De Friese aarde is rond

In de volgebouwde Randstad zie je dat niet zo.

Maar in het weidse Friesland kun je toch echt wel zien dat de wereld rond is. Op de foto de weilanden bij Menaam (Menaldum).

Advertenties

Fries Volkslied verboden

De Friezen pikken het niet!

In Friesland is grote onrust ontstaan nu de Nederlandse regering het zingen van het Friese volkslied bij openbare gelegenheden heeft verboden.

De Minister van Koninkrijkszaken beargumenteerde dit besluit met het feit dat de Romeinse geschiedschrijver Tacitus al schreef dat de Friezen niet kunnen zingen. ‘Frisia non cantat’ schreef hij in zijn De origine, situ, moribus ac populis Germanorem. En volgens de minister is er weinig aanleiding om aan te nemen dat deze rijksgenoten inmiddels wél hebben leren zingen. Nooit verscheen er immers een Friese zanger of zangeres op het podium van het Songfestival.

Eierdopje Beerenburg

De Friese bevolking heeft zich sinds de 17e eeuw geschikt in de Hollandse overheersing van hun land. Dat was niet zo moeilijk. Het zit in de Friese volksaard om net te doen of je meedoet en ondertussen gewoon je eigen gang te gaan. Zelfs de gulden en de euro zijn vrij geruisloos ingevoerd, al bleef op de zwarte markt het eierdopje Beerenburg het meest geliefde betaalmiddel.

Maar nu er sprake is van daadwerkelijke inmenging in de Friese aangelegenheden lijken de vroegere onderhuidse nationalistische gevoelens bovengronds te gaan. Overal zijn Friese vlaggen in het straatbeeld verschenen. En zelfs de koffiemelk wordt inmiddels getooid met een Friese vlag.

Epke Métlandstra

De nationalistisch getinte Friese beweging zocht naar een nieuw boegbeeld sinds Grutte Pier en Hendrik Algra zijn overleden. Die is gevonden in de heer Epke Zonderland uit Lemmer. Hij heeft zijn naam veranderd in Tjepke Metlandstra, want hem is een stuk land ter grootte van bijna de gehele provincie aangeboden als hij de beweging zou gaan leiden. Alleen het overzeese gebiedsdeel Ameland verzette zich tegen deze keuze. Men voelde zich al steeds minder verbonden met het vasteland, sinds de vaargeul nauwelijks meer bruikbaar is voor veerponten.

Eindelijk verlost van de toren? 

Inmiddels heeft het eerste grote bedrijf in Friesland bekend gemaakt dat men dit gebied zal verlaten als de nationale beweging in het Friese deelparlement de meerderheid krijgt. Het is Achmea, dat zijn hoofdkantoor tegenover het station van Leeuwarden heeft.

Veel Friezen haalden bij het horen van dit voornemen opgelucht adem, want het kan gaan betekenen dat Friesland eindelijk is verlost van deze meest afzichtelijke expressie van menselijke hoogmoed sinds de torenbouw van Babel. Er worden inmiddels plannen ontwikkeld om met de vrijkomende betonplaten een weg aan te leggen naar Ameland, zodat dit eiland weer binnen Friese grenzen komt te liggen.

Groot Waddenrijk?

Op de overige Friese Waddeneilanden klinkt de roep om een Groot Overzees Waddenrijk, dat ook Texel, de Razende Bol en Borkum zou moeten gaan omvatten.

Openbaar Vervoer

De Nederlandse Spoorwegen hebben aangekondigd dat als Friesland een zelfstandige positie krijgt de dalurenkaart daar niet meer geldig zal zijn. Ook de geldigheid van de OV-kaart zal 2 km. ten noordwesten van Meppel eindigen.

De Q liner zou zijn eindpunt halverwege de Afsluitdijk krijgen, waarbij overgestapt zou moeten worden op het regionale Friese vervoer.

Grenscorrectie op de Afsluitdijk

De Friese nationalisten eisen op hun beurt een deel van de Afsluitdijk op. Omdat zij veel harder hebben gewerkt aan de sluiting van de dijk (op 22 km. uit de Friese kust en op 8 km. uit de Noordhollandse kust) menen ze dat de grens 7 km. in zuidwestelijke richting moet worden opgeschoven. Ze hebben de parlementariërs met een Friese achtergrond in de Tweede Kamer opgeroepen om met een wetsvoorstel hieromtrent te komen. Voorts eisen ze dat er in de Tweede kamer ook Fries kan worden gesproken. Dit omdat het Fries de tweede erkende Rijkstaal is binnen het Koninkrijk der Nederlanden.

