Werken in pyjama

Welke organisatie het betrof weet ik niet meer, maar dat doet er ook niet veel toe. Het gaat om het idee. 

In de ouderenzorg komen veel bewoners bij herhaling uit bed. Dat zou eigenlijk ook gewoon moeten kunnen (vind ik). Veel thuiswonende ouderen stappen ’s nachts ook uit bed als ze niet kunnen slapen of pijn in de lendenen hebben.

Ik lag onverwachts in een ziekenhuis in Utrecht. Ik zag het niet aankomen, maar opeens werd ik daar tegen mijn wil vastgehouden. Naast mij lag de hele nacht een mevrouw te roepen: "Zuster, mijn lendenen!" De zuster werd uiteindelijk boos en riep: "Waar zitten uw lendenen dan, mevrouw de Vries?" Het antwoord weet ik nog steeds niet. De mevrouw kon haar lendenen niet aanwijzen. 

Helaas is de praktijk in de ouderenzorg vaak anders. ’s Nachts is er weinig personeel en het risico op vallen of andere ongemakken is niet denkbeeldig. De bedoeling is meestal niet dat die ouderen gaan dwalen, maar in hun bed blijven.

Gelukkig heb ik ook gezien dat het anders kon. Op het paviljoen waar ik destijds werkte mochten enkele ouderen gewoon bij de nachtdienst komen zitten. Er waren wel afspraken, zoals niet teveel kletsen en bijvoorbeeld een breiwerkje doen of bladeren in Vorsten van Nu. Helaas verdween die mogelijkheid mét de centrale nachtdienst als sneeuw voor de zon...

Maar als een bewoner uit bed komt, hoe krijg je hem (of meestal: haar) dan weer in bed? Dat is een heel gedoe. Meestal wil mevrouw dat helemaal niet. En geef haar eens ongelijk. Ik kom straks ook geheid mijn bed uit en wil dan een rondje gaan fietsen. Knappe zuster die mij dan tegen houdt.

Enkele personeelsleden besloten het anders aan te pakken. Ze gingen niet in bedrijfskleding, maar in pyjama aan het werk. En wat bleek. Tal van bewoners bleken veel toegankelijker. “Zuster, slaapt u ook al?” “Ja, ik lag net in bed!””Oh, is het al nacht dan?” “Ja, mevrouw Piersma, het is al nacht. Gaat u ook weer slapen?” Die beweging kostte nu veel minder moeite…

Dit is iets wat mijn leermeester professor Wim ter Horst zou noemen: "Herstel van het gewone leven." Het is een prachtig voorbeeld van een variant op de belevingsgerichte zorg...

Slechtslapende ouderen…

Prof. Eus van Someren is een Nederlands slaaponderzoeker. Dat lijkt me een heerlijke baan. Je kunt gewoon op je werk in slaap vallen en dan zeggen dat je met je onderzoek bezig bent.

Eén van de thema’s waar Van Someren zich een aantal jaren geleden mee bezig hield was de slaapproblemen bij ouderen.

Vroegere ontwikkelingsfase

Zo vroeg van Someren zich af waarom dementerende ouderen zo vaak hun dag/nachtritme kwijt raken. Overdag zitten ze te dutten en ’s nachts zijn ze aan het spoken. Volgens mij is een reden dat dementie (althans bij een aantal vormen) leidt tot een terugval waardoor je kenmerken krijgt van vroegere levensfasen. Bij jonge kinderen zie je dat het dag en nachtritme minder vanzelfsprekend is.

Tekort aan daglicht

Van Someren gooide het over een andere boeg. Hij dacht dat het moeizame slapen te maken kon hebben met een tekort aan daglicht. Als proef regelde hij meer daglicht overdag. Ik weet niet hoe hij dat deed: ging het dak eraf? Maar in ieder geval was een gevolg dat het dag/nachtritme van de ouderen op deze afdelingen verbeterde.

Betere stemming

Echter: ook de stemming verbeterde. En zelfs de achteruitgang van het geheugen verminderde. Zijn advies: “Pas het omgevingslicht in zorgcentra aan. Bouw groepsruimtes met grote ramen en voldoende lampen…..

.... En stap vooral af van die gezelligheid met dichte gordijnen en schemerlampjes"....

