Waterland, zandgrond en klei (3)

Ik was in een voortuin in Blokzijl op een bankje beland. Maar nu was het weer tijd om de fietskuiten te strekken.

Een mooie route is vanuit Blokzijl via Jonen naar Giethoorn. Jonen is een wonderbaarlijke buurtschap: het is niet per auto bereikbaar. Toch wonen er volgens mij alleen bemiddelde mensen. Ze hebben hun eigen parkeerplaats bij de pont en maken daarna de oversteek naar hun welgestelde buurtschap.

Maar ik volg vandaag het fietspad  langs de N 333 (van Emmeloord naar Steenwijk). Een vrij saaie provinciale weg die ik voorbij de buurtschap Muggenbeet zonder gestoken te zijn achter me laat. Daardoor kom ik in Scheerwolde.

Scheerwolde

Scheerwolde is ook een opmerkelijke plaats, want ik ben nog ouder dan dit dorp. Je zou zeggen: dat gebeurt alleen in de IJsselmeerpolders, maar nee hoor: het dorp werd in 1952 door koningin Juliana ‘geopend’. Het was bedoeld voor landarbeiders, maar die kwamen niet als gevolg van de mechanisatie van de landbouw. Dus dreigde het dorp een voortijdige dood te sterven. Maar ziet: daar kwam het toerisme en Scheerwolde bestaat nog steeds. Het telt één brievenbus en één gemeentelijk monument: het plaatselijke gemaal. Rond de dorpskern staan vier eengezinswoningen te koop voor ongeveer 100.000 euro per stuk.

Ik vervolg mijn weg nu langs het Steenwijkerdiep. De bedoeling is om op deze manier in Steenwijk te komen, maar ik weet van een vorige fietstocht dat het leven iets minder eenvoudig is: je fietst jezelf dan vast op diverse waterwegen. Dus sla ik op tijd weer af en terug naar de N 333, die mij naar Steenwijk leidt.

Steenwijk

Even voorbij de buurtschap Zuidveen fiets ik Steenwijk in. De stad wordt gedomineerd door de toren van de Sint Clemenskerk, die maar liefst 87 meter hoog is. Ook de kerk is van een aanzienlijke omvang.

Steenwijk is een ruim 750 jaar oude stad waar nog delen van de omwalling zichtbaar zijn. Helaas is het centrum wat rommelig doordat er niet zo zorgvuldig werd omgegaan met allerlei historische bouwwerken. Dat was al zo gedurende de tachtigjarige oorlog, toen de stad zó vaak van overheerser wisselde dat er uiteindelijk bijna niets meer over bleef om over te heersen.

De historische panden in Steenwijk staan her en der verspreid in de binnenstad. Overigens ontdekt ik na beter speurwerk enkele gebouwen die elementen van de Jugendstil laten zien, maar soms moet je daar wel erg goed voor kijken. En ze lijken ook aan verval onderhevig te zijn terwijl je er juist zuinig op zou moeten zijn.

Maar als we het over Jugendstil hebben: dan moet je in Rams Woerthe zijn, het voormalige stadhuis van Steenwijk (zie ook een eerder blog). Het is grotendeels opengesteld voor publiek en valt onder de Top 100 van Nederlandse monumenten. In de kelder is een permanente tentoonstelling gewijd aan Hildo Krop, destijds stadsbouwmeester van Amsterdam, die veel beeldhouwwerken die huizen en gebouwen in de stijl van de Amsterdams School sieren op zijn naam heeft staan. Maar dat alles heb ik al eerder in de vakantie bekeken, samen met Tineke. We waren zeer onder de indruk: echt een aanrader.

In de winkelstraten van Steenwijk doet zich een ander fenomeen voor: daar hangen honderden paraplu's boven je hoofd en in een andere straat tientallen BH's. Daar zit vast een diepere betekenis achter.

 

Advertenties

Rams Woerthe

Een artikel op 1 februari 2018 in de Volkskrant bracht mij er toe om een bezoek te willen brengen aan de villa Rams Woerthe in Steenwijk. Maar het was vooral Tineke die bijna niet meer weg te krijgen was uit dit huis...

Villa Rams Woerthe is het eerste van 35 nieuwe museumhuizen die Hendrick de Keyser de komende jaren opent. Je kunt er rondlopen, op allerlei plekken gaan zitten, de boeken bekijken. Je krijgt een handige audiotour die per kamer en soms ook per attribuut vertelt wat er te beleven valt. Eén van de kamers is in staat van restaurantie, daar kun je goed zien hoe complex de restauratie is en hoe nauwgezet deze moet worden uitgevoerd. Achter het stucwerk komen allerlei lagen behang tevoorschijn (ook op het plafond).

De schilderingen, maar ook het glas in lood , het houtwerk en het ijzerwerk, de plafonds, de vloeren, dat alles ademt de sfeer van Jugendstil en Art Nouveau.

Het huis werd in 1899 opgeleverd. Het is maar kort bewoond geweest; acht jaar na de oplevering overleed de eigenaar Tromp Meesters. Hij was rijk geworden in de houthandel, doordat hij als één van de eerste industriëlen de houtzaagmolens had vervangen door stoommachines. Die konden 24 uur houtzagen, en daar kon geen concurrent tegenop.

Mevrouw Tomp Meesters vond het huis te groot en verkocht het aan de gemeente Steenwijk. De villa heeft decennia lang dienst gedaan als gemeentehuis.

Helaas kun je op de bovenverdieping maar twee vertrekken bekijken, de rest wordt verhuurd. Het waren de slaapkamers van de familie Tromp Meesters en van het personeel. Ik vermoed dat er nu allerlei bureaus staan. Het zou mooi zijn als op termijn ook één van de slaapkamers in oude glorie kan worden hersteld.

Rams Woerthe staat in de Top 100 van Nederlandse monumenten. Rond het huis ligt een enorm park, dat ook in de stijl van rond 1900 werd aangelegd.

Tijdens je bezoek krijg je ook nog een kop koffie of thee geserveerd, tesamen met een luxe stukje koek en een vers gebakken ‘kniepertje’. Je waant je bijna de eigenaar van het huis als je in de veranda deze lekkernijen krijgt aangeboden.

In de kelder van het huis vind je een uitgebreide tentoonstelling over de Steenwijkse beeldhouwer en houtbewerker Hildo Krop, die decennia lang stadsbeeldhouwer was van Amsterdam. Op veel bruggen en op een aantal gebouwen in Amsterdam vind je zijn beeldhouwwerk terug. Zijn bekendste werk is het Monument op de Afsluitdijk.

Dan nog de vraag waar die naam Rams Woerthe vandaan komt. De eigenaar van het land was boer Ram. Woerthe betekent zoiets als 'uiterwaard'. Dit perceel was dus van oorsprong het land van boer Ram. Vandaar dus...