Fietsretour naar zee

Nee, het was geen fotogeniek weer. Ik heb onderweg ook geen foto's gemaakt. Maar wat me zo enorm is meegevallen in onze nieuwe woonomgeving is de mogelijkheid om leuke en afwisselende fietstochten te maken.

Neem de rit naar de Noorderpier in Scheveningen vice versa. Den Haag en Delft zijn via Rijswijk aan elkaar vastgegroeid. Helaas werd het laatste stukje groene buffer tussen de beide steden de afgelopen twee jaar volgebouwd. En toch…

Vanuit Delft fietsten we langs de landelijke Vliet (de waterweg tussen Rotterdam en Leiden) over een verkeersluwe fietsstraat naar Rijswijk. Daarna door het rustieke dorpse centrum van Rijswijk naar Den Haag. Door het Laakkwartier (bij Den Haag Hollands Spoor) was het even doorbijten. Maar daarna volgde een nieuwe vrijliggende fietsroute langs het water door o.a. het 19e eeuwse Statenkwartier (met veel statige huizen) naar Scheveningen.

Op de terugweg door het oude dorp Scheveningen en daarna door en langs allerlei parken en het statige Benoordenhout en Bezuidenhout naar Voorburg met een historisch centrum.

Vervolgens met een lange fietsbrug (naast park Drievliet) naar de wijk Ypenburg. Dat is een typische Vinexlocatie met vrijliggende fietspaden. Over de voormalige start en landingsbaan weer terug naar Delft. Rechtdoor had ook gekund, dan kom je door een uitgebreid bosgebied: de Delftse Hout. In beide gevallen fiets je rechtstreeks het historische centrum van Delft binnen.

En al die afwisseling binnen 35 fietskilometers. Je moet het even weten hoe het zit want anders fiets je jezelf vast op bedrijventerreinen, in kassengebieden en op autowegen.

Maar als je de weg ongeveer weet fiets je grotendeels over comfortabele nieuw geasfalteerde fietspaden. Langs waterwegen, door statige wijken, de zee en een duingebied, prachtige parken en af en toe wat bedrijven en autosnelwegen. 

Door de duinen (3)

Voor Scheveningen maakt het fietspad een scherpe bocht naar het oosten. Je kunt niet rechtstreeks Scheveningen binnen fietsen, tenzij je over het strand fietst. Dat fietst nogal zanderig.
Watertoren Scheveningen (1874)

Het fietspad leidt rechtstreeks naar de watertoren in de duinen bij Scheveningen aan de Pompstationweg. De toren is zo’n 150 jaar oud en gebouwd in de eclectische stijl. Voor mensen die niet weten wat dat is: het is van alles wat. Misschien hadden de beide architecten elk hun architectonische voorkeur.

Bovenop de toren is een koperen dak aangelegd. En voor de zekerheid ook wat bliksemafleiders.

Zoals trouwe lezers weten fiets ik tijdens recreatieve ritten eigenlijk nooit een geplande route, ik doe maar wat. Ook weiger ik uit principe een kaart te raadplegen. Fietsen is net zoals het gewone leven: het gaat een bepaalde kant uit, maar je weet nooit precies welke. Dus heb ik ook nu geen idee hoe ik naar Delft zal fietsen. Wel is duidelijk dat ik niet zoveel tijd meer heb: het is al kwart over acht en om negen uur tikt het Avondklokje van Gehoorzaamheid.

Nu is Den Haag niet zo erg ingewikkeld qua wegenstructuur. Je kunt nogal rechtdoor fietsen. Maar dan alleen diagonaal: van noordwest naar zuidoost of van noordoost naar zuidwest. Wil je pal naar het noorden, het oosten, het zuiden of het westen, dan heb je een probleem. Dat kan dus niet: dan moet je zigzaggen. Er zijn mensen die geprobeerd hebben om van het noorden van het zuiden te fietsen, maar die hebben zichzelf in een schuurtje aan het einde van een doodlopend steegje vastgefietst en verder vervolgens aangevallen door een plaatselijke bijtgrage hond.

