Het divergentiesyndroom

Al eerder noemde ik een boek van ouderenpsychiater Martin Kat uit Alkmaar. Het is een compact boek met veel informatie over de diagnostiek van psychische en psychiatrische stoornissen bij ouderen.

Diagnostiek is deels een ‘technisch’ vak en dat is aan dit boek ook te merken. Anderzijds wordt er veel casuïstiek beschreven, dat maakt het boek dan weer goed leesbaar. Aan het slot van het boek is een aantal schalen opgenomen die gebruikt worden in de zorg voor ouderen.

Ik geef één voorbeeld uit het boek over een thema dat mijns inziens nogal eens onderbelicht is: de gevolgen van een verschil in vitaliteit tussen beide partners in een relatie…

Tineke en ik merken dat uit elkaar groeien op een minder belastende manieraan den lijve. Tineke is vroeg uit de veren en functioneert dan in een hoog tempo, dat ik niet bij kan houden. Ik ben dan voornamelijk stram van lichaam en geest. Halverwege de middag begin ik op stoom te komen. Tineke heeft dan al een groot deel van haar energie verbruikt. Ergens tussen 14 en 16 uur hebben we een moment dat we elkaars tempo kunnen volgen....

Uit elkaar groeien

Het lijkt zo mooi, samen oud worden. Maar het kan ook ingewikkeld zijn. Bijvoorbeeld als er verschil in vitaliteit ontstaat.

Meneer van Beuzekom is 75 jaar oud, zijn vrouw is 55 jaar. Ze kregen twee kinderen, die nu volop aan het puberen zijn.. Voor meneer van Beuzekom is het allemaal veel te druk. Hij kan de interacties met zijn kinderen niet bijbenen. Bovendien verwachten ze van hem dat hij nog aan val alles mee doet en ook mee gaat naar een spannend pretpark. Bovendien moet hij in het weekend optreden als privéchauffeur om zijn dochter veilig thuis te brengen. Zijn vrouw verwijt hem dat hij te weinig bij de les is en te weinig beschikbaar voor zijn kinderen.

Eigenlijk zou meneer Van Beuzekom de opa van zijn kinderen moeten zijn. Van een opa mag je verwachten dat hij wat trager is. Dat hoort zelfs een beetje bij de ‘leukheid’ van opa’s.

Als je vitaal 60 en actief 40 bent valt het verschil in leeftijd misschien niet zo op. Maar iemand van 75 jaar, die wordt al best oud, vergeleken met iemand van 55 jaar.

Maar ook bij gelijke leeftijden kan het ouder worden met grote verschillen in vitaliteit gepaard kan. Dat noemt psychiater Martin Kat in zijn vorige week verschenen boek over ouderenzorg het divergentiesyndroom. Dat kan optreden bij partners die samen oud worden, maar bij wie een groot verschil in vitaliteit ontstaat.

Meneer van Gasteren (78 jaar) is nog volop actief. Hij heeft tal van hobby’s en gaat graag het dorp in. Het liefst maakt hij nog iedere dag een rondje op de fiets. Vroeger ging het echtpaar ieder jaar op fietsvakantie. Meneer van Gasteren begrijpt dat dat nu voor zijn vrouw teveel gevraagd is, maar hij zou nog wel graag naar een vakantiebestemming willen en dan de fiets mee. Zijn vrouw ziet dat helemaal niet zitten, ‘want dan zit ik daar maar in mijn eentje en jij bent lekker op stap’. Ze komt weinig meer buiten. Haar man heeft bijna alle taken buitenshuis op zich genomen. Maar ook dat verwijt ze hem. Een bezoek aan de supermarkt kan zomaar twee uur duren omdat hij weer tal van kennissen tegen komt.

Volgens Martin Kat kan het divergentiesyndroom één van de oorzaken zijn van depressiviteit bij ouderen. De manier waarop men elkaar vroeger wist te vinden is er niet meer, het echtpaar sluit niet meer op elkaar aan. Dat verwacht je niet na een huwelijk van ruim 50 jaar…

Drie vormen van divergentie

Martin Kat maakt onderscheid tussen drie vormen van divergentie:

a) divergentie op somatisch gebied: de één is lichamelijk nog gezond en actief, de ander is als gevolg van een wandeling van een kilometer de rest van de dag helemaal van slag.

b) psychische divergentie: de één is mentaal nog snel en flexibel, de ander kan nauwelijks meer veranderingen hanteren en heeft overal veel tijd voor nodig.

c) sociale divergentie: de één wil graag iedere dag op bezoek of ontvangt graag bezoek, houdt ervan om mensen te ontmoeten en deel te nemen aan clubs en de ander zit het liefste gewoon thuis en heeft liever geen drukte om zich heen.

Volgens Martin Kat moet je als behandelaar op deze situatie doorvragen als één van de partners met psychische problemen aanklopt.

Uit: Ouderenpsychiatrie: de praktijk. Herkennen en signaleren van psychische en psychiatrische aandoeningen. Auteur: Martin Kat. Bohn, Stafleu en van Loghum, 2019, 130 bladzijden, 29,50 euro.