Fietsen door Bralim (3)

Naar huis

’s Avonds keren de mannen/ uit de onmeetlijke velden, de lijven ontspannen, moegesloofde helden.

Maaiers, machtig, stout…/ die schoven bonden; allen, die het goud, van de aarde vonden.

‘k Hoor hun mompeldeunen/ door d’avond slaan/ de lijven lijken te leunen/ in hangend gaan.

Vier seizoenen in ’t uur. Een sneeuwbui in de voorjaarszon, zachte half op brandstof beknibbelde grond, water, pijpestro, je voeten breken/ zachte spinters biels.

Bleke, bloedeloze Peel maar boven/ in blote lucht een schitterende wolk:

hoog boven dit binnenstebuiten eiland/ een uitgeloogde ravekop.

Peter van Lieshout, 1980.

Dat is wél de ontgonnen Peel. Toen deze streek nog een oneindige moeras was viel er niet veel graan te oogsten.

Meijel

Ondertussen nader ik het einde van de Peel. Een sluis brengt mij aan de westkant van de Helenavaart. Achter de bloeiende fruitbomen doemt een kerktoren op. Dat moet Meijel zijn. Ooit was het een in strategisch opzicht belangrijke plaats, omdat hier één van de weinige ‘doorwaadbare’ routes door de Peel liep: de weg van Den Bosch naar Keulen. Terwijl Meijel lange tijd Spaans was, behoorde het nabijgelegen Helden tot Pruisisch Gelre. Dat leidde tot diverse knokpartijen.

Maar tegenwoordig is Meijel een vriendelijk dorp met een torenhoge toren (80 meter). Omdat de kerk in 1944 totaal werd verwoest staat er een nieuwer kerkgebouw waarbij wel de stijl van de vroegere kerkbouw werd aangehouden.

Advertenties