Escalatie naderbij?

Zo lijkt het verbod op het zingen van het Friese volkslied een eeuwenlange status quo te gaan doorbreken. Niet uitgesloten wordt dat bij verdere escalatie – net zoals Bonifatius – ook premier Rutte en de voorzitter van de Nationale Synode gevaar lopen bij een bezoek aan de binnenlanden van Friesland ter hoogte van Dokkum.

 

De Q is van Quatre Bras

Jullie dachten natuurlijk: “Nu gaat Henk de mist in! In Quito heeft hij nooit gefietst. Dus wat gaat hij met de Q doen?”

Welnu: hij fietste vanuit Hardegarijp naar het oosten en kwam in dier voege door het buurtschap Quatre Bras. Het is een buurtschap in de gemeente Tytsjerksteradiel.

Jullie denken wel dat de Friezen alleen maar Fries spreken, en dat is ook wel een beetje zo in dit deel van Friesland, maar ze kunnen ook Frans. Dus heet deze buurtschap Quatre Bras. Voor de eenvoudige lezers onder ons: dat betekent vier armen. Het is dus gewoon de naam van een kruising. Best een gevaarlijke kruising trouwens, het is er behoorlijk druk.

De vier armen leiden respectievelijk naar Hurdegaryp, Noardburgum, Feanwâlden en Burgum. Op zijn Fries gesproken, maar in de bus en de trein worden de plaatsen ook op zijn Fries uitgesproken. Dat mag ook, want het Fries is de tweede wettelijk erkende Nederlandse taal.

Er valt in Quatre Bras niet veel te doen, behalve auto’s tellen. En in het weekend kun je naar de discotheek. Zo’n bezigheid is niet aan mij besteed. Ik fiets dus maar weer verder…

Door een mooi landschap overigens, dat wel.

 

De F is van Firdgum

Her en der in Friesland zie je losstaande torens in het landschap. De kerk is verdwenen, er waren geen kerkgangers meer, maar de toren heeft moedig stand gehouden. Een vroegere collega van mij heeft zelfs zo’n toren in haar achtertuin.

Zo ook in Firdgum. Je zou het niet zeggen, maar dit dorp (met nu 70 inwoners en wat meer koeien) had vroeger een heus station. Dat stond aan de lijn van de Noord-Friesche Locaalspoorweg-Maatschappij tussen Stiens en Harlingen.

Firdgum ligt een paar kilometer van de grotere dorpen Tzummarum en Minnertsga en voor wie het dan nog niet weet: in het weidse boerenland ten noorden van Franeker. 

In tegenstelling tot Het Bildt (dat pas later werd ingepolderd) is dit weer een heel oud stukje Friesland. De toren staat er al zo’n 800 jaar. Er hangt een klok in die dateert van rond 1450. Of hij ooit nog luidt (en bij welke gelegenheid) weet ik niet. De kerk is in 1794 afgebroken.

Fries fietsen (1)

De mensen vragen mij wel eens: “Henk, waar hang jij allemaal uit vanwege je werk?”

Dat zal ik jullie zeggen: ondanks mijn hoge leeftijd ben ik nogal ambulant. Zo ben ik deze week vanwege werkzaamheden in Amsterdam West en Amsterdam Buitenveldert, in Barendrecht en in Friesland. Als ik ooit mijn agenda kwijt ben heb ik geen idee meer wie mij waar verwacht.

Nu we het toch over Friesland hebben: ik had nog een stapeltje foto’s klaarliggen. Want één van mijn werkfietsen staat in Friesland en als je een fiets niet gebruikt gaat hij roesten. Dus fietste ik na gedane arbeid nog een rondje door het noorden van Fryslan.  

Zoals door Schalsum. Daar hebben veel mensen nog nooit van gehoord. Het dorp ligt dan ook wat weggedrukt onder de rook van Franeker. En het voordeel van Frentsjer is dat daar vrij weinig rook vandaan komt.

Kaatsen

Schalsum is een nietig dorpje met een hoge organisatiegraad. Eén derde van de inwoners is lid van de plaatselijke kaatsvereniging.