Ouderen en slaapproblemen

Er wordt wel gedacht dat oudere mensen meer slaap nodig hebben. Dat is echter niet juist. Het slaappatroon van ouderen verandert. Ze slapen minder een hele nacht door en meer in korte stukken.

Dat verklaart ook waarom een aanzienlijk deel van de ouderen een middagdutje doet. Maar daarmee kom je gemakkelijk in een vicieuze cirkel terecht: slaap overdag kan de nachtrust verstoren (foto: Brightstar Healthcare). 

Ouderen en slaapkwaliteit

De slaapkwaliteit van ouderen staat wél onder druk. Bij een gezonde slaap heb je een afwisseling van lichte slaap, diepe slaap en REM-slaap nodig (Rapid Eye Movements: de slaap waar je het meeste bij droomt). Ouderen slapen lichter en komen daarmee minder aan de diepe slaap toe.

Om uitgerust wakker te kunnen worden en ‘de hersens gewassen te hebben’ moet je de afwisseling van de verschillende fasen ‘meemaken’.

Volgens sommige onderzoekers is bij vrouwen de overgang een forse ontregelaar in het slaappatroon. Je kunt maar beter man zijn.

Volgens een onderzoeksbureau heeft de helft van de ouderen een slaapstoornis. Als 65-plusser kan ik gelukkig melden dat ik (nog) bij de andere helft hoor.

Waarom slapen ouderen minder ‘gezond’?

Enkele factoren op een rijtje (er zijn er veel meer).

  1. Omdat ouderen lichter slapen zijn ze ook meer gevoelig voor omgevingsinvloeden, zoals geluiden van buiten, een miauwende poes die naar binnen wil, een snurkende partner of een te lichte slaapkamer.
  2. Daarnaast ‘komt de ouderdom met fysieke gebreken’. Als je vaak moet plassen, ben je vaak wakker. Maar het is ook omgekeerd: als je lichter slaapt ervaar je ook eerder een volle blaas.
  3. Een ander veel voorkomend probleem bij ouderen betreft de slaap-apneu. Het betekent dat je vele malen per nacht een zuurstoftekort hebt en daardoor uiteindelijk ’s morgens uitgeput wakker wordt. Je hebt het gevoel dat je van het in bed liggen alleen maar meer moe wordt.
  4. Ouderen hebben doorgaans een minder strak dag/nachtritme. Een goed dag/nachtritme met vaste tijden van het naar bed gaan en weer opstaan helpt bij een gezonde nachtrust.
  5. Ouderen bewegen vaak minder. Lichamelijke beweging stimuleert de nachtrust. Een ommetje ’s avonds werkt vaak beter dan een slaappil. Maar de meeste ouderen gaan ’s avonds eigenlijk liever de deur niet meer uit.
  6. Vroege herinneringen. In de nacht komen oude, vaak verdrongen herinneringen, bij ouderen alsnog naar boven. Dat leidt nogal eens tot nachtelijk piekeren.
  7. Een vitamine-tekort (vitamine D, vitamine B 12, magnesium).
  8. Ouderen hebben vaker last van pijn. Als je lichter slaapt word je ook weer eerder wakker van de pijn. En als je pijn hebt slaap je ook weer lichter (meer alert).
  9. Tenslotte: de temperatuurregulatie. Heb je het te koud bij het in bed stappen, dan kom je moeilijk in slaap. Krijg je het daarna te warm, dan slaap je wéér niet goed en krijg je bijvoorbeeld eerder last van rusteloze benen. Maar in de loop van de nacht koel je ook weer af en kun je te vroeg wakker worden omdat je het te koud hebt. Het is dus ook nooit goed… Aan de Technische Universiteit in Delft is men bezig met innovatietechnieken die deze wisselende temperaturen kunnen reguleren (zie Somnox op You Tube).

Slaapproblemen bij ouderen

De slaapbehoefte bij volwassenen is per persoon verschillend. ‘Gemiddeld’ slapen volwassen mensen 7 á 8 uur per nacht. Ook mensen die menen dat ‘ze de hele nacht geen oog dicht hebben gedaan’ blijken meestal in de praktijk toch een aantal uren te hebben geslapen.

