Stalkers (m/v)

Af en toe kijk ik naar een programma over stalkers. Dat komt omdat ik graag wil weten wat voor persoon er achter de stalker zit. 

Een paar weken geleden zag ik een TV-programma over een vrouw die haar ex beschuldigde van ‘stalking’. Ze kreeg de meest verschrikkelijke SMS’jes en appjes. Hij reed meerdere malen per dag door de straat en had ook de ramen beklad. Dat moest wel een verschrikkelijke man zijn.

Geleidelijk werd in het programma duidelijk dat er iets anders aan de hand was. Niet de man stalkte zijn ex, maar de vrouw stalkte haar ex. Ze lokte hem dusdanig uit dat hij uiteindelijk zijn geduld verloor. Zo reed ze hem klem en zijn reactie zette ze op de film. Maar op de film vertelt ze dat hij háár heeft klemgereden.

Toen de vrouw geconfronteerd werd met deze andere kant van het verhaal ontkende ze glashard. Het was toeval, het was een incidentje, er was niets van waar, en het kwam allemaal voort uit het feit dat haar ex het allemaal zo slim aanpakte dat zelfs journalisten alleen maar zijn verhaal geloofden. Ook een professioneel hulpverlener, gespecialiseerd op het terrein van stalking, slaagde er niet in om de vrouw anders naar de situatie te laten kijken. Speelde ze dat? Of wist ze werkelijk niet dat de situatie anders lag?

Het was trouwens niet de eerste keer dat dat gebeurde. Ook in een eerdere uitzending bleek dat het niet de man was die de vrouw stalkte, maar de vrouw die de man stalkte. Ook zij bleef totaal ontkennen dat ze stalkte, ook alle bewijs op camera was volgens haar onwaar.

Ik denk dat mannen veel vaker stalkers zijn dan vrouwen, maar dat we niet moeten vergeten dat het ook vrouwen kunnen zijn die stalken. Ik vermoed dat bij stalkende mannen vooral de narcistische trekken overheersen (krenking) en bij narcistische vrouwen de borderline trekken (boosheid om verlating, controlebehoefte). 

Het deed me denken aan een onderzoek naar de Theory of Mind. In hoeverre zijn kinderen in staat om vanuit de positie van de ander te kijken? Kunnen ze begrijpen dat iemand anders vanuit een ander perspectief kijkt dan zijzelf? Dit vermogen ontwikkelt zich geleidelijk tussen de twee en de zes jaar, maar dan is het nog steeds niet klaar.

Stalkende mannen hebben vaker narcistische trekken, stalkende vrouwen hebben vaker borderline trekken

Mijn idee is dat mensen bij stress meer vast gaan zitten in hun eigen kijk op de zaak en zich niet meer goed kunnen verplaatsen in de kijk van de ander. Dat verschijnsel noemt professor Anton Došen ‘cognitieve desintegratie’. Dat wat je in een relaxte situatie nog wel kunt vatten blijkt je onder stress niet meer te lukken. Je zou kunnen zeggen dat mensen onder invloed van stress meer egocentrisch gaan functioneren. Deze vrouw leek ook niet meer in staat om vanuit het perspectief van haar ex te kunnen kijken.

Het trieste was dat er ook een aantal kinderen betrokken waren bij deze vechtscheiding. Die werden als pion door de vrouw ingezet. De ex mocht vanwege zijn wangedrag zijn kinderen niet meer zien. Ze kon zich dus ook niet verplaatsen in het perspectief van haar kinderen die waarschijnlijk wél hun vader wilden zien. Via de kinderen werd de vader gestraft. Dan twijfel ik ook aan de opvoedingscapaciteiten van de moeder. 

Narcisme en kritiek

Maakt het voor mensen met narcisme uit van wie ze kritiek te verduren krijgen? En wat is het verschil met mensen bij wie geen narcisme is vastgesteld.

Daar deed professor Constance Sedikides onderzoek naar. Volgens hem raakt kritiek mensen die niet-narcistisch zijn in hun zelfbeeld. Ze zijn er door ‘geraakt’.

Waar Sedikides niet over schrijft is dat er vervolgens verschil is tussen de wijze waarop mensen met kritiek om gaan. Kunnen ze bijvoorbeeld de zaak scheiden van wie ze als persoon zijn? “Ik ben waardevol, ook al heb ik dit niet goed aangepakt…” of “Wat stom, zie je wel, ik kan ook niks.”

Lagere of hogere status?

Bij narcisten blijkt een aanzienlijk verschil te zijn wat betreft de persoon die kritiek levert. Narcistische mensen reageren veel heftiger op mensen die ‘een hogere status’ hebben, dan op mensen met een ‘lagere status’.