Onderweg door Den Haag

Zoals jullie op het kaartje kunnen zien kon ik keurig immer gerade aus (over de Van Alkemadelaan) in zuidoostelijke richting verder fietsen waarbij ook nog eens bleek dat de vele verkeerslichten bij mijn nadering vanzelf op groen sprongen. Ik heb nog om me heen gekeken of ik misschien in een koninklijke file verzeild was geraakt, maar dat was toch niet het geval.

Het was Haagse Service. Bovendien heeft Den Haag tegenwoordig uitstekende geasfalteerde fietstpaden, dus ik mag opnieuw niet klagen. Voor wie zich afvraagt wie Van Alkemade was: dat was een burgemeester van Den Haag (van 1560 tot 1572). Wel bijzonder dat er zo’n grote weg naar een burgemeester uit die tijd is genoemd. Hij heeft dat zelf niet mee mogen maken.

Ik kom door Benoordenhout en Bezuidenhout. Dat klinkt chicque en dat is het waarschijnlijk ook. Ik moest hier een keer bij iemand op bezoek en daarbij bleek dat iedereen thee dronk met de pink omhoog. Dat heb ik toen ook maar gedaan.
Delft met de DSM-fabriek

Na deze wijken volgt de omgeving van de Laan van NOI, gewoon noi, zoals de conducteurs in de trein omroepen. Ook iemand riep Laan van het LOI om. Hier strijden kantoorkolossen om de vraag wie de hoogste is. Na de Laan volgt Voorburg. Ik kies voor de nieuwe snelfietsroute en stort me daarna in diverse Vinex-locaties die het laatste groen tussen Haaglanden en Delft verdreven hebben. Door een navigatiefout (hoewel: de richting was goed, maar de weg liep dood) moet ik een ferme slinger maken. Maar het komt allemaal goed. Om 21 uur fiets ik Delft binnen.

Daarna was het nog zaak om mezelf onzichtbaar te maken. Anders moet ik 95 euro dokken. Maar liefst drie keer kom ik een politieauto tegen. maar waarschijnlijk ben ik inderdaad onzichtbaar. Ik kan gewoon doorfietsen. Na twintig minuten aan illegaal fietsplezier ben ik weer thuis. 

Op familiebezoek (1)

Tineke had een afspraak in Leiden. Ze wilde op de fiets. Ik besloot met haar mee te fietsen. Per slot van rekening maken we al ruim een halve eeuw gezamenlijk fietstochten.

Je kunt vanuit ons huis heel gemakkelijk naar Leiden fietsen. Immer gerade aus langs het Rijn-Schiekanaal. Dat was Tineke dan ook van plan. Maar ik houd niet van voorspelbare fietstochten. Gewoon een weggetje links en dan een weggetje rechts en dan uiteindelijk toch op tijd op de plaats van bestemming aan komen.

We zaagden met onze fietsen eerst Delft dwars door midden. Delft is voornamelijk in de lengte gebouwd. Het is dan ook vanuit de verre oorsprong een veenkolonie. Een soort Stadskanaal, maar dan in Zuid-Holland. De Schie was de hoofdvaart van deze veenkolonie.

Direct aan de bebouwde kom van Delft grenst de gemeente Rijswijk. Met ook weer bebouwing. En als je rechtsaf slaat kom je over de A 13 en dan ben je in Den Haag. De enige groenstrook is hier een golfterrein. Hier lag tot 1992 het vliegveld Ypenburg. Nu wonen er zo’n 30.000 mensen. De oude verkeerstoren staat nog temidden van de ruim opgezette bebouwing van deze Vinexwijk. Maar als je de centrale hoofdas van de wijk oversteekt ben je opeens in de gemeente Pijnacker-Nootdorp. In de eerste vijf kilometer hebben we dus al in vier gemeenten gefietst.

Delft-Leiden-Leiderdorp-Oegstgeest-Wassenaar-Den Haag-Delft

Eigenlijk, als je op de kaart kijkt, is het hier een wonderlijk gebied. Aan de noordzijde van Ypenburg lopen de spoorlijn en de snelweg van Den Haag naar Utrecht. Ten noordwesten van de wijk bevindt zich het Prins Clausplein, een enorm complex aan wegen in de vorm van een Maltezerkruis dat qua ruimtebeslag bijna net zoveel ruimte inneemt als de wijk Ypenburg (met 30.000 inwoners).

