Even de grens over (slot)

Ik wist het niet, maar vanuit Nijmegen loopt een snelfietsroute naar Arnhem. Ideaal voor speed-pedelecs. Maar die zijn er vanavond niet. Ik ben alleen met mijn ruisende Batavus. 
Rheden-Doesburg-Doetinchem-Elten-Nijmegen-Arnhem-Rheden

Die snelfietsroute gaat buiten Elst om, zodat ik niet in aanvaring kom met de fabriek van Heinz-Ketchup. Eigenlijk heeft deze fietsroute een surrealistisch karakter. Dat wordt nog eens versterkt doordat het gaat regenen. Dat is in strijd met de weersverwachting, maar dat is ook slechts een verwachting, maar geen voorspelling.

Spoorbrug in Nijmegen over de Waal

Het zeer brede fietspad voert door grootschalig omgeploegd landschap, er staan weinig bomen en bijna geen huizen. Het is af en toe alsof je door een onbewoond landschap fietst als enig overgebleven fietser nadat de 5G alle gevaccineerden heeft getroffen.

Hoewel volgens de planologie Arnhem en Nijmegen aan elkaar groeien is hier nog een stuk van zo’n 10 kilometer open land. Dan fiets ik de uitgestreke buitenwijken van Arnhem binnen. Het zijn vooral bloemkoolwijken uit de jaren ’70. Ook hier weer een wonderlijke ervaring. Dwars door die wijken loopt een oude en kronkelende dijk. Alsof je in vroeger tijden fietst, met zicht op een eindeloos aantal kris-kras verlopende rijen pannendaken.

En de regen blijft maar neerstromen en mijn voeten worden nat. Mijn poncho doet het goed tijdens korte buien (als het niet waait), maar op den duur helpt dat allemaal niet meer. Niet alleen mijn voeten zijn nu nat.

De Rijn bij Arnhem vanaf de verkeersbrug

Ik kan de laatste 25 km met de trein doen, maar dat is mijn eer te na. Aan de oostkant van Arnhem fiets ik over een hoge brug die over de Rijn voert, met rechts de afsplitsing van de IJssel. Ook hier ben ik de enige fietser. Zo langzamerhand vraag ik me toch af of ik geen bericht heb gemist dat fietsen na 18 uur verboden is.

En later op de avond is het weer helemaal droog (zicht vanaf de woonboot)

Ik heb geen zin om nóg een keer over de oude Rijksstraatweg door Velp en Rheden te fietsen. Dus neem ik allerlei zijpaden, zoveel mogelijk in de buurt van de spoorlijn. Ondertussen wordt het toch weer droog. Veel naaktslakken kiezen het hazenpad en steken de weg over. Een deel overleeft dat niet. Wat is er toch véél ellende op de wereld.

Om half negen meld ik mij weer aan bij het gastenverblijf op de woonboot in De Steeg. Hoewel ik al nat ben geworden van de regen adviseert Tineke mij toch om een douche te nemen. Ik begrijp dat niet. Als je nat bent moet je alleen jezelf maar afdrogen. Maar ik ben volgzaam en neem een douche.

De Batavus Dinsdag heeft er op deze laatste vrijdag van de vakantie bijna 120 fietskilometers bij opgeteld. 

Even de grens over (7)

Ook Nijmegen was een grensplaats in het Romeinse Rijk. Inmiddels vind je door heel Nederland (tot aan Katwijk) allerlei palen, borden en gedenkstenen die deze grens markeren. 
Zicht op de spoorbrug van Nijmegen bij het Valkhof

Nijmegen ligt op een steile oever langs de Waal. De binnenstad heeft onnederlands steile straten. Alleen de Waalkade kan bij hoog water onder water lopen, de rest houdt droge voeten. Geen wonder dat deze relatief veilige ligging aantrekkelijk was voor regeerders zoals de Romeinen en later Karel de Grote, die achteraf gezien toch behoorlijk klein was. Bovendien kon je vanaf de heuvels goed het omliggende land overzien.

Nog een keer de spoorbrug, nu vanaf de Waalkade

In de Tweede Wereldoorlog kreeg Nijmegen het zwaar te verduren in de frontlinie tussen de geallieerden en de Duitse bezetter. Bovendien werd de stad ook nog eens getroffen door een Engels (vergissings-) bombardement waardoor een deel van de binnenstad verwoest werd.

Nijmegen vanaf de toren van de Stevenskerk (foto op een andere dag genomen)

Daarna werd de stad verder verwoest door projectontwikkelaars. Gelukkig probeert men momenteel de schade weer wat te herstellen.

Via de ‘Snelbinder’ (een fietsbrug die aan de spoorbrug is gehangen) verlaat ik de stad weer. In een kwartier de tiende stad van Nederland doorkruisen, dat is toch wel een hele prestatie.

Lentmark bij Lent

Aan de overkant ligt Lent. Het dorp heeft een totale metamorfose ondergaan. Het ligt nu ingeklemd tussen de Vinexlocaties van de Waalsprong. Nijmegen kon niet meer uitbreiden in de andere richtingen: de enige optie was de sprong over de Waal, de Betuwe in. Daardoor groeit Nijmegen nu bijna tegen Arnhem aan.

Momenteel wonen er zo’n 25.000 inwoners van Nijmegen aan de overkant van de Waal. Vanwege het intensieve fietsverkeer zijn er inmiddels drie bruggen beschikbaar die de forensende fietser de ruimte moeten geven. En nóg zijn de fietspaden te krap voor het toenemende fietsverkeer.

Aan een recreatieplas ligt de Lentmark, een karakteristiek en hoog houten gebouw dat is gebouwd door jongeren 'met afstand tot de arbeidsmarkt'. Beneden bevindt zich een kiosk voor koffie en versnaperingen. Ik denk dat dit de hoogste koffietent van Nederland is. 

