Ecaussinnes (vervolg)

Ik blijf nog even stil staan bij het kasteel van Ecaussinnes-Lalaing. Dat moet ook wel, want op de kasseienweg omhoog valt (voor mij) niet te fietsen.

Langs het water van de Sennette lag een rotswand en een slimme landheer bedacht in de 12e eeuw dat hij daar wel een eenvoudig optrekje kon bouwen met een paar stevinge muren. Het was vaak knokken geblazen in deze streek, dus op deze manier kon je je bezittingen een beetje veilig stellen. Van witwassen op een Zwitserse bankrekening had men in die tijd nog noiit gehoord.

Maar ja, als je eenmaal begint wil je ook uitbreiden. Er kwam een hoge verdedigingsmuur en er werden vierkante torens gebouwd (12e eeuw). In de 14e eeuw kwamen er ronde torens bij, dat was lastiger bouwen, maar effectiever in de verdediging.

Later wordt er een tweede verdieping op het huis gebouwd en er komen nieuwe muren, waardoor de oppervlakte wordt verdubbeld. Toen werd het ook tijd om uit dankbaarheid een kapel te bouwen. In de 18e eeuw komen er paviljoenen bij, benevens een complete boerderij. Hoe zelfvoorzienend kun je willen zijn? Aan het kasteel werden trouwens ook een ziekenkamer én een gevangenis toegevoegd. Dat alles heb ik niet bekeken, ik bleef voor de onneembare muur steken.

Als ik de helling uit het dal van de Sennette gekomen ben ontvouwt zich een panorama van zacht golvend land, deels grasland en deels omgeploegd akkerland. De wegen lopen wat onvoorspelbaar kriskras door dit land. Soms denk je dat je een bepaalde richting uit fietst en dan blijkt de weg opeens een haakse bocht te maken. Alleen een smal en blubberig landweggetje leidt rechtdoor.

Ik wil naar het Kanaal van Brussel naar Charleroi (of omgekeerd), maar hoe kom ik daar. Uiteindelijk vind ik achter een paar huizen een smal betonpad. Dat leidt in de goede richting, maar je moet er maar op komen.

Het land lijkt landelijk, maar aan de horizon is industrie zichtbaar. Ik zit hier vrij dicht bij het gebied van de oude staalindustrie van Charleroi en La Louviére. Die industrie is bijna helemaal bezweken, maar op sommige plaatsen heeft zich nieuwe industrie gevestigd.

Vanmorgen sprak ik in de trein met een Vlaamse fietser die mopperde op zijn eigen land. hij zei dat Vlaanderen een eeuw geleden een achtergesteld gebied was en dat de Walloniërs alles voor het zeggen hadden. Toen ik zei dat het nu andersom was was zijn reactie: "En dat is een ramp. Daar wil je eigenlijk niet meer wonen. Geef mij maar Wallonië. Daar is tenminste nog groen met frisse lucht." Ieder voordeel heb inderdaad zijn nadeel.
Advertenties

Ecaussinnes

Wat heb ik nu weer aan mijn fiets hangen? Welnu dat is het plaatsje Ecaussinnes. Eigenlijk zijn het drie dorpen met allemaal dezelfde naam. Dat is om het eenvoudig te houden.

Ik kwam in Ecaussinnes omdat ik vanuit Naast verder fietste. Het dorp zei me helemaal niets. Maar het blijkt een plaats te zijn met tal van historische bijzonderheden. Het heeft zelfs de bijnaam City of Love gekregen. Daar is geen woord Frans bij…

Die liefde heeft te maken met een grap uit 1903 toen werd aangekondigd dat 60 meisjes uit de omgeving op zoek waren naar mannen. Dat trok nogal wat publiek en dat schijnt de oorsprong te zijn van een festival dat jaarlijks rond Pinksteren wordt gehouden. Eén van de kastelen binnen de gemeente is gastheer voor dit festival. Ik ben te vroeg of te laat, het is in ieder geval bijna kerst. Te koud voor de liefde.

Hoog boven het dorp Ecaussinnes-Lalaing torent een middeleeuw kasteel. Het blijkt verschillende aangezichten te hebben en dat klopt ook doordat het in diverse bouwperioden werd gebouwd en verbouwd. Het terrein beslaat een grote oppervlakte, een deel is zelfs een ommuurde boerderij. In de vorige eeuw werd het kasteel ernstig verwaarloosd. Het werd aangekocht door een stichting, die misschien moeite heeft om de eindjes aan elkaar te knopen. Sommige delen van het kasteel zien er wat verwaarloosd uit. Maar dat heeft zijn eigen Anton Pieck charme.

Dwars door het dorp loopt een spoorwegviaduct met maar liefst 12 bogen die het dal van de Sennette overbrugt. Er heeft hier echter nooit een trein gereden, het was dus een tamelijk zinloze investering. Maar als voetganger (want: verboden te fietsen) heb je hier een mooi uitzicht over het dorp.

In de drie dorpen die samen Ecaussinnes heten kun je gemakkelijk de weg kwijt raken, want in welk Ecaussinnes ben je nu? Waarheen leiden de borden? Ik kies men eigen route in de richting van het Kanaal van Brussel naar Charleroi.