Lagere status

Geparafraseerd: als een collega – die geen bedreiging vormt – kritiek geeft heeft de narcist daar wel zijn eigen manieren voor om daarmee om te gaan, bijvoorbeeld: er overheen praten, het negeren, er een grap over maken.

Daarnaast zet hij zijn ‘vergelijkende strategie’ in. “Ik heb een universitaire opleiding en jij hebt maar HBO”. “Ik heb 20 jaar ervaring en jij komt pas kijken.” Het tast hem in zijn eigenwaarde niet aan, hij raakt niet van zijn stuk en vergeet het ook snel weer.

Hogere status

Echter, als iemand met een hogere status kritiek heeft, dan wordt het spannend. Zullen ze – net als de niet-narcisten- gaan twijfelen aan zichzelf? Stellen ze hun gedrag bij? Nee…

Opmerkelijk is dat narcisten onbewust een strategische keuze maken. Bij een als aanval ervaren opmerking van iemand met een hogere status zetten ze alle beschikbare middelen in. Ze gaan bijvoorbeeld overbluffen, ze voegen onbetrouwbare informatie toe, ze maken zichzelf groter, ze gaan manipuleren. “Elk  weldenkend mens kan vanuit de wetenschappelijke literatuur weten dat…”  Dat is pure bluf, zou je navragen welke bronnen er dan zijn, dan komt er geen concreet antwoord.

Het wonderlijke is het zelfbeeld van narcisten niet daalt door de inzet van dergelijke strategieën: ze kunnen zelfs hun eigen woorden gaan geloven. Uiteindelijk kom je dan op de pathologische leugenaar uit.

Relaties

Verdraaiingen zie je ook in de romantische sfeer. Als een narcist wordt afgewezen door een door hem/haar gewenste partner wordt negeert hij/zij de afwijzing. Hij is niet aan de kant gezet, hij heeft haar nooit aantrekkelijk gevonden. Als het gaat om het verbreken van een relatie was de narcist er tóch al helemaal klaar mee, hij voelt zich zelfs opgelucht. Een andere strategie is dat de ex gestalkt gaat worden: dat is ook een manier om met de krenking van een verlating om te gaan.

Gevoeligheid

Narcistische mensen zijn doorgaans extravert. Ze zijn zeer gevoelig voor de beoordeling door anderen. Dat maakt hen kwetsbaar. Een kritisch oordeel wordt door hen als krenking ervaren. Op een klein beetje kritiek kan een zware emotionele ontploffing volgen.

Samenvattend

Naar mensen die lager zijn in status zetten narcisten hun gebruikelijke ‘vergelijkende’ tactieken in (‘ik heb meer opleiding, meer ervaring, een mooier huis’). Als mensen een hogere status hebben doen ze er alles aan om toch overeind te blijven. De strijd wordt niet meer met open vizier gevoerd, er wordt onbetrouwbare informatie toegevoegd, er wordt gemanipuleerd.

Mocht je je door een narcist op oneigenlijke wijze gemanipuleerd voelen, wordt de informatie gemanipuleerd (soms zonder dat je dat kunt bewijzen), dan is er één troost. Waarschijnlijk had je meer kennis van zaken dan de narcist. Die kon daar alleen niet tegen en moest daarom vals spel gaan spelen…

De stalker

De vragen 'wie ben ik?' en 'wie ben jij'? en: hoe is onze relatie tot elkaar? kunnen bijvoorbeeld worden toegespitst op de kenmerken van de stalker. Angst en woede drijven stalkers soms tot zeer extreem gedrag.  Maar eerst nog een vervolg op het blog van gisteren.

In het Tijdschrift voor Psychiatrie werden ooit de onderstaande vragen gesteld. Alleen ben ik vergeten wie ze stelde…

1) Kan degene die het gevoel heeft van de ander te houden ook van zichzelf houden?

2) Houdt hij (of zij) van de ander zoals hij (of zij) is?

3) Waardeert hij zichzelf om wie hij of zij is?

De auteur voerde destijds aan dat de meeste mensen pas het gevoel hebben te mogen zijn wie ze zijn als ze gewaardeerd en bevestigd worden door de ander. Het betekent dus dat je de ander nodig hebt voor de waardering van jouzelf.

Onlangs hadden we een bespreking waarbij dit thema aan de orde kwam. Wat maakt dat je mag zijn wie je bent? Met in het verlengde de vraag: mag ik er ook van mezelf zijn als de ander mij niet waardeert? Het bleek dat iedereen de waardering door de ander nodig had om zich 'beter' te voelen.