Fietsprovincies (5) : Gelderland

Gelderland is de grootste Nederlandse provincie. Genoeg fotogenieke plekjes. Dus welke foto moet ik nu kiezen?

Het wordt weer een plekje aan het water. “Denkend aan Holland zie ik brede rivieren traag door oneindig laagland gaan”.

Als ik rond Nijmegen fiets ga ik – voordat ik op de trein stap – bijna altijd nog even naar dit plekje. Het is de oever van de zeer brede Waal in Nijmegen. Inmiddels is er nog een nieuwe brug aangelegd, maar die was er nog niet toen ik deze foto nam.

De brug op de foto is de drukbereden spoorbrug. Acht intercity’s per uur (van/naar Den Helder en van/naar Zwolle en Roosendaal) en een heel rijtje sprinters.

Aan de spoorbrug werd zo'n 15 jaar geleden ook nog een fietsbrug gehangen: de Snelbinder.

Nijmegen

"Dat missen wij allemaal" zei de mevrouw op de boulevard in Kijkduin. Ik vroeg waar ze dan woont. "In Nijmegen" antwoordde ze.

Ik zei dat Nijmegen toch ook wel een mooie plaats is. In gesprekstechnisch opzicht was dat misschien niet zo’n handige zin, maar ik meende wel wat ik zei.

Het centrum van Nijmegen is helaas in de oorlog zwaar verwoest. En daarna hebben projectontwikkelaars in de jaren ’60 het allemaal nóg erger gemaakt. En de nieuwbouw, zoals in de wijk Dukenburg, dat is zo’n rampenplan uit de jaren ’70. Daarvan vind je er dertien in een dozijn en allemaal even lelijk. Het maakt niet uit of het in Alkmaar, Lelystad, Oosterhout of Nijmegen is.

Maar toch: Nijmegen mag er best zijn. Dat komt o.a. door de prachtige ligging aan de Waal. Daarom nu maar een paar plaatjes van de Waal bij Nijmegen.

Daar waren we vorig jaar een lang weekend op bezoek. Helaas gaat ons herfst-fietsuitje dit jaar niet door.

Dus plan ik maar iedere week een fietsdag. Lukt ook niet elke week, maar ik mag niet mopperen...

Lent International Airport

In Lent, een dorp onder de rook van Nijmegen, tegenwoordig ingeklemd in de Vinexlocatie Waalsprong, ontdekten wij een nieuw vliegveld.

Een jonge vrouw deed verwoede pogingen om op te stijgen. Ik weet niet of ze een vliegbrevet had.

Een man gaf ondertussen instructies hoe ze op zou kunnen stijgen. Bij het ordenen van het geheel bleek dat het toch wel een ingewikkelde klus was. Zo zaten de draden voortdurend in de knoop. Die moesten eerst uit de knoop gehaald worden. Maar als de ene draad uit de knoop was zat de volgende vanwege de wervelende winden alweer in de knoop.

Uiteindelijk was ze startklaar. Er werd een sprint getrokken tegen de wind in. Je moet tegen de wind in optrekken, dat weet ik nog uit de tijd dat ik regelmatig vliegerde.

Helaas bleek de wind te sterk. Toen de veugels eenmaal in de lucht waren werd de vrouw terug geblazen. Het zeildoek belandde in het gras en alle draden zaten weer in de knoop.

Ik vroeg me trouwens wel af: als ze was opgestegen, waar was ze dan geland? Op de autoweg, op een plat dak in de Vinexlocatie, op het spoor of in de Waal?

Na een kwartier stond de vrouw klaar voor een nieuwe opvlieger. Deze had hetzelfde resultaat. Misschien was ze nog te jong voor een echte opvlieger.

Toren Stevenskerk Nijmegen

We gaan al een halve eeuw samen met vakantie. En in onze vrije tijd fietsen we graag en beklimmen we torens.

Van Erik Scherder heb ik begrepen dat het beklimmen van torens helpt tegen dementie. Bovendien train je dan andere spieren dan bij het fietsen.

De toren van de Stevenskerk in Nijmegen is niet al te imposant. Hij is wel aardig hoog (71 meter), maar je kunt niet naar de top: je blijft ongeveer halverwege steken, op zo’n veertig meter hoogte. Maar omdat de toren op een onnederlandse hoogte staat heb je desalniettemin en desniettegenstaande de beperkte hoogte toch een wonderbaarlijk uitzcht.

Een smalle trap leidt je al duizelend vanwege het ronddraaien naar een groot plateau met zicht op het klokkenspel van de toren. De ruimtes onderweg zijn ook in gebruik voor tentoonstellingen.

In 1944 werden toren en kerk zwaar beschadigd door Amerikaanse bombardementen. Het duurde tot 1969 voordat het herstel klaar was. Een deel van de binnenstad van Nijmegen werd in de as gelegd en er vielen waarschijnlijk meer dan duizend doden. Het bombardement was een vergissing: de vliegeniers dachten dat ze boven Duitsland waren. ‘Van je vrienden moet je het hebben’ stond op een poster die de Duitsers lieten drukken.

Provinciale fietsfoto’s (5)

Van Rijssen naar Krefeld 070Opnieuw de rivier.

Dit is de Waal bij Nijmegen, met de spoorbrug.

Het is één van mijn favoriete plekken om even te gaan zitten en te genieten van het water dat voortklotst in eindeloze deining.

Als ik uit Venlo kom heb ik 20 minuten overstaptijd om de trein naar Alkmaar te nemen. Ik heb het helemaal getimed: dan kan ik hier tien minuten kijken en genieten…