Nes aan de Amstel

Wat moet ik hier nu van zeggen? Ben ik nu in Nes aan de Amstel. Nee, ik ga aan de overkant voorbij. Het water van de Amstel is veel te diep.

Maar om jullie gerust te stellen… Ik ben wel een aantal malen door Nes aan de Amstel gefietst. Eén keer zelfs tijdens een zware sneeuwbui. Bij een Chinees in Uithoorn heb ik mezelf toen op laten drogen.

Aan een scherpe bocht in de Amstel ligt aan de overkant het dorp Nes aan de Amstel. Het dorpsgezicht wordt grotendeels bepaald door een opvallend grootse kerk (zeker voor een dorp met ongeveer 500 inwoners): de Sint Urbanuskerk, de eerste kerk die door Joseph Cuijpers werd ontworpen.

Nes aan de Amstel is de geboorteplaats van Aagje Deken. Veel lezers op dit blog hebben haar naam onder de lessen Nederlandse literatuur voorbij zien komen maar kunnen niets van haar werk reproduceren. Ik ook niet. Om niettemin haar naam in ere te houden staat er in haar geboorteplaats een gedenkteken.

Nes aan de Amstel valt onder de gemeente Amstelveen. Als de bouwbehoefte van Amstelveen leidend was geweest was het dorp al lang omringd geweest door fantasieloze nieuwbouw.

Het dorpsbeeld doet nog redelijk authentiek aan, op enkele protserige villa’s na. De gemeentelijke welstandscommissie heeft zeker even zitten te slapen.

Wie niet heeft geslapen is het bestuur van de plaatselijke ijsbaan. Niet dat het hier zo vaak vriest, maar men heeft een alternatief bedacht: een prutrace. Als er toch geen ijs op de sloten ligt, dan kun je wel door de sloten baggeren. Maar liefst 3 kilometer. Uit jeugdige ervaring kan ik jullie vertellen dat baggeren door sloten een moeizame wandeling is.
Advertenties

Amstelfietsen (3)

Ik heb een pittig windje tegen. Af en toe denk ik: ‘zal ik toch niet maar ergens afslaan en de weg van de minste weerstand kiezen’. Maar ik blijf de Amstel volgen. Is dat

a) mijn calvinistische inslag,

b) is het een kwestie van temperament

c) of heeft het te maken met inflexibilitas mentis?

In ieder geval nader ik nu weer een stuk bebouwing. Het is Ouderkerk aan de Amstel. De mensen denken wel dat Amsterdam een oude stad is, maar Ouderkerk aan de Amstel stond eerder in de Bos-atlas dan Amsterdam.

Ouderkerk aan de AmstelHoewel er wel enige nieuwbouw is gepleegd heeft de plaats (8500 inwoners) een redelijk dorps karakter weten te behouden. De plaats telt een aantal gebouwen die als Rijksmonument zijn aangemerkt. Wel ligt de plaats ingeklemd tussen de drukke A 9 en de al evenzeer drukke N 522 (Amstelveen-Weesp).

Zou de gemeente hebben geluisterd naar alle bebouwingsdrang, dan was de plaats uit zijn voegen gegroeid. Iedereen wil wel aan de Amstel wonen. Maar Ouderkerk is gelukkig nog een stukje van het groene hart gebleven, al ligt het ingeklemd tussen de massieve bebouwing van Amstelveen en de moderne bebouwing van Amsterdam- Zuidoost.

Ouderkerk bordjeEen bordje aan een plaatselijke kroeg meldt dat het verstandig is om te bukken: de deur is gebouwd op mensen uit de 17e eeuw, en die waren niet zo groot.

Na Ouderkerk is het land weer zeer open. Ik fiets nu over de dijk langs één van de meest open polders van het Groene Hart: de Rondehoep. Die kun je linksom en rechtsom befietsen zonder een dorp tegen te komen. Alleen de buurtschap Waver heeft een wat dichtere bebouwing.

Nes aan de AmstelAan een scherpe bocht in de Amstel ligt aan de overkant het dorp Nes aan de Amstel. Het dorpsgezicht wordt grotendeels bepaald door een opvallend grootse kerk (zeker voor een dorp met ongeveer 500 inwoners): de Sint Urbanuskerk, de eerste kerk die door Joseph Cuijpers werd ontworpen. Het dorpsbeeld doet nog redelijk authentiek aan, op enkele protserige villa’s na. De plaatselijke welstandscommissie heeft zeker even zitten te slapen.

Een plaatselijke automobilist is boos dat ik mijn fiets langs de kant van de weg neer heb gezet, een fiets moet in het gras worden geplaatst (om vervolgens in de Amstel te storten). Je hebt nu eenmaal mensen die denken dat de weg alleen van hen is.