Fries fietsen

Eén van mijn fietsen staat standby in Fryslan. Als ik daar werk wil ik 's avonds ook mijn hoofd nog even leeg kunnen fietsen. 
Het centrum van Workum met de Sint Gertrudiskerk

Ik besloot deze keer niet vanuit Harlingen te fietsen, maar een startpunt in de Sudwesthoeke te nemen. Dus nam ik de trein. Het werd uiteindelijk Workum. Toen ik de trein uitstapte begon het meteen te regenen. Dat was dus weer eens goed gepland, al zeg ik het zelf.

Ik fietste met gezwinde spoed naar het centrum van Workum. Niet dat het zo’n grote plaats is, maar het station ligt buitengaats. Daar was de grond destijds goedkoper om een spoorlijk aan te leggen. Het oude centrum van Workum ligt zo’n twee kilometer westwaarts, richting IJsselmeer. Vroeger was Workum dan ook een zeehaven.

Jullie moeten niet te gering van Workum denken. De plaats kreeg al in 1399 stadsrechten. Workum is dan ook geen dorp, maar één van de elf Friese steden. En dat is hier te zien ook, bijvoorbeeld aan de grote huizen in het centrum en aan de grootse Sint Gertrudiskerk.

De bekendste inwoner van Workum was waarschijnlijk Jopie Huisman, naar wie het Jopie Huisman-museum is genoemd. Hij verzamelde van alles en schilder ook van alles en dat is allemaal ondergebracht in één van de meest originele musea van Nederland. Maar er zijn hier meer musea, zoals het Museum Kerkelijke kunst, het Kapper en Scheermuseum Doeleman en het Koeienmuseum. In al die musea zit je droog als het buiten regent.

Maar het regent nooit een hele dag, dus stapte ik weer op de Gazelle, een met stang uitgerust herenrijwiel. Dat is even wennen, soms vergis ik me, want mijn andere fietsen zijn damesfietsen. Gelukkig is er in Friesland veel gras waar je wat zachter in kunt vallen.

Makkumerwaard

Ik koos de weg richting de IJsselmeerdijk. Tot voorbij Gaast hield ik het droog, maar daarna begon het écht te hozen. Met gezwinde spoed haastte ik mij naar de eerstvolgende bebouwing. Dat was het dorpje Piaam. Daar vond ik onderdak in een schuur waar twee stoelen stonden die gedrapeerd waren met spinnenwebben. Het dak lekte niet en ik had hier een geriefelijke tijd terwijl het buiten zelfs af en toe donderde en bliksemde.

Cornjum bij de Kop van de Afsluitdijk

Toen het weer droog werd fietste ik verder noordwaarts en kwam in Makkum aan. Ook dit is een mooi stadje, maar meer bescheiden dan Workum. Makkum is bekend vanwege een kolossale scheepswerf én vanwege het Makkumer aardewerk. Ik besteedde (te) weinig tijd aan Makkum, maar is was er vaker geweest en de mensen zijn er aardig en niet haatdragend.

Schapen op de IJsselmeerdijk

De volgende etappe leidde naar de Kop van de Afsluitdijk. Ik weet niet of jullie die kop in klimatologisch opzicht kennen, waar het kan er behoorlijk bulderen. Bovendien begon het weer te regenen. Ik besloot een tijdelijk onderkomen aan te vragen in het plaatselijke restaurant. Ik bestelde meteen maar een warme maaltijd die snel werd opgediend. Ik was dan ook de enige gast.

De laatste etappe voltrok zich in het bijna donker: tien kilometer naar Harlingen. Daar ging ik nog even op bezoek op een woning. Toen was het tijd om het hotel weer op te zoeken en me voor te bereiden op de volgende werkdag.