De schrijver van het artikel vindt dat nier vreemd. Hij meent dat onze maatschappij zó narcistisch in elkaar zit dat we bijna altijd de ander nodig hebben om onszelf gewaardeerd te voelen. Dat maakt ook dat we voor de ander willen zorgen. We hebben de ander nodig om daarmee waardering te winnen (Paulien Lampe schrijft in dat verband over het Moeder Theresasyndroom: het verslaafd zijn aan het helpen om jezelf beter te kunnen voelen).

De ander als bezit

Laten we het er op houden dat we allemaal waardering door de ander nodig hebben. Mensen zijn geen losse eilandjes. Maar als je emotioneel afhankelijk bent van de ander om er te mogen zijn wordt het een ander verhaal. Dan leidt het tot pathologische trekken om de ander maar te mogen ‘bezitten’.

Het verschijnsel ‘stalken’. 

Daarmee kom ik uit op het onderwerp ‘stalking’. De stalker ziet de ander als zijn ‘bezit’. Hij is ontzettend jaloers als een ander aandacht van zijn ‘bezit’ krijgt. Hij heeft de ander nodig om er zelf te mogen zijn. Als die ander er niet voor 100% voor hem is, dan leidt dat tot een peilloze diepte van angst, die tot uiting komt in de vorm van jaloezie.

Het lijkt er op dat de stalker de ander in zijn bezit heeft. Zo voelt dat inderdaad ook voor het slachtoffer van stalking. Je kunt geen kant uit, want overal word je gecontroleerd. De stalker is daarin grenzeloos en onverzadigbaar.

Als je kijkt naar de persoon van de stalker, dan zie je dat hij emotioneel zó kwetsbaar is dan hij in feite niet kan leven zonder het onder controle en in bezit hebben van de ander. Margareth Mahler zou in dat verband spreken van een verstoring van het separatie-individuatie proces. 

De stalker is in een vroeg stadium in zijn sociaal-emotionele ontwikkeling vastgelopen. Het is de persoon in feite niet gelukt om een eigen ik op te bouwen.

Je zou kunnen zeggen: zoals hij vroeger niet kon verkroppen dat hij de aandacht van zijn moeder moest delen met anderen (een fase waar alle peuters door heen moeten), zo kan hij het nu niet verkroppen dat hij de aandacht van zijn geliefde ‘object’ moet delen met anderen.

Stalkers hebben sterk narcistische trekken. De angst en woede die  ontstaat als de ander niet jouw bezit blijkt te zijn wordt door psychiater Heinz Kohut de 'narcissistic rage'  genoemd. Het is zó totaal niet te verdragen dat de ander niet je bezit is dat je desnoods in staat bent je geliefde te doden. Alles is beter dan haar te moeten delen met een ander.

Controle: de stalker

Eén van de meest complex te bestrijden en te behandelen gedragingen is die van het stalken. Ook het stalken heeft alles te maken met de behoefte aan controle over de ander.

TV

Momenteel draait bij SBS het programma ‘Gestalkt’ en daar zie je goed in wat de patronen van het stalken zijn. De ander heeft de relatie verbroken en de persoon in kwestie kan dat niet verdragen. Op alle mogelijke manieren probeert hij/zij alsnog de controle terug te krijgen. Meestal gebeurt dat door een oplopende reeks aan bedreigingen of soms ook daadwerkelijk verbaal of fysiek geweld.

Zes typen

Nu worden er in de literatuur zes verschillende typen stalkers beschreven. de stalker die het meest bekend is is die van het type van de afgewezen stalker: hij stalkt nadat een ex-partner de relatie beëindigd. Er staat hij, maar er zijn ook vrouwen die een ex-partner stalken. Een vriend van mij werd jaren geleden tot op zijn werk dagelijks gestalkt door zijn ex. Het ging zó ver dat hij een andere werkplek moest zoeken.

Deze dader wil graag weer een relatie met de stalker of zoekt wraak.  Deze stalker is vaak extreem jaloers en is het meest vasthoudend van alle typen.

Sociaal wordt asociaal

Opmerkelijk was het voorbeeld van een stalker die een vrouw die zich eenzaam voelde binnen enkele maanden helemaal voor zichzelf had. Hij deed de boodschappen, bracht de kinderen naar school. Aanvankelijk vond die vrouw dat heerlijk na alle drukte die ze had meegemaakt. Maar toen ze uit die droom ontwaakte ontdekte ze dat ze helemaal geen sociale contacten meer had. Toen de vrouw probeerde om weer de deur uit te gaan was het huis te klein. Hij zorgde zo goed voor haar, waarom was ze dan zo ondankbaar? Hij wilde haar dus helemaal voor zichzelf. Wat in eerste instantie leek als sociaal gedrag, was dus asociaal gedrag.