We fietsen onder de spoorlijn en de snelweg door, over het bedrijventerrein Forepark, fietsen dan onder de Randstadrail naar Zoetermeer en Rotterdam door, opnieuw een autoweg en dan wéér een Vinexwijk: Leidschenveen. Ook die Vinexwijk fietsen we door. Aan de noordwestzijde van de wijk bevindt zich een viaduct onder alwéér een autosnelweg door. Dan zijn we in de vijfde gemeente: Leidschendam-Voorburg. We slaan meteen rechtsaf en zodra we de bebouwing uit zijn is er wéér een golfterrein.

Woningen, bedrijventerrein, golfterrein, autosnelweg, woningen, bedrijventerrein, golfterrein, autosnelweg: dat is de Randstad

Rijn-Schiekanaal bij Leidschendam

Pas na bijna 12 kilometer zijn we in een stukje open land, ingeklemd tussen de bebouwing van Leidschendam en de autosnelweg naar Amsterdam. Via een dwarspad komen we bij de Oostvlietweg uit: de weg die langs de oostzijde van het Rijn-Schiekanaal loopt. Hier hadden we dus ook kunnen komen door vanuit ons huis ‘immer gerade aus’ te fietsen. Maar nu hadden we veel meer variatie. Die variatie bestond uit woonwijken, bedrijventerreinen, golfterreinen, autosnelwegen en spoorlijnen.

Alleen als de autosnelweg ondergronds zou gaan zou er meer bouwruimte voor nieuwe woningen gerealiseerd kunnen worden. Dit deel van de Randstad zit bijna vol...

Herfstfietsen (5) : Den Haag

Uiteindelijk fiets ik over de Buurtweg in de richting van Den Haag. Rechts liggen de duinen en het Museum Voorlinden, dat nog steeds op ons verlanglijstje staat.

In de duinen staat af en toe een enorm gebouwencomplex. Her en der wordt er ruimte van het beschermde duingebied ingepikt. Over de Waalsdorperweg

Bron: Jan Willem van Aalst op Wikipediafiets ik Den Haag binnen. Of is het hier Scheveningen?

Ik weet niet of jullie wel eens door Den Haag fietsen. Ik heb een jaar lang elke vrijdag in Monster cursus gegeven en dan fietste ik vanuit Den Haag Centraal naar Monster. Er kwam voor mijn gevoel geen eind aan de bebouwing. Maar nu moet ik helemaal vanuit de noordwestrand van Den Haag naar het zuidoosten doorsteken. Hoe ver zou dat wel niet zijn? Of niet wel zijn? Het is maar hoe je het bekijkt.

Inmiddels weet ik het: volgens de fietsrouteplanner is het bijna 15 kilometer... Het kan wel wat korter trouwens, maar dit is volgens de optie 'gemakkelijk doorfietsen'.

Je snapt het trouwens niet. Den Haag telt (exclusief de Vinexwijk Ypenburg, die tegen Delft aan ligt, op de kaart rechts)) nog geen half miljoen inwoners: hoezo die grote afstanden? Of is dat hier ook een kwestie van ‘beleving’?

Lezers die mijn fietsgewoonten kennen weten dat ik me bij voorkeur niets van routes aantrek: ik fiets gewoon mijn neus achterna, tenzij ik haast heb. Dus zoek ik weer mijn eigen route uit al heb ik nauwelijks een idee waar ik allemaal langs kom. Als een verkeerlicht rechtdoor op rood staat sla ik even rechtsaf enzovoorts. Ik heb trouwens ook geen zin om de al bekende route via Rijswijk te nemen, dus ik moet nog wat omfietsen. Ik fiets zo’n beetje tussen Scheveningen en het centrum van Den Haag door.

Wat me opvalt zijn vooral de grote brede en regelmatig beboomde straten.  Dat is toch anders dan in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht. Den Haag heeft een meer statig karakter. De voormalige tegelfietspaden zijn bijna overal verbeterd: het zijn asfaltbanen voor fietsers geworden.

Daarnaast valt op dat er tussen alle oudere bebouwing (soms) kolossale nieuwbouw verrijst. Ook is er op tal van plekken nieuwe laagbouw. Ik denk dat er oude huizen zijn afgebroken, maar het kan ook zijn dat open stukken bebouwd zijn. Een vorm van inbreiding dus, want de stad kan nauwelijks nog uitbreiden. Ik tast zeker in het duister in raadselen. Maar in ieder geval kan ik constateren dat er op allerlei plekken behoorlijk gebouwd wordt.

