Mentaliseren (12) : training

Er zijn de afgelopen decennia allerlei methoden ontwikkeld die mensen kunnen helpen om het in hun werk vol te houden.

Zelfmanagement

Eén van die methoden is het ‘zelfmanagement’. Kenmerkend hiervoor is dat een medewerker meer inzicht krijgt in de manier waarop hij zelf handelt. Maar daar achter zit een andere vraag: wat ging er bij jou om, wat deed dit gedrag jou, en waarom handelde je vervolgens zoals je gehandeld hebt? Dus opnieuw ‘het observerend ik’: afstand nemen van jezelf om vervolgens beter naar jezelf te kunnen kijken. Oftewel: mentaliseren.

Sinds de opkomst van de video-analyse hebben we in de zorg een schat aan mogelijkheden gekregen om beter het gedrag te kunnen analyseren. Aanvankelijk (rond 1980) was deze analyse vooral gericht op het gedrag van cliënten, maar de grootste winst werd later geboekt: het kijken naar het eigen handelen van begeleiders. Eén van de methodieken die veranderingen in het denken van behandelaars mogelijk maakt is het ‘Anders kijken naar’ van Jacques Heijkoop. Het gaat dus om interactieve technieken.

Problemen bij begeleiders

Petri Embregts en Linda Gerets deden onderzoek naar de gevolgen van een EQ-training voor begeleiders op een woning met complex probleemgedrag.

Uit een vooronderzoek bleek dat er regelmatig sprake was van:

A). Een tekort aan kennis omtrent de achtergronden van het gedrag van cliënten. Daarbij voeg ik toe: denk bijvoorbeeld aan het nauwelijks inzicht hebben in het niveau van sociaal-emotioneel functioneren van cliënten.

B) . Een gevolg: inadequate attributies (zie een eerdere bijdrage die ik hier over heb geschreven). Je schrijft aan de cliënt iets toe, wat niet past bij zijn ontwikkeling. Bijvoorbeeld: je zegt dat de cliënt jou expres in je gezicht spuugde, terwijl de cliënt nog niet op een sociaal-emotioneel niveau functioneert waarbij hij iets expres kan doen.

C). Nog een ander gevolg: negatieve emoties ten opzichte van een cliënt: je gaat de persoon mijden, maakt zo weinig mogelijk contact, zoekt andere bezigheden die je als prettiger ervaart, met als gevolg: de cliënt raakt meer geïsoleerd.

EQ-training

Embregts en Gerets legden een aantal interacties tussen een begeleider en een cliënt vast op de camera. Daarnaast werd de begeleider ‘gescoord’ op aspecten van het EQ, daar kwam een bepaald profiel uit. De medewerkers kregen vervolgens inzicht in het profiel van hun emotionele intelligentie. Op die manier kregen ze meer inzicht in de sterke en zwakke kanten van hun profiel. Denk daarbij aan de eerder genoemde aspecten:

a) inzicht in de eigen emoties,

b) interpersoonlijke aspecten (hoe reageer ik op anderen?),

c) hoe ga ik om met problemen?

d) hoe ga ik om met stress? en:

e) hoe is mijn levenshouding, stemming?

Effect van EQ-training

De training die gegeven werd bleek doorgaans effectief, maar er was wel verschil in de mate van effectiviteit. De ene begeleider pakte gemakkelijker de inzichten op en zette deze eerder in adequaat handelen om dan de andere begeleider.

Een ander positief effect van de training was dat multidisciplinaire handelingsafspraken beter werden uitgevoerd.

En tenslotte hadden de medewerkers meer het gevoel dat ze goed bezig waren, meer inzicht hadden. Oftewel: ze hadden meer grip op de situatie. Met andere woorden: het perspectief verbeterde, waardoor medewerkers hun werk langer vol kunnen houden en minder risico hebben op een burn out.