Rondje Westland (6)

De mensen in het Westland moeten wel sportief zijn, want zowel in Poeldijk als in Honselersdijk worden als beroemde inwoners die hier geboren zijn een rijtje sporters genoemd. Geen denkers, politici of dichters, maar schaatsers en wielrenners.

Het is donker, dus ik kan niet zoveel melden over wat er allemaal te zien valt. In ieder geval fiets ik Honselersdijk binnen. Hier bevindt zich de grootste bloemenveiling van de wereld. Ik ben benieuwd hoeveel mannen een bloemetje voor hun vrouw meenemen. Ik doe dat wekelijks, zouden ze dat hier ook doen? Of hoor je hier -om origineel te zijn – juist iets heel anders voor je vrouw mee te nemen? Een doos bonbons ofzo?

In Honselersdijk staat een buiten dat tot 1795 eigendom was van de familie van Oranje. De Fransen pakten alle particuliere bezit af en maakten een gevangenis van dit buiten. Ik denk dat het toen minder luxe was ingericht. Daarna werd het een ziekenhuis en vervolgens een kweekschool voor de scheepvaart. Toen de Fransen in 1814 vertrokken stonden de gebouwen op instorten. Kennelijk zijn de fransozen niet goed in monumentenzorg. Maar een deel van de gebouwen is alsnog voor latere generaties gespaard gebleven. Zo vind je toch nog wat geschiedenis in Honselersdijk.

Het is aardig om kennis te nemen van zo’n plaats, maar net als de andere plaatsen in het Westland heeft de plaats weinig structuur. Dat wat er aan oudbouw was is meestal gesloopt en er kwamen nogal fantasieloze huizen en winkels voor in de plaats. Er staat een grote Rooms-Katholieke Kerk, de Onze Lieve Vrouw van Goeden Raad Kerk. Ik wil nog even om goede raad vragen, maar de kerk is gesloten. Als ik een foto neem van het gebouw verschijnt de maan net om de hoek van de toren.

Op een fietsbord staat De Lier aangegeven. Daar kan ik natuurlijk ook nog even naar toe. De fietsroute blijkt een wonderbaarlijke route te volgen, waarbij ik het gevoel heb dat ik helemaal zoek raak. Ik meen overal in Nederland de weg te kunnen vinden, maar het Westland is zó’n doolhof dat ik vermoed dat ook veel autochtone inwoners zoek raken. Veel wegen lopen dood op vaarten of eindigen temidden van de kassen. Daarom volg ik nu maar de beborde route. Die leidt zigzaggend tussen de kassen door. Iedere keer als ik denk dat de weg ophoudt komt er weer een zijweg. Vervolgens een natuurgebied (De Wollebrand) en daarna vrees ik het ergste: een autoweg langs de Zweth. Maar ziedaar: er blijkt een doorsteek te zijn gemaakt.

Zo kom ik alsnog behouden in De Lier aan. Deze plaats roept associaties op aan een delier. Je zou kunnen denken dat de mensen hier op doktersadvies veel haldol nuttigen teneinde hun delier te kunnen bestrijden. Om dit alles nader te onderzoeken fiets ik eerst maar eens naar de plaatselijke supermarkt. Daar tref ik mogelijk een doorsnee van de bevolking van De Lier aan.

Rondje Westland (2)

Ook rond Honselersdijk is het één en al kassengebied wat de klok slaat. Een halve eeuw geleden waren hier nog allemaal weilanden. Maar ja, we willen tegenwoordig ook in de winter tomaten en sla kunnen eten.

Huis HonselersdijkIn Honselersdijk stond ooit één van de grootste landhuizen van Nederland. Het werd in de 19e eeuw afgebroken, alleen de stallen zijn blijven staan. Daar wonen nu mensen in. De panden staan bekend als Huis Honselersdijk. Als dit de stallen waren, moet het wel een groot kasteel zijn geweest!

Ik heb geen vastomlijnde route in mijn hoofd. Wel moet ik in Delft uit komen, waar onze beide kinderen wonen. Op zichzelf opmerkelijk: ze hebben altijd in Noord-Holland gewoond en zijn onafhankelijk van Kwintsheulelkaar (vanwege beschikbaar werk) naar Delft verhuisd…

Het volgende dorp is Kwintsheul. Ook dit tuindersdorp ligt temidden van de kassen. Vroeger was het een karakteristiek dorp langs een ‘watering’, met bruggetjes naar de huizen en af en toe een plaatselijke poes.

Den Haag is niet ver weg van hier, maar van deze stad valt tussen de kassen nog niets te zien. Dan fiets ik Wateringen binnen. Het oude dorp wordt omgeven door uitgebreide nieuwbouwwijken. Het Wateringenkassengebied is hier grotendeels verdwenen: woningbouw gaat kennelijk af en toe vóór tuinbouw.

Wateringen oogt als een redelijk ruim opgezet dorp, met een florerende middenstand. Bij binnenkomst vanuit Honselersdijk valt de hoge stellingmolen op. Ooit was hier nog een molendriegang (om de polders te bemalen), maar twee molens zijn naar elders in Nederland verhuisd, terwijl de derde volgens de voor mij beschikbare bronnen zoek is geraakt. Wie heeft die derde molen in zijn achtertuin staan?