Ik fiets door het Valkenboskwartier, een wijk met statige huizen uit het begin van de 19e eeuw. Dan kom ik in het Zuiderpark terecht. Er lopen meerdere fietsroutes door het park, er lopen joggers, het park is goed verlicht, dus het voelt er niet onveilig. Dat moet je altijd maar afwachten in grootstedelijke parken.

Even verderop kruis ik de Melis Stokelaan, één van de langste straten van Den Haag. Hij loopt vanaf de zuidrand van de binnenstad tot aan de huidige stadsrand. Ik volg de weg in zuidwestelijke richting tot aan de grens van Wateringen. Na bijna een uur fietsen ben ik de stad Den Haag weer uit.

Den Haag Escamp

Het nadeel van het wonen in het meest dichtbevolkte deel van Nederland is dat je er gewoon vol is. Terwijl ik zo van de ruimte houd.

Een voordeel is dat er zo ontzettend veel variatie aan wegen is. En ondanks alle bebouwing nog best veel groen.

Zaterdag stapte ik op de Batavus Dinsdag voor een rondje sijkelen door de omgeving. Ik had geen plan, maar ik ging gewoon mijn neus achterna. Die neus bracht mij in Den Hoorn (gemeente Midden Delfland), daarna in de nieuwbouwwijk Rijswijk Buiten (goed voor 10.000 inwoners), vervolgens langs de rand van Rijswijk Strijp (gemeente Rijswijk), daarna langs de rand van Vinexlocatie Wateringseveld (22.000 inwoners, gemeente Den Haag) en toen was ik opeens in de jaren’60 van de gemeente Den Haag.  Vier gemeenten in 12 fietskilometers.

Maar vergis je niet in een wijk uit de jaren ’60. De gehorige en tochtige flats (meestal vier hoog) maken plaats voor nieuwbouw in de vorm van eengezinswoningen in een parkachtige omgeving en voor soms spectaculaire hoogbouw. Het meest bijzondere gebouw is het stadsdeelkantoor in de wijk Escamp. Het gebouw heeft een bijzondere vorm: twee maal een driehoek.

Het gebouw is inmiddels tien jaar oud. Het telt zeventien verdiepingen en biedt onderdak aan het Stadsdeelkantoor Escamp, een grote bibliotheek, diverse gemeentelijke diensten en 49 appartementen (de bovenste zeven verdiepingen). Er werken ruim 1100 ambtenaren. Het gebouw is 75 meter hoog. D

Tegenover het stadsdeelkantoor staan (nog) flats uit de jaren ’60, afgewisseld door nieuwbouw. De bekendste weg in de buurt is de Leyweg (o.a. bekend van het ziekenhuis). De wijk Escamp telt 120.000 inwoners.

Ik fietste weer verder. Overal worden flats afgebroken en wordt nieuwbouw gepleegd. Meestal betreft het laagbouw in een groene omgeving. het groen wordt wel verkleind (meer zicht) omdat de grote groene gebieden vaak als onveilig worden ervaren.

Opvallend vind ik ook de wat majestueze grote, lange en rechte wegen, zoals de Melis Stokelaan en een aantal wegen die hier haaks op staan. Deels zijn ze het domein van druk autoverkeer, maar niet altijd en overal

De volgende wijk is de wijk Morgenstond, een deel van het stadsdeel Escamp. Veel straten zijn hier genoemd naar dorpen in Drenthe. De wijk werd ontworpen door Willem Dudok, maar tijdens de bouw werden de plannen gewijzigd. De flats van drie hoog kregen een vierde woonlaag en de eengezinswoningen kregen minder ruimte. De lage huren trokken veel mensen aan zonder eigen inkomen. Maar liefst 55% van de bevolking heeft geen Nederlandse achtergrond.

De krapte van de woningen en de eenzijdigheid van de samenstelling van de bevolking is niet meer van deze tijd. De wijk gaat grondig op de schop. Op de tweede foto zie je links op de voorgrond een flat uit de jaren ’60 en daarnaast nieuwbouw langs een brede verbindingsweg. Aan de overkant van die weg staan (niet zichtbaar op de foto) grote landhuizen.

