Molenfietsen (6): Krimpen, Capelle en Rotterdam

avondlucht-bij-krimpen-aan-de-ijssel-kopieVanuit Krimpen aan de Lek fiets ik via een groene buffer Krimpen aan den IJssel binnen. Het zuidelijk deel van de plaats bestaat bijna helemaal uit bedrijventerreinen aan de Lek. Daarna fiets ik langs uitgebreide nieuwbouwwijken.

Krimpen aan de Lek is vanaf de jaren ’70 erg hard gegroeid en telt nu zo’n 30.000 inwoners. Van het oude dorp is weinig meer over.

Voor wie hier op zondag naar de kerk wil: je kunt kiezen uit 14 verschillende kerken. De grootste kerkgebouwen bevinden zich aan de rechterflank van de protestantse kerken: een Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland (bijna 2000 leden) en een Gereformeerde Gemeente (bijna 1500 leden). Die kerken zitten zowel ’s morgens als ’s middags helemaal vol. Geen wonder dat de SGP de meeste stemmen kreeg bij de gemeenteraadsverkiezingen. Alleen verwacht je dat niet in de Randstad.

Tijdens de Watersnood in 1953 bleek het stroomgebied van de Hollandse IJssel bijzonder kwetsbaar te zijn. De Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden waren ook kwetsbaar, maar dit was een wel heel laag gelegen gebied (het laagst gelegen deel van Nederland) met bovendien honderdduizenden inwoners. Daarom werd hier begonnen met de Deltawerken: de stormvloedkering in de Hollandsche IJssel.

stormvloedkering-krimpen-aan-den-ijsselNaast de kering ligt een brug: de Algerabrug. Je hebt namelijk Algra’s en Algera’s. De oorspronkelijke naam is Algera, maar ergens is een foutje gemaakt, hetzij door een dronken ambtenaar van de burgerlijke stand (de ene lezing), hetzij door een vader die een borreltje op had (de andere lezing). Deze brug is naar een minister van Waterstaat genoemd.

skyline-rotterdam-2Op de brug heb je een goed zicht op de hoogbouw van Rotterdam. Vóór me ligt een onafzienbare vlakte aan gestapelde stenen en betonnen kolossen aan bebouwing. Tussen die bebouwing door raast dag en nacht autoverkeer in allerlei richtingen.

Maar ik ben nog niet in Rotterdam. Dit is (pas) Capelle aan den IJssel. Van het oorspronkelijke tuindersdorp is weinig meer over. In veertig jaar tijds groeide het dorp van 10.000 inwoners naar 60.000 inwoners. En toch mocht de plaats zich de Groenste Stad van Nederland noemen.

Ik heb geen idee of ik mij strategisch verplaats door de stad, ik fiets gewoon mijn neus achterna. Inderdaad fiets ik wel over door groen omgeven dreven, al is het niet meer goed zichtbaar in de duisternis.

Uiteindelijk kom ik bij de Kralingsche Plas uit, waar tientallen joggers proberen de conditie enigszins op peil te houden. Ik ben hier in de gemeente Rotterdam aangeland. Ik bel voorzichtig met mijn fietsbel als ik niet zeker weet of iemand mij aan heeft zien komen. Maar deze meneer wordt ontzettend boos. Hoe ik het in mijn stomme kop haal om te bellen als hij mij gezien heeft!!! Tsja, ik kan nu eenmaal geen gedachten lezen.

Door wijken aan de noordkant van Rotterdam fiets ik westwaarts: een schijnbaar eindeloos palet aan woonwijken, bedrijventerreinen, groenstroken en autowegen. Rechts van mij komt even verderop de Rotterdam/The Hague Airport, een volgens mij overbodige luchthaven op minder dan een half uur treinen van Schiphol.

Dan nog even het laatste stukje open land tussen Rotterdam en Delft (met veel lichtvervuiling door de kassengebieden) en dan ben ik weer thuis.

Advertenties