Griendtsveen

De mensen vragen mij wel eens: “Henk, kom jij wel eens in Griendtsveen?” 

Dat zal ik jullie zeggen. In Griendtsveen ben ik meerdere malen geweest en iedere keer weer raak ik van slag.

Vervolgens vragen de mensen: “Waarom ga je er dan heen, als je toch van slag raakt?” Dat zal ik jullie zeggen: het is er zó mooi dat ik bijna tot tranen toe geroerd wordt. Nu zitten mijn tranen toch al dicht onder de oppervlakte, maar dat komt omdat ik tijdens het fietsen vaak moet huilen. Ik lijk geheel ontroerd op de fiets, maar in werkelijkheid is het een gevolg van een oogafwijking waar je oud mee kunt worden. Tranende ogen door de wind. Dat komt vooral voor bij mensen vanaf 60 jaar. Er zijn ergere dingen…

Griendtsveen ligt in de Peel, precies op de grens van Noord-Brabant en Limburg. Het ademt de sfeer van de fotoboeken van mijn vader uit de jaren ’30. Zandwegen, akkerbouw, bomen langs de weg en af en toe een nietig stulpje.

Het dorp bestaat uit niet meer dan een paar vaarten, een paar wegen, een ophaalbrug, een aantal huizen, percelen grond met veel bomen, een kapitale villa en een kerk.

Griendtsveen is nog geen 150 jaar oud. In 1866 werd de spoorlijn van Venlo naar Eindhoven geopend. De aannemer van de spoorlijn – Jan van de Griendt – had ook belangen bij de ontginning van de Peel. Zo werd hier sinds die tijd turf gewonnen en met de trein afgevoerd naar de grote steden.

De bekende schrijver Toon Kortooms groeide op in Griendtsveen. Hij werd bekend door o.a. het boek ‘Mijn kinderen eten turf’ en ‘Help, de dokter verzuipt’. Een paar jaar geleden werd het Toon Kortoomspark geopend. Ook Griendtsveen trekt tegenwoordig toeristen. Als het er maar niet te druk wordt.

Vandaag is het stil en fris (5 graden in april). Ik neem mijn intrek in een dorps café met gezellige tafelkleedjes en wandversieringen, waaronder een grote collectie koffiemolens.