Het werd al donker. Ik fietste verder in de richting van de zee. Van de overige straten, pleinen en huizen in Den Haag Zuidwest heb ik geen foto's meer genomen.

Hagenees

Gisteravond belandden wij op een bankje in het Haagse Zuiderpark. Het Hagenees was mij een beetje bekend vanwege de Tegenpartij (Koot en Bie) en van zwerver Dirk. Maar nu konden wij het Hagenees nog eens life aanhoren.

Wat ons op het Haagse bankje opviel is dat de ziekte Kankah! in bijna iedere zin voorkwam. Deze ernstige ziekte was vermengd met nog veel meer engs. Zo liep er iemand langs die werd aangeduid als een kleretyfuskankamongool. Het was een donkere man, waarbij de één zei: “Je ziet hem denken, wat ken ik pikken?” en de ander reageerde met: “Dat ken helemaal niet, die tyfuslijer ken helemaal niet denken.”

Toen ze hoorden dat we uit Delft kwamen was de reactie: “Helemaal uit Delft? Helemaal op de fiets? Kankah, wat een end! Moet je ook nog helemaal terug dan?” (het is acht kilometer…).

Zij: “Je weet het die kankahdeur staat bij mij altijd voor iedereen open. Maar dat tyfuswijf as die weer voor de deur staat geef ik haar direct een trap in haar kankahmaag en pleurt ik haar direct weer naar buitah!”

Waarop oma aanvult: “Dat kankahwijf mot ook nog een kind opvoeden. Ze leg tot 12 uur in haar kankahbed. Ze is nog te beroerd om derzelf aan te kleje. ’s Avonds loopt ze nog in d’r tyfuskamerjas.”

Zij: “En weet je wie de vader is van dat kind? Dat is een doeana. Het was op een feessie. Ze had twee flessen whiskey achterovergeklapt en toen wilde ze wel. Ze zegt dat ze er niks meer van weet. Die kankahvader van dat kind werk op Schiphol maar hij is soms helemaal leip. Dan heb-ie weer een paar blowtjes gehesen.”

Zij tegen haar vriend: “Kankah! Wat doe jij nou met je blowtje? Het lijkt wel een kanon! Je heb er vandaag al vier van me gejat, dat spul ken wel op hoor!”

Om te voorkomen dat we high werden van de weedlucht zijn we na korte tijd maar weer op de fiets gestapt…

Klussen & Zicht op Den Haag

Hoe is het ondertussen met ons nieuwe huis in Delft?

Zo nieuw is het huis trouwens niet: het is al 26 jaar oud. Vergeleken met mij is dat best jong, maar helemaal nieuw is wat anders.

Er schijnt in Delft hard geklust te worden. Maar dat heb ik van horen zeggen. Ik ben er al meer dan een week niet geweest. De afgelopen dagen werd er met (vier) man en macht gewerkt om de muren en het plafond toonbaar te maken. Daarnaast werden er sleuven gefreesd voor de vloerverwarming in de werkkamer.

img-20161004-wa0004Tineke treint af en toe een dagje naar Delft om mee te werken of een oordeel te geven over het verloop van het werk. We hebben de intocht in het nieuwe huis wel twee dagen uitgesteld, want er schijnt nog van alles te moeten drogen. Dus we zijn een paar dagen zonder vaste woon-en verblijfplaats. Onderweg naar Delft blijft de verhuisauto vermoedelijk ter hoogte van Gouda steken.

oude-kerk-en-stadhuisIn dit blog twee foto’s die ik van de bovenste verdieping van de appartementen heb genomen in de richting van Den Haag.

Op de bovenste foto zie je o.a. de Oude Kerk en de toren van het stadhuis van Delft.

zicht-op-den-haagOp de tweede foto heb ik met mijn compact-camera nog wat extra ingezoomd. Dat gaat wel ten koste van de kwaliteit. Maar dan zie je (een deel van) de hoogbouw van Den Haag wel érg dicht bij….

De toren links in de hoek is ‘het Strijkijzer’ naast station Den Haag Hollands Spoor (42 verdiepingen, 132 meter hoog).