Het Rijnlandse model (5)

De titel is 'het Rijnlandse model'. Maar gaandeweg merk ik dat ik steeds in ga op het anglo-Amerikaanse model. Ik denk namelijk dat dat model de sociale schade in Nederland veroorzaakt.

Wat zijn gevolgen van het werken volgens het anglo-Amerikaanse model?

Om op korte termijn zoveel mogelijk winst te kunnen maken moet er bezuinigd worden. Dat wordt gedaan door het stroomlijnen van processen en alle op die manier overbodig geworden medewerkers uit het proces te halen. Dus de werknemer met een lichte verstandelijke beperking die vroeger een klusje hier en een klusje daar deed (koffie halen voor medewerker X, de planten water geven op afdeling IJ): die heeft geen plek meer, want hij zit niet in het