Twee modellen: inslapen of doorslapen

Globaal genomen kun je het verloop van de slaapproblemen in twee ‘modellen’ indelen. Ze hebben mede te maken met temperament van mensen en met de wijze waarop prikkels verwerkt worden.

  1. Mensen die veel moeite hebben om in te slapen. Ze moeten eerst alle indrukken van de afgelopen dag verwerken. Dat herkennen de meeste mensen wel als ze ’s avonds op bezoek zijn geweest en veel gesprekken hebben gevoerd. Die mensen hebben dus een inslaapprobleem.
  2. Andere mensen hebben veel moeite hebben met doorslapen. Ze vallen snel in slaap (de lichamelijke vermoeidheid wint het van de geestelijke vermoeidheid), maar als ze de eerste slaapcyclus doorlopen hebben worden ze wakker uit de diepe slaap en kunnen vervolgens niet meer in slaap komen.

Ouderen en aantal uren slaap

Het beeld bestaat dat ouderen weer meer slaap nodig hebben. Dat is echter niet juist. Het slaappatroon van ouderen verandert. Ze slapen minder een hele nacht door en meer in korte stukken. Dat verklaart ook waarom een aanzienlijk deel van de ouderen een middagdutje doet.

Ouderen en slaapkwaliteit

De slaapkwaliteit van ouderen staat wél onder druk. Bij een gezonde slaap heb je een afwisseling van lichte slaap, diepe slaap en REM-slaap nodig (Rapid Eye Movements: de slaap waar je het meeste bij droomt). Ouderen slapen lichter en komen daarmee minder aan de diepe slaap toe. Om uitgerust wakker te kunnen worden en ‘de hersens gewassen te hebben’ moet je de afwisseling van de verschillende fasen ‘meemaken’.

Volgens sommige onderzoekers is bij vrouwen de overgang een forse ontregelaar in het slaappatroon. Je kunt maar beter man zijn.

Volgens een onderzoeksbureau heeft de helft van de ouderen een slaapstoornis. Als 65-plusser kan ik gelukkig melden dat ik (nog) bij de andere helft hoor.

Waarom slapen ouderen minder ‘gezond’?

Enkele factoren op een rijtje (er zijn er veel meer).

  1. Omdat ouderen lichter slapen zijn ze ook meer gevoelig voor omgevingsinvloeden, zoals geluiden van buiten, een snurkende partner of een te lichte slaapkamer.
  2. Daarnaast ‘komt de ouderdom met fysieke gebreken’. Als je vaak moet plassen, ben je vaak wakker. Maar het is ook omgekeerd: als je lichter slaapt ervaar je ook eerder een volle blaas.
  3. Een ander veel voorkomend probleem bij ouderen betreft de slaap-apneu. Het betekent dat je vele malen per nacht een zuurstoftekort hebt en daardoor uiteindelijk ’s morgens uitgeput wakker wordt. Je hebt het gevoel dat je van het in bed liggen alleen maar meer moe wordt.
  4. Ouderen hebben doorgaans een minder strak dag/nachtritme. Een goed dag/nachtritme met vaste tijden van het naar bed gaan en weer opstaan helpt bij een gezonde nachtrust.
  5. Ouderen bewegen vaak minder. Lichamelijke beweging stimuleert de nachtrust. Een ommetje ’s avonds werkt vaak beter dan een slaappil. Maar de meeste ouderen gaan ’s avonds eigenlijk liever de deur niet meer uit.
  6. Een vitamine-tekort (vitamine D, vitamine B 12, magnesium).
  7. Ouderen hebben vaker last van pijn. Als je lichter slaapt word je ook weer eerder wakker van de pijn.
  8. Tenslotte: de temperatuurregulatie. Heb je het te koud bij het in bed stappen, dan kom je moeilijk in slaap. Krijg je het daarna te warm, dan slaap je wéér niet goed en krijg je bijvoorbeeld eerder last van rusteloze benen. Maar in de loop van de nacht koel je ook weer af en kun je te vroeg wakker worden omdat je het te koud hebt. Het is dus ook nooit goed… Aan de Technische Universiteit in Delft is men bezig met innovatietechnieken die deze wisselende temperaturen kunnen reguleren (zie Somnox op You Tube).