Geen noord maar zuid (6)

Ik was van plan geweest om naar het noorden te fietsen, maar het werd het zuiden. Maar om thuis te komen moet ik toch echt weer naar het noorden.

De weg vanaf Zuidland voert grotendeels door het natuurgebied langs de Bernisse. Dat heeft als voordeel dat ik minder geteisterd wordt door de frisser wordende en aanwakkerende westenwind. Bovendien is een deel van de route autoluw, dat scheelt geraas aan en in mijn oren.

Van Zuidland (links) via Abbenbroek naar Rozenburg (tegenover Maassluis)

Een aantal kilometers verderop ligt het dorp Abbenbroek. Een deel van het dorp is beschermd dorpsgezicht. Onder de rook van Pernis vind je namelijk een aantal prachtige historische dorpen en steden. Opmerkelijk is de geschiedenis van de dorpskerk. Vanaf 1788 werden er in het schip van de kerk geen diensten meer gehouden en aan het begin van de 20e eeuw waren de historische kerk en toren (uit de 13e eeuw) zwaar in verval geraakt. Tegenwoordig worden er weer twee keer per zondag kerkdiensten gehouden. Het gebouw is over gegaan naar de Hersteld Hervormde Kerk.

Een student aan de Technische Universiteit heeft een uitgebreide studie naar dit kerkgebouw gedaan. Dan hoor en lees je echte vaktaal. “Buiten nemen tweevoudig gelede steunberen de spankrachten en vormen tevens de scheiding tussen de gevelvlakken van de dwarstraveeën . In elk van deze topgevels bevinden zich vrij grote spitsbogige vensters met verschillende traceringen. De vensters verlichten via de dwarstraveeën ook de middenbeuk.” Bijzonder zijn in het kerkgebouw de zogenaamde klankpotten, een zeer oude uitvinding die maakte dat de voorganger door heel het kerkgebouw beter verstaanbaar was.

Beschermd dorpsgezicht van Abbenbroek

Sommige dominees zijn hier lang gebleven. Zoals ds. Onthonius Cornelius Schilders van Vrijbergen (van 1728 tot 1758). Zo’n naam spreekt toch echt tot de verbeelding. Wat was dat voor voorganger? Waarom is hij zo lang in Abbenbroek gebleven? Niemand kan het mij vertellen. Daarom neem ik maar een fietsbreak in de plaatselijke muziekkapel.

Na Abbenbroek volgen de historische plaatsen Heenvliet en Zwartewaal. Ik moet stampend op de trappers verder, want ik heb Tineke beloofd dat ik om 19 uur in Maassluis zal zijn. Het beboomde fietspad langs het Brielse Meer geeft gelukkig beschutting tegen de wind.

Europoort

Even voor Den Briel fiets ik de steile fietshelling vn de Brielse Brug op. Direct daarna volgt de Harmsenbrug over het Hartelkanaal en daarna de Calandbrug over het Calandkanaal. Daar wordt ondertussen een nieuwe brug op zijn plek geschoven. De economie mag dan deels tot stilstand zijn gekomen, aan de infrastructuur wordt nog steeds gewerkt.

Veerpont van Rozenburg naar Maassluis

Met gezwinde spoed fiets ik het steeds desolater wordende Rozenburg door. Het voormalige dijkdorp dat leefde van de agrarische sector ligt helemaal ingeklemd tussen de industrie-en bedrijventerreinen van Europoort. In de jaren ’60 en ’70 werd er veel nieuwbouw gepleegd, maar daarna hebben de ontwikkelingen grotendeels stil gestaan.

Ik weet nét de pont van 19 uur naar Maassluis te halen. Twee fietsers worden geweigerd: ze hebben geen mondkapjes. Dat wordt omfietsen of zelf iets bedenken. 

Via Spijkenisse (1)

Onze dochter heeft een wit voetje gehaald en zit met haar voet omhoog. En als je dan gevraagd wordt om iets voor haar op te halen, dan doe je dat natuurlijk. Ook al is het in Spijkenisse.

Je kunt in Spijkenisse komen met de trein en vervolgens de metro. Maar je kunt er ook op de fiets naar toe. Dat heeft mijn voorkeur. Dus besteeg ik vrijdag mijn Batavus Dinsdag. 

Zoals de trouwe lezers van dit weblog weten houd ik niet van vastgeroeste paden. Het voordeel van Delft en omgeving is dat er vele wegen zijn om in Spijkenisse te geraken. De enige hobbel onderweg is de Nieuwe Waterweg. Ten westen van Rotterdam kun je maar op drie plekken per pont en op één plek via een tunnel naar de overkant. Dat is trouwens al een hele vooruitgang. Jarenlang kon je als fietser alleen in Maassluis (per pont) naar de overkant.

Ik heb nog geen enkel idee welke oversteek ik ga wagen. Ik fiets gewoon mijn neus en mijn voorwiel achterna. Ik fiets langs Den Hoorn en vervolgens ook buiten langs Schipluiden, de hoofdstad van de gemeente Midden Delfland. 

Na meer dan een jaar schaven, boren en verven is de oude Trambrug over de Vlaardingervaart in volle glorie hersteld. Over deze brug reden de trams naar de veilingen van het Westland. Het is een fraai staaltje van industriële architectuur. De brug maakt deel uit van de fietsroute over deze oude trambaan.

Halverwege de route sla ik linksaf, langs de Middelwatering. Ik heb de noordwestenwind in de rug en fiets flink door totdat ik met piepende remmen tot stilstand kom bij de veerpont over de Noordvliet. Die vaart namelijk niet (dat rijmt).

Met een haakse bocht kom ik op het fietspad langs de Noordvliet uit. Maasland (met een mooi historisch centrum) laat ik rechts liggen. De Noordvliet gaat keurig rechtdoor, rechtstreeks naar het centrum van Maassluis, waar een standbeeld van Abraham Kuyper staat. Er wordt ook gesproken over een standbeeld voor Maarten ’t Hart, maar die schrijver heeft zich niet erg populair gemaakt in zijn geboorteplaats.

Mijn vader is kort dominee geweest in Maassluis, hij werd al snel te ziek om zijn werk nog te kunnen doen. Mijn moeder heeft zo’n 25 jaar lang in een flat aan de Nieuwe Waterweg gewoond.

Niet alleen Abraham Kuyper en Maarten 't Hart zijn in Maassluis geboren, maar ook weerman Marco Verhoef benevens het clownsduo Bassie en Adriaan. 

De veerpont naar Rozenburg was vroeger één van de drukste overvaarten van Nederland. Tegenwoordig vaart hij nog maar drie keer per uur. Als hij tenminste vaart. Want er werden vragen in de Provinciale Staten gesteld over de frequente uitval van de boten vanwege achterstallig onderhoud.

Met mij steken nog vijf fietsers, twee wandelaars en één auto van wal.

Al op de steiger aan de Maassluise zijde wordt mijn oor getroffen door een jonge vrouw die kennelijk een verschil van mening heeft met haar vriend. De hele overtocht gaat die ruzie door. Maar ook in Rozenburg is ze nog niet klaar met de berispingen aan het adres van haar vriend. "Wie denk je wel dat ik ben? Ik ben je sloofje niet! Man, word toch eens volwassen. Hoe oud ben je nu? 28! 28 en dan nog steeds niet volwassen. Een kind ben je, een klein kind!"

Rozenburg was ooit een agrarsich dorp, totdat de industrie van het Botlekgebied oprukte. Het dorp breidde sterk uit, maar na ruim een halve eeuw is al die nieuwbouw vergane glorie en heeft de verpaupering aanzienlijk toegeslagen. Her en der probeert men het dorp weer wat op te kalefateren. Rozenburg wordt aan alle kanten omgeven door industrie en haventerreinen.

Rozenburg heeft ook een vliegveld. Daar stijgen alleen modelvliegtuigen op...

Ik heb niet zoveel tijd en volg de fietsborden richting Spijkenisse. Er is ook een aantrekkelijker route via de historische dorpen Zwartewaal, Heenvliet en Geervliet. De kortere route loopt tussen de A 15 en de Betuwelijn. Overal dendert het vrachtverkeer en klinkt het gesis van de leidingen van de olieraffinaderijen rond de havens van het Botlek.

Via de Hartelbrug over het Hartelkanaal fiets ik Spijkenisse binnen. Ook dit voormalige dorp barstte een halve eeuw geleden uit zijn voegen vanwege de bouwactiviteiten. Het dorp was zelfs als groeikern aangewezen: om die reden werd de metro vanuit Rotterdam doorgetrokken. Tegenwoordig moet men alle zeilen bijzetten om de verpaupering tegen te gaan. Een groot deel van het centrum van de plaats (met tegenwoordig ruim 71.000 inwoners)  gaat op de schop.

De plek van mijn bestemming is snel gevonden. Ook deze wijk gaat kennelijk op de schop. Tussen de jaren '60 flats wordt overal nieuw gebouwd en er is een nieuw winkelcentrum. Het bleek over deze route ruim 25 kilometer naar Spijkenisse.

Rondje Westland (6)

Met een wijde boog brengt de Botlekbrug mij naar het dorp Rozenburg.

De natuur is hier ver te zoeken. Hoewel: als je beter kijkt is er natuurlijk altijd nog wel natuur in de vorm van diverse soorten gras, allerlei varianten op het thema (wat wij) ‘onkruid’ (noemen), meeuwen en konijnen.

Rozenburg ligt als een min of meer groen eiland temidden van het industriële geweld van de regio. Ooit was het een tamelijk welvarend agrarisch dorp, daarna vestigden er zich vrij veel forensen die hier redelijk groen konden wonen. Er was aanwas van jonge gezinnen en Bonny St Claire kwam hier in een wieg terecht.

Maar geleidelijk aan ging het steeds minder goed met het dorp. Dat leidde er zelfs toe dat in 2008 besloten werd de gemeente op te heffen wegens gebrek aan bestuurskracht. Kennelijk ontbrak zo langzamerhand ieder perspectief. Rozenburg is nu een deelgemeente van Rotterdam.

Veer Maassluis (2)De enige manier om het dorp uit te komen zonder direct weer tussen de industrie terecht te komen is: de veerpont naar Maassluis. Deze zeer druk gebruikte veerpont van Connexxion steekt 18 uur per dag de Nieuwe Waterweg over. De volgende oversteek voor fietsers ligt 15 km. naar het oosten: Nieuwe Waterweg bij Maassluisde Beneluxtunnel. De volgende (en laatste) oversteek (10 km.) naar het westen toe is de Fast Ferry tussen Hoek van Holland en Europoort. Maar die bleek vanmorgen niet te varen.

Maassluis heeft een kleine historisch centrum met daarom heen eindeloos uitgestrekte nieuwbouwwijken, parallel aan de Nieuwe Waterweg. Het meest monumentale gebouw in het centrum is de Grote Kerk met een wereldberoemd orgel. De meest bekende Maassluizer uit het verleden is Abraham Kuijper, die hier als bronzen beeld te tijd staat te doorstaan. De meest bekende Maassluizers in onze tijd zijn schrijver Maarten ’t Hart en weerman Marco Verhoeff.

Mijn ouders woonden vanaf 1982 in Maasluis en nu woont mijn broer er nog. Bij hem ga ik even op bezoek.