen geven, er zijn te weinig mensen die herder kunnen zijn. Er worden tegenwoordig managers met een missie ingevlogen: zij moeten de tent efficiënt draaiende houden. Maar kennen ze ook de mensen om wie het gaat?”

Ik ken instellingen waar zulke ingevlogen managers – zonder dat ze ooit de mensen hebben gezien om wie het gaat – zeer ingrijpende en schadelijke beslissingen hebben genomen. Hoe groter de organisatie, des te meer kans bestaat dat het op dit punt mis gaat. Een groot hoofdgebouw vér van de cliënten af, waar de beslissingen worden genomen. Sorry, dominee Willem, ik dacht even verder op mijn eigen spoor…

De dominee zei: zulke leidinggevenden zijn geen herders, dat zijn huurlingen. Oftewel om mijn vroegere collega Chiel Egberts te citeren (jn Klik): “Het zijn net meeuwen. Ze pikken weg waar ze iets weg kunnen pikken”. Maar verbondenheid, ho maar!

Tsja, en de dominee nam meteen ook nog een ander thema mee. “En dan heb je goed gezorgd voor iemand, maar nee hoor, je krijgt alsnog op je kop, want je hebt het protocol niet gevolgd…”

Was dat nou vervelend om tijdens de kerkdienst zó aan het werk te moeten denken? Nee, dat was het niet. Ik dacht ook meteen: wat gaat zo’n gelijkenis in de Bijbel diep. Hoe ánders kijkt Jezus naar mensen! Als goede herder die zijn schapen kent!