Op een gegeven ogenblik verbrak de vrouw de relatie: de man moest het pand verlaten. Dat deed hij zonder problemen. Maar daar zat nu juist de angel. Hij hoopte daarmee dat zijn ex zou denken dat het toch nog mee viel en dat ze hem terug zou roepen. Toen dit na enkele dagen niet was gebeurd begon het stalken. Iedere dag reed hij een paar keer langs haar huis, dagelijks kreeg ze berichten en de bedreigingen werden steeds ernstiger. Ook stond hij frontaal voor haar raam als ze ’s morgens de gordijnen open deed of om de hoek in de steeg als ze de kinderen naar school bracht.

Door dit gedrag had de man alsnog de controle over zijn ex: ze dacht aan niets anders meer.

Psychologische achtergrond

Kijk ik naar de psychologische achtergrond van deze vorm van stalking dat dan zie ik o.a.

  1. Mensen met narcistische persoonlijkheidstrekken. Ze ervaren de verlating als een krenking. Zij zijn toch de liefste en de beste?

2. Er zijn ook mensen waarbij ik denk dat de zogenaamde angstig-ambivalente hechting een rol speelt: de boosheid om de verlating is zó groot dat ze de ander pijn gaan doen.

3. Tenslotte speelt jaloezie een grote rol: als er een nieuwe partner in beeld lijkt te zijn wordt de jaloezie nóg groter: dat is voor de ex-partner onverdraaglijk. Hij wordt ingeruild voor een ander exemplaar. Precies zoals de peuter de beleving kan hebben dat een jonger broertje of zusje zijn of haar plek inneemt.

Jaloezie

De geboorte van een tweede kind in het gezin roept bij oudste kinderen vaak jaloezie-gevoelens op. Je ziet zelfs peuters die lief proberen te doen tegen het pasgeboren broertje of zusje, maar als je naar het gezicht kijkt zie je de spanning. De baby wordt als indringer en dus als bedreiging ervaren.

Volgens Anna Freud (de dochter van…) is de peuter net bezig om zijn eigen autonomie te vestigen. Hij is twee en hij zegt nee. Dat roept allerlei emoties op. En nét op dat moment komt er een nieuw exemplaar de wieg inzeilen. De pasgeboren baby krijgt veel aandacht. Dat zou het gevoel kunnen geven dat je ingewisseld wordt door een nieuwer en liever exemplaar.

Bij de meeste jonge kinderen zie je na de geboorte van een baby dat ze weer veel dichter bij hun moeder willen zijn. Ze willen vaker op schoot zitten. Ze gedragen zich ‘kleiner’. Sommige peuters gaan weer in hun broek plassen.

Er wordt wel beweerd dat dit gedrag een reactie is op de verminderde aandacht van de kant van de moeder. Maar het blijkt dat ook bij moeders die juist in deze tijd extra aandacht aan de peuter geven toch hetzelfde gedrag te zien is. Zelfs als de baby op schoot ligt bij de moeder wil de jonge peuter er bij. Hij eist letterlijk en figuurlijk zijn plek op. Sommige kinderen gaan in deze periode extra naar de vader toe trekken.

Ik heb ooit geleerd dat peuters vanaf 1½ jaar jaloers kunnen zijn, maar recent onderzoek geeft aan dat deze gevoelens al merkbaar kunnen zijn op de leeftijd van rond de zes maanden.

Als jaloezie niet alleen in de peutertijd een rol speelt, maar ook gedurende de verdere ontwikkeling van de persoon kan deze jaloezie grote gevolgen hebben voor de latere (volwassen) persoonlijkheid. Zo lijken bij borderline-persoonlijkheidsstoornissen onderliggende jaloezie-gevoelens vaak een aanzienlijke rol te spelen. De volwassene heeft bijvoorbeeld de indruk dat een broer of een zus door de ouders meer gewaardeerd wordt en vaker aandacht krijgt.

Een mevrouw vertelde dat ze op haar veertiende jaar haar eerste vriendje had. Haar moeder – bij wie later een borderline-persoonlijkheidsstoornis werd vastgesteld – was zó jaloers dat ze vlak voor een feest waar dochter en vriendje naar toe zouden gaan de mooiste jurk van haar dochter stuk knipte.

De volwassen hechtingsstijl is van invloed op de wijze waarop gevoelens van jaloezie een rol spelen in het gedrag. Dat is logisch, want angst voor verlating is één van de belangrijkste aspecten van onveilige hechting. Het kan bijvoorbeeld leiden tot ernstig stalkgedrag. De partner wil continu weten waar de ander zich bevindt en met wie de ander in gesprek is.