De mensen denken wel eens dat kaatsen een Friese sport is, maar dat is niet zo. Het kaatsen is bekend in vijftig landen en werd nota bene door de Hollanders geïmporteerd is Friesland. Ooit waren er honderden kaatsbanen in West-Nederland, maar men vond daar kennelijk uiteindelijk het voetballen interessanter.

Er wordt overigens beweerd dat het kaatsen een prehistorische vorm van tennis is. Er zijn rond het kaatsspel tientallen regels, maar ik begrijp er allemaal helemaal niks van. Ik heb alleen begrepen dat als er gejuicht wordt, dat er dan waarschijnlijk een doelpunt is gemaakt.

De tweede vereniging in Schalsum is een biljartvereniging. Dus de inwoners van het dorp hebben wel iets met ronde ballen.

Vroeger lag Schalsum rustig uit te rusten in het weidse land, maar tegenwoordig loopt de autosnelweg dicht langs het dorp. Dat leidt tot aanzienlijk geraas.

Fallus en Peins

De weg gaat onder de autoweg door naar het volgende dorp en dat is Peins. Het dorp kende ik van de bushalte Zweins/Peins. Maar het is dus echt een apart dorp. Maar als je het dorp op internet – bij afbeeldingen – opzoekt heb je een probleem. Meneer Google maakt namelijk de vergissing dat het hier om de fallus zou gaan. De letters zijn inderdaad hetzelfde, maar Peins is toch vooral een vriendelijk en net dorp. Er staat een kerk, maar er is geen brievenbus.

Na het bezoek aan Peins fiets ik peinzend verder zonder me echt zorgen te maken waar ik nu weer heen zal fietsen. En dan kom je wel eens op plekken uit waar je al eerder bent geweest, zoals in Minnertsga (waar tot voor kort familie woonde) en in Berlicum.

Schaker met fobie

Tussendoor passeer ik het dorp Wier. Hier woonde ooit een wereldberoemd schaker: Kor Mulder van Leens Dijkstra. Dat was opmerkelijk, want hij durfde zijn eigen erf niet af. Honderden schakers uit de hele wereld bezochten hem op de boerderij. Het schijnt dat hij ook nog eens miljonair was en dat dankzij de pootaardappelen. Het lijkt mij dat er nodig een boek over deze meneer geschreven moet worden.

Land van melk en piepers (3)

In een voor mijn leeftijd aanzienlijk tempo fiets ik naar de dijk toe. Want – zoals gemeld – ik wil de zon in de Waddenzee zien zakken.

Ik kruis de Hoarnestreek, een weg die zo’n 20 km lang langs de buitenste bebouwing van de provincie loopt. De sloten door het land lijken af en toe de vroegere geulen van de Waddenzee te volgen. Dat weet ik hier niet zeker, ik ken dit verschijnsel vanuit de Kop van Noord-Holland.

Ik ontstijg mijn fiets en zie dan dat de zon helemaal niet in de zee zakt. Laaghangende zeemist maakt dat er een vroegtijdig einde komt aan de zonnestralen. Het wordt meteen ook een stuk frisser.

Bij helder weer kun je hier op de dijk drie Waddeneilanden zien. Ik kan nog wel een eind kijken, maar niet vér genoeg. Dat maakt dat de zee eindeloos lijkt te zijn.

Kijk ik naar het zuiden, dan zie ik de Slachtedyk het Friese land intrekken. Iets meer naar links staat de hoge toren van Oosterbierum fier naar de hemel te wijzen.

Een aantal stenen in de dijk geeft aan hoe deze dijk in de loop van de eeuwen steeds verder verhoogd moest worden, om het zilte water tegen te houden.

Ik stap weer op de fiets en rijd in de nu snel invallende duisternis terug naar Harlingen, waar ik deze week drie dagen aan het werk ben.

Berijpt Friesland

leeuwarden-rijpDe afgelopen dagen werkte ik weer in Friesland. Dat is weliswaar intensief, maar zeker geen straf. Alleen al de Friese taal klinkt mij als muziek in de oren. En veel besprekingen zijn in het Fries.

Deze keer verbleef ik in een bijzonder sfeervol Bed and Breakfast in franeker-stationLeeuwarden.

Iedere ochtend treinde ik na een overvloedig ontbijt naar Harlingen. Dat leverde in de berijpte Friese wereld mooie plaatjes op.