Religie en wantrouwen tegen de Nederlandse cultuur

Volgens Professor Lotty Eldering is de wens om de eigen cultuur te behouden een belangrijke factor in de wijze waarop Marokkaanse en Turkse ouders naar Nederland kijken.

Van de jongeren in deze gezinnen zegt 90% moslim te zijn. Moslims betreuren het dat religie in Nederland niet meer belangrijk is.

Religieuze plichten

Ouders vinden het belangrijk dat hun kinderen de waarden en de normen van de islam over nemen. Daar komt nog bij dat de islam (meer dan het christendom en het hindoeïsme) een religie is met veel verplichtingen en gedragsregels voor het dagelijks leven. Er is sprake van zeer veel rituelen.

Kinderen beginnen al enkele dagen te vasten en vanaf de puberteit vasten ze de hele ramadan.

Koranlessen

Zeventig procent van de kinderen van moslims volgt koranlessen (dat is een hogere frequentie dan bij hun ouders het geval was). Ze leren er arabisch, leren islamitische leefregels en moeten hoofdstukken uit de koran uit hun hoofd op kunnen zeggen.

Kijk op opvoeding

Ouders die in Marokko en Turkije zijn opgegroeid vinden de Nederlandse opvoeding veel te vrij en te kindvriendelijk, aldus Lotty Eldering.

Aan dat kindvriendelijk valt overigens nog wel een beetje te tornen. Het is namelijk maar hoe je het bekijkt. Zo vond een vader die ik sprak over de opvoeding de Nederlandse opvoeding juist kindonvriendelijk.  Juist door kinderen streng aan te pakken maakte je hen tot gelukkige volwassenen. Deze vader begreep er niets van dat het slaan van kinderen door de Nederlandse wetgever verboden was. Je moest het kwaad juist uit het kind slaan. Daarbij baseerde hij zich op de koran.

Christelijk wantrouwen

Maar is het wantrouwen jegens de westerse opvoedingscultuur alleen een islamistisch verschijnsel? Nee, dat is het zeker niet. Bram de Muynck schrijft in het boek ‘Tijd voor verlangen’ dat deze maand verscheen het volgende: “In de eerste plaats bestaat er de neiging om subculturele codes strakker te hanteren om zo de markeringslijnen van de eigen identiteit te beschermen”.

Met andere worden: de regels worden strenger gehanteerd. Om naar de buitenkant te kijken: zoals de hoofddoek voor moslims symbool staat voor een goed moslima zijn, zo is de lange rok dat voor vrouwen op de Bible Belt. Die druk wordt niet minder, maar sterker. De Muynck ziet deze scherpere afgrenzing o.a. bij het toelatingsbeleid voor en door scholen.

“In de tweede plaats is er sprake van meer intellectuele toerusting…” Je zou kunnen zeggen: dat wat de koranscholen beogen (meer kennis) zie je ook in christelijke kring, vroeger door catechisatie, tegenwoordig door meer op de leerlingen en studenten gerichte scholing en vorming.

Lotty Eldering: Opvoeding en leefsituatie van allochtone jongeren (Tijdschrift voor Orthopdagogiek, juli/augustus 2016)

Bram de Munck: Tijd voor verlangen, Persoonsvorming als toetssteen voor bevindelijke pedagogiek, Apeldoorn, december 2016

Advertenties