Bij een veilige, zekere hechting is dat beeld minder aanwezig. Het beeld van zichzelf én van de ander is positiever. Daardoor is er veel minder sprake van angst voor verlating.

Omgaan met verzet

Op 15 september ging het blog over verzet en machtsstrijd.

Een lezer vroeg om een vervolg. Als iemand ‘zo’ in elkaar zit, wat kun je daar dan nog mee?

Daar valt geen algemeen antwoord op te geven, omdat de kleur van het verzet heel verschillend kan zijn. Soms zit het antwoord in het bewust niet de strijd aangaan (zoals Martin Appelo dat beschrijft in zijn publicaties over de ‘betweter’, één van de meest bekende uitingen van verzet).

Een andere vorm is het zogenaamde ‘kwaadaardig narcisme’. Dit is ook terug te vinden bij sommige vormen van borderline. Deze narcist is er alles aan gelegen om andere mensen onder controle te houden. Dat doet hij bijvoorbeeld door te manipuleren, door onvoorspelbaar en wisselend gedrag, of juist door bijvoorbeeld door een continue boosheid de ander afhankelijk te houden (aldus dr. Sam Vaknin). Mensen met narcisme veranderen niet snel. Bij dit narcisme in relaties is het advies juist om de ander (degene die onder controle wordt gehouden) weerbaarder te maken, te leren om grenzen te stellen.

Tijdens de behandeling probeert de kwaadaardige narcist ook de behandelaar onder controle te krijgen. “Nu heb ik al vier maanden gesprekken met u. Wanneer begint de therapie nu eens?” Essentieel is dat de behandelaar wel de communicatie onderkent, maar niet de machtsstrijd aan gaat.

Onvrijheid

R.E. Abraham gaat in op de achtergrond van permanent verzet (in al zijn uitingsvormen). De oorsprong van het gedrag is volgens hem niet iemand met die de baas wil spelen, maar de innerlijke machteloosheid van de persoon in kwestie. Dat werpt een heel andere blik op het gedrag. Plat gezegd: een dominant persoon die eigenlijk een grote angsthaas is. De angst overheerst om overheerst of vernietigd te worden. En het antwoord daarop is: zorgen dat je de controle over de ander vasthoudt. Dit patroon kan zo chronisch zijn dat iemand werkelijk niet in staat is om te veranderen. Er is sprake van gebondenheid, in plaats van verbondenheid.

Voor de persoon in kwestie kan dit een zelfdestructief patroon worden. Precies zoals de peuter een bijzonder lekker toetje kan weigeren vanuit innerlijk verzet en daarmee zichzelf in de vingers snijdt, zo rijdt de volwassen persoon in deze fase van de sociaal-emotionele ontwikkeling zichzelf in de wielen. Hij is zó bang de controle te verliezen dat er verstarring optreedt. Het eenmaal gevestigde patroon van reacties kan niet meer doorbroken worden. ‘Het is verzet om het verzet’ (R.E. Abraham).

Er zijn mensen bij wie deze behoefte in feite voortkomt uit de angst dat ze ‘desintegreren’ als ze hun verzet staken. Dat zijn ze zich zelden bewust. Maar ze hebben het gevoel dat het helemaal mis gaat, dat ze ophouden te bestaan, als ze hun verzet staken en hun boosheid opgeven. Dan is er niets meer. In het gedrag zit dus ook een verslavingskant. De angst leidt tot obsessieve gedragskenmerken. Stalken kan een voorbeeld zijn van dit obsessieve gedrag. Door de obsessie hou je de wereld (de ander) onder controle. Probleem met obsessies is dat ze zich doorgaans sterk uitbreiden en dat de angst er niet minder door wordt.

En hoe dan verder?

Ik geef geen concreet antwoord op de vraag van de lezer. Hij meldt in zijn omgeving dagelijks met iemand te maken te hebben die voortdurend lijkt vanuit verzet te handelen. Je bent echter niet de behandelaar van een familielid. Wat wel helpt is dat je het achterliggende principe kent. Mensen die voortdurend verzet vertonen en niet bij kunnen buigen zijn onvrij, gevangen in hun verzet. De oorzaak ligt in de voortdurende angst om de controle te verliezen. Het is belangrijk dat je een manier vindt waarbij je dit gedrag kunt plaatsen zonder dat je zelf ondergesneeuwd raakt. Grenzen stellen is essentieel, maar als je de strijd aan gaat verlies je het.