Via Hellevoetsluis (4)

Het valt nog niet mee om Hellevoetsluis kaartloos aan de goede kant te verlaten. Eindeloos is de reeks van woonerven. En als ik dan de stad uit ben blijk ik over een weg te fietsen die eindigt op een boerenerf.

Ach ja, dat is een metafoor voor het menselijk leven. Soms beland je op een weg die nergens toe leid. Dan wordt het tijd om op je schreden terug te keren.

De zon is ondertussen onder gegaan en het wordt ook een behoorlijk stuk frisser. Ik trek een extra kledingstuk aan en mijn handschoenen. Ik heb nog wel een paar uur te gaan op de fiets. En in corona-tijden kun je nergens even opwarmen.

Het wordt steeds donkerder. Maar ik weet welke kant ik uit moet. Vóór mij licht de bedrijvigheid van het Botlekgebied op. De raffinaderijen werpen vlammen de lucht in, alsof er helemaal geen crisis is.

Ter hoogte van Den Briel wordt de route ingewikkeld. Ik oriënteer me nu maar op de borden. Een hoge brug voert over het Brielse Meer, de volgende brug over het Hartelkanaal en een derde nóg hogere brug – met een enorme windkering voor de zeeschepen – over het Calandkanaal. Naast die laatste brug is weer een nieuwe brug in aanbouw. En diep onder mij loopt de Betuwelijn: die duikt hier een tunnel in.

Rozenburg is stil. Er viel al weinig te beleven, maar nu hebben de meeste mensen zichzelf in huis opgesloten. Daarna de pont naar Maassluis. Ik blijk de enige passagier te zijn. Volgens de medewerker van de pont ‘gaat het de hele dag al zo’.

Maassluis is bekend terrein. Het is te laat om mijn broer te bezoeken. Trouwens: bezoek mag niet eens meer: zijn woning zit ‘op slot’.

Ik kies een route langs de rand van het Westland, op de grens van Midden Delfland. Links de kassen, rechts de polders. Het tempo wordt opgevoerd, ik heb nu de wind stevig in de rug.

Na afloop geeft de Strava 124 fietskilometers aan. Maar die heeft zich vergist. Mijn eigen vertrouwde fietsteller zegt dat ik op deze middag-en avondtoch 104 kilometer heb gefietst. Thuis moet ik eerst mijn koude voeten tot leven brengen. Maar de kuitspieren voelen zich weer lekker fit.

Via Spijkenisse (1)

Onze dochter heeft een wit voetje gehaald en zit met haar voet omhoog. En als je dan gevraagd wordt om iets voor haar op te halen, dan doe je dat natuurlijk. Ook al is het in Spijkenisse.

Je kunt in Spijkenisse komen met de trein en vervolgens de metro. Maar je kunt er ook op de fiets naar toe. Dat heeft mijn voorkeur. Dus besteeg ik vrijdag mijn Batavus Dinsdag. 

Zoals de trouwe lezers van dit weblog weten houd ik niet van vastgeroeste paden. Het voordeel van Delft en omgeving is dat er vele wegen zijn om in Spijkenisse te geraken. De enige hobbel onderweg is de Nieuwe Waterweg. Ten westen van Rotterdam kun je maar op drie plekken per pont en op één plek via een tunnel naar de overkant. Dat is trouwens al een hele vooruitgang. Jarenlang kon je als fietser alleen in Maassluis (per pont) naar de overkant.

Ik heb nog geen enkel idee welke oversteek ik ga wagen. Ik fiets gewoon mijn neus en mijn voorwiel achterna. Ik fiets langs Den Hoorn en vervolgens ook buiten langs Schipluiden, de hoofdstad van de gemeente Midden Delfland. 

Na meer dan een jaar schaven, boren en verven is de oude Trambrug over de Vlaardingervaart in volle glorie hersteld. Over deze brug reden de trams naar de veilingen van het Westland. Het is een fraai staaltje van industriële architectuur. De brug maakt deel uit van de fietsroute over deze oude trambaan.

Halverwege de route sla ik linksaf, langs de Middelwatering. Ik heb de noordwestenwind in de rug en fiets flink door totdat ik met piepende remmen tot stilstand kom bij de veerpont over de Noordvliet. Die vaart namelijk niet (dat rijmt).

Met een haakse bocht kom ik op het fietspad langs de Noordvliet uit. Maasland (met een mooi historisch centrum) laat ik rechts liggen. De Noordvliet gaat keurig rechtdoor, rechtstreeks naar het centrum van Maassluis, waar een standbeeld van Abraham Kuyper staat. Er wordt ook gesproken over een standbeeld voor Maarten ’t Hart, maar die schrijver heeft zich niet erg populair gemaakt in zijn geboorteplaats.

Mijn vader is kort dominee geweest in Maassluis, hij werd al snel te ziek om zijn werk nog te kunnen doen. Mijn moeder heeft zo’n 25 jaar lang in een flat aan de Nieuwe Waterweg gewoond.

Niet alleen Abraham Kuyper en Maarten 't Hart zijn in Maassluis geboren, maar ook weerman Marco Verhoef benevens het clownsduo Bassie en Adriaan. 

De veerpont naar Rozenburg was vroeger één van de drukste overvaarten van Nederland. Tegenwoordig vaart hij nog maar drie keer per uur. Als hij tenminste vaart. Want er werden vragen in de Provinciale Staten gesteld over de frequente uitval van de boten vanwege achterstallig onderhoud.

Met mij steken nog vijf fietsers, twee wandelaars en één auto van wal.

Al op de steiger aan de Maassluise zijde wordt mijn oor getroffen door een jonge vrouw die kennelijk een verschil van mening heeft met haar vriend. De hele overtocht gaat die ruzie door. Maar ook in Rozenburg is ze nog niet klaar met de berispingen aan het adres van haar vriend. "Wie denk je wel dat ik ben? Ik ben je sloofje niet! Man, word toch eens volwassen. Hoe oud ben je nu? 28! 28 en dan nog steeds niet volwassen. Een kind ben je, een klein kind!"

Rozenburg was ooit een agrarsich dorp, totdat de industrie van het Botlekgebied oprukte. Het dorp breidde sterk uit, maar na ruim een halve eeuw is al die nieuwbouw vergane glorie en heeft de verpaupering aanzienlijk toegeslagen. Her en der probeert men het dorp weer wat op te kalefateren. Rozenburg wordt aan alle kanten omgeven door industrie en haventerreinen.

Rozenburg heeft ook een vliegveld. Daar stijgen alleen modelvliegtuigen op...

Ik heb niet zoveel tijd en volg de fietsborden richting Spijkenisse. Er is ook een aantrekkelijker route via de historische dorpen Zwartewaal, Heenvliet en Geervliet. De kortere route loopt tussen de A 15 en de Betuwelijn. Overal dendert het vrachtverkeer en klinkt het gesis van de leidingen van de olieraffinaderijen rond de havens van het Botlek.

Via de Hartelbrug over het Hartelkanaal fiets ik Spijkenisse binnen. Ook dit voormalige dorp barstte een halve eeuw geleden uit zijn voegen vanwege de bouwactiviteiten. Het dorp was zelfs als groeikern aangewezen: om die reden werd de metro vanuit Rotterdam doorgetrokken. Tegenwoordig moet men alle zeilen bijzetten om de verpaupering tegen te gaan. Een groot deel van het centrum van de plaats (met tegenwoordig ruim 71.000 inwoners)  gaat op de schop.

De plek van mijn bestemming is snel gevonden. Ook deze wijk gaat kennelijk op de schop. Tussen de jaren '60 flats wordt overal nieuw gebouwd en er is een nieuw winkelcentrum. Het bleek over deze route ruim 25 kilometer naar Spijkenisse.

Retourtje Maassluis

Gisteren moest ik nogal wat sociale zeilen bijzetten. Eerst ging ik op ziekenbezoek, daarna was er een verjaardag, vervolgens een 12½-jarig huwelijksfeest en tenslotte ging ik op bezoek bij mijn broer. De verbindende factor was de fiets.

Ondertussen zette ik de Strava aan. Dat is toch wel een leuk speeltje om te kijken hoe ik ben gefietst. De weg uiteindelijk naar Maassluis was weinig logisch. Dat kwam door de wind die zichzelf af en toe gevaarlijke krachten aangemeten had. Meerdere malen ben ik – vanwege de veiligheid – even gaan lopen.

Vanuit de kerk (het 12½ jarig huwelijksfeest) fietste ik via het doolhof van de wijk Tanthof de polder in. Daar werd ik voluit gegrepen door de wind benevens een stortbui. Overal wind en geen plek om te schuilen.

Bij Schipluiden twijfelde ik of ik linksaf en rechtsaf zou gaan, maar in de Spreuken van Salomo staat dat de geest van de wijze zich naar rechts keert en de geest van de dwaze keert zich naar links. Ik sloeg dus linksaf. De reden was voornamelijk van windgevoelige aard. Ik vreesde dat ik op de oude trambaan naar Maasland teveel wind zou vangen.

Langs de weg richting Vlaardingen – dwars door de groene buffer van Midden Delfland – staat een aantal huizen en er zijn ook bomen, zodat ik af en toe in de luwte fietste. Daar waar de weg even een bocht maakt werd ik voluit gegrepen door de wind. Die kondigde meteen ook maar een nieuw schip met zure appels aan. Ik had het gevoel dat mijn fiets onder mij vandaan werd geblazen. Dat zou ook wel kunnen want mijn fiets weegt 15 kilo en ik ben vijf keer zo zwaar. Lichtere voorwerpen worden eerder door de wind meegenomen. Je ziet het voor je: de fiets die wegwaait en een bejaarde fietser die in de lucht hangt.

In de buurtschap De Kapel sloeg ik rechtsaf (nu dus wel), met links van mij de noordelijke rafelranden van de gemeente Vlaardingen. De wind was zo sterk dat ik niet sneller fietste dan ongeveer 10 kilometer per uur. Af en toe heb ik gelopen omdat ik dat veiliger vond (met name bij veel zijwind).

In het noordwesten van Vlaardingen ligt een uitgestrekt parkachtig gebied. Je kunt er echter slechts met een omweg komen: de eerstvolgende brug over het water ligt bijna 3 kilometer naar het zuiden. Maar toen ik in het park fietste boden de bomen en struiken doorgaans een redelijke beschutting tegen de harde wind. Ondertussen werd het geleidelijk donker.

Bij de Krabbeplas was de fietsroute afgesloten en moest ik zigzaggend door het park mijn weg vervolgen. Maar Maassluis was niet ver meer. Nog vijf kilometer door het (weer meer) open land en toen fietste in de bebouwde kom van de stad van Abraham Kuyper en van Maarten ’t Hart binnen.

De buitenwijken van Maassluis zijn vrij groen en in een parkachtig gedeelte zag ik het achterlicht van een gevallen fiets branden. Ik ging maar even op onderzoek uit: er kon zomaar iemand over een tak zijn gevallen. Er bleek een jongen aan de fiets vast te zitten die inderdaad was gevallen. Zijn voet zat klem tussen de spaken. Met nogal wat moeite lukte het in het donker om hem te bevrijden uit zijn symbiotische relatie met de fiets. Volgens hem had hij verder geen pijn en kon hij zelfstandig zijn huis bereiken.

Maassluis bestaat voor 95% uit nieuwbouw die zich over een lengte van 6 kilometer langs de Nieuwe Waterweg uitstrekt. Er is een klein historisch gedeelte rond de haven achter de sluis naar de Maas. Daar staat ook de Grote Kerk met een beroemd orgel. Ik maakte nog even een foto en fietste daarna door naar mijn broer.

Voor de terugweg koos ik voor een westelijke route. Nu had ik de wind mee en fietste soms meer dan 25 kilometer per uur. In het donker is het niet zo verstandig om alles uit je fiets danwel de beenspieren te halen, want je weet niet wat voor rommel er als gevolg van de harde wind op straat ligt. Ik hield me dus een beetje in.

Al zigzaggend bereikte ik onze woonplaats weer. Ik had koude voeten gekregen (een fietserskwaal), maar in huis was het lekker warm.

 

Kanaalfietsen (4)

Je zou het misschien niet zeggen, maar dit is ook een kanaal. De Nieuwe Waterweg.

Hoewel: daar kun je nog over discussiëren. In ieder geval kreeg Ir. Pieter Caland in 1863 de opdracht om de scheepvaartverbinding tussen Rotterdam en de Noordzee te verbeteren, zodat de Rotterdamse haven kon groeien.

Caland maakte deels gebruik van bestaande waterwegen die werden uitgediept en verbreed (zoals Het Scheur) en deels werd een nieuwe waterweg gegraven (een echt kanaal dus), door de duinen bij wat later Hoek van Holland is gaan heten.

De foto’s maakte ik bij Maassluis, dat altijd al een rechtstreekse verbinding had met de Noordzee, maar dan via een andere route dan tegenwoordig.

Vanuit Schiedam kun je buitendijks naar Hoek van Holland fietsen. In Vlaardingen en Maassluis moet je even de stad in, omdat de bruggen over de havens van beide steden wat meer landinwaarts (naast de spoorlijn) liggen.

Deze keer fietste ik vanuit Vlaardingen tot voorbij Maassluis. In Maassluis wordt buitendijks een nieuwe wijk gebouwd, met een drietal markante woontorens. Sinds de Maeslant stormvloedkering werd gebouwd voelt men zich kennelijk buitendijks veilig genoeg.

Mijn moeder woonde jarenlang in een flat aan de Nieuwe Waterweg, waar ze zicht had op de vele zeeschepen die hier langs voeren en genoot van de mooie zonsondergangen. Die herinneringen komen ook weer boven als ik hier langs het water fiets.

Midden Delfland (2)

Ik fiets verder langs de rand van Vlaardingen – door de Hoelierhoekse Polder, tot aan de Vlaardingervaart. Het zou wel aardig zijn als hier een fietsbrug bedacht was, zodat ik nog verder door het groen zou kunnen fietsen. Of anders een pontje. Maar hier moet ik een eind naar het zuiden afbuigen. Maar ik moet toegeven: de route is en blijft opvallend groen.

vlaardingervaartIk fiets door tot aan de A 20, de autoweg vanuit Rotterdam door het Westland. Daar fiets ik parallel aan. Het is een aanzienlijk geraas. Je zult maar vlak bij zo’n drukke weg wonen…

Doordat ik nu even op de fietsborden let maak ik een navigatiefout. Ik wilde door de Aalkeetbinnenpolder naar Maassluis fietsen, maar de borden naar Maasluis blijken mij pal langs de autoweg te leiden. En om om te draaien en alsnog onder de snelweg door te duiken, daar kies ik op de korte afstand ook niet voor.

Na 5 km. ben ik aan de rand van Maasland, een dorp met een verrassend mooie historische kern en veel omringende nieuwbouw.

Even verderop fiets ik langs de Middelvliet de geboorteplaats van de volgende schrijver binnen: Maassluis, geboorteplaats van Maarten ’t Hart. Drie schrijvers op een rij van wie ik veel gelezen heb: Maarten Biesheuvel (Schiedam), Levi Weemoedt (Vlaardingen) en Maarten ’t Hart (Maassluis). ’t Hart is bij de plaatselijke bevolking doorgaans niet zo populair.

Een andere bekende Maassluizer was Abraham Kuijper, die hier in 1837 werd geboren. Zij standbeeld staat tegenover de Maranathakerk. Maar vraag je tegenwoordig aan jongeren wie Abraham Kuijper was, dan hebben ze doorgaans geen idee. Wie Peppi en Kokki waren (hier ook geboren) weten ze ook niet meer. De enige hedendaags nog landelijk bekende Maassluizer is misschien wel weerman Marco Verhoef. 

zicht-op-maassluisAan de Middelvliet (een vroegere Trekvaart) staat de Wippersmolen, die ooit vereeuwigd werd door de schilder Jongkind. Temidden van de verrommelde nieuwbouw staat hij er wat verloren bij.

Maassluis is een uit de kluiten gewassen plaats met uitgestrekte nieuwbouwwijken, maar ook weer met een historisch centrum. De plaats puilt uit zijn voegen: de laatste stukken groen in de Dijkpolder worden inmiddels bebouwd.

Langs het Nieuwe Water, parallel aan de voormalige zeedijk, loopt een smal fietspad. zicht-op-maassluis-2Dat pad brengt mij tot aan de Westgaag, een water dat de grens vormt met de Glazen Stad, het uitgestrekte kassengebied van het Westland.

Achter mij ligt de hoogbouw van Maassluis, inclusief enkele recent gebouwde woontorens met panoramisch uitzicht op de Nieuwe Waterweg en bij helder weer op de Noordzee.

zicht-op-maaslandRechts heb ik zicht op de (toch nog) weidse polder rond Maasland met twee kerktorens en twee poldermolens.

De Westgaag is een polderwater, dat bij Schipluiden over gaat in de Oostgaag en in Delft bekend staat als de Buitenwatersloot. Parallel aan het water liep vroeger een trambaan die westgaagtegenwoordig een zeer gewild fietspad is, met als hoogtepunt de trambrug in Schipluiden.

Maar zo ver kom ik niet. Ik maak nog even een ommetje rond Maasland om vanuit het zuidoosten richting Delft te kunnen fietsen. De kortere route over het tramspoor heb ik al tientallen malen gefietst, op weg naar familie in Maassluis.

noordvliet-bij-maaslandDe route via de polders ten zuiden van Delft ken ik nog niet goed. Het is altijd plezierig om nog weer nieuwe ervaringen op te doen. Ik steek de Noordvliet over en kom in een rustiek veengebied met honderden watervogels. De zon is inmiddels onder gegaan. De laatste foto van de dag maak ik van het verstilde water van de Noordvliet.

Electrische Rioolbemaling Maassluis

Veel mensen kennen Maassluis voornamelijk van de boeken van Maarten ’t Hart. Maar behalve Maarten zijn er nog andere bekende Nederlanders in deze plaats geboren: als daar zijn Abraham Kuijper, Reinder Zwolsman, Bassie én Adriaan en weerman Marco Verhoef. 

maassluis-rioolbemalingZondag liepen wij onder langs de dijk die de voormalige zeewering tussen Rotterdam en de Noordzee vormde. Maassluis bestaat voornamelijk uit nieuwbouw zoals je overal in Nederland aantreft. Maar hier zie je nog een stukje van het oude landschap: een dijkdorp met een historisch en stedelijk centrum.

Tijdens de wandeling stuitten wij op het gebouw van de Electrische Rioolbemaling Maassluis. Het bouwwerk is honderd jaar oud en vanuit cultuurhistorisch perspectief tot monument gebombardeerd.

Het gebouw is gebouwd in de Overgangsstijl. Wat dat precies is weet niemand. Eén van de kenmerken is dat er bepaalde stijlen, zoals Jugendstil en Art Deco in zijn verwerkt. Dat zie je bijvoorbeeld aan het hekwerk en ook wel aan de kop van de opvallende pilaar. Daarnaast werd vaak gebruik gemaakt van een combinatie van baksteen en gepleisterde delen.

Het bouwwerk is een ontwerp van een plaatselijk architect. Toen het werd gebouwd waren bouwstijlen als Jugendstil en Art Deco al uit de tijd, maar er was nog geen nieuwe trend. De wereld had het te druk met de Eerste Wereldoorlog. Dus borduurde de gemeentelijk architect voort op bekende thema’s.

Rondje Westland (6)

Met een wijde boog brengt de Botlekbrug mij naar het dorp Rozenburg.

De natuur is hier ver te zoeken. Hoewel: als je beter kijkt is er natuurlijk altijd nog wel natuur in de vorm van diverse soorten gras, allerlei varianten op het thema (wat wij) ‘onkruid’ (noemen), meeuwen en konijnen.

Rozenburg ligt als een min of meer groen eiland temidden van het industriële geweld van de regio. Ooit was het een tamelijk welvarend agrarisch dorp, daarna vestigden er zich vrij veel forensen die hier redelijk groen konden wonen. Er was aanwas van jonge gezinnen en Bonny St Claire kwam hier in een wieg terecht.

Maar geleidelijk aan ging het steeds minder goed met het dorp. Dat leidde er zelfs toe dat in 2008 besloten werd de gemeente op te heffen wegens gebrek aan bestuurskracht. Kennelijk ontbrak zo langzamerhand ieder perspectief. Rozenburg is nu een deelgemeente van Rotterdam.

Veer Maassluis (2)De enige manier om het dorp uit te komen zonder direct weer tussen de industrie terecht te komen is: de veerpont naar Maassluis. Deze zeer druk gebruikte veerpont van Connexxion steekt 18 uur per dag de Nieuwe Waterweg over. De volgende oversteek voor fietsers ligt 15 km. naar het oosten: Nieuwe Waterweg bij Maassluisde Beneluxtunnel. De volgende (en laatste) oversteek (10 km.) naar het westen toe is de Fast Ferry tussen Hoek van Holland en Europoort. Maar die bleek vanmorgen niet te varen.

Maassluis heeft een kleine historisch centrum met daarom heen eindeloos uitgestrekte nieuwbouwwijken, parallel aan de Nieuwe Waterweg. Het meest monumentale gebouw in het centrum is de Grote Kerk met een wereldberoemd orgel. De meest bekende Maassluizer uit het verleden is Abraham Kuijper, die hier als bronzen beeld te tijd staat te doorstaan. De meest bekende Maassluizers in onze tijd zijn schrijver Maarten ’t Hart en weerman Marco Verhoeff.

Mijn ouders woonden vanaf 1982 in Maasluis en nu woont mijn broer er nog. Bij hem ga ik even op bezoek.

Elbetorens Maassluis

Dit gebouw in Maassluis heet de Elbetoren. Maassluis hoogbouw 1 Maar eigenlijk zijn het drie torens. Dus heb ik er eigenhandig een ‘s’ aan toegevoegd.

Het gebouw is niet de hoogste woontoren van Maassluis. Dat is het kolossale wooncomplex Willem Barentsz. Maar qua architectuur vind ik de Elbetoren veruit het meest imponerende ontwerp.

De Elbetoren bestaat uit drie afzonderlijke torens die naar elkaar toebuigen en van elkaar af buigen. Eén van de effecten is dat het trappenhuis binnen daglicht krijgt.

De toren vormt één van de herkenningspunten van Maassluis aan de Nieuwe Waterweg. Vanaf dit punt heb je een uniek zicht op de schepen die 10 km. verderop de Nieuwe Waterweg binnen varen.

Noodweer in Maassluis?

Dit bericht stond gisteren op de NS-site:

Vertraging tussen Rotterdam en Hoek van Holland…

Oorzaak
Tussen Maassluis en Maassluis West rijden minder treinen door weersomstandigheden.
Verwachting
Houdt u rekening met een extra reistijd van ongeveer 15 min. De verstoring is naar verwachting rond 11:00 uur verholpen.

Mijn moeder woont naast station Maassluis West, maar haar is niets opgevallen.

Ik ben dus wel erg benieuwd welke speciale weersomstandigheden er waren tussen Maasssluis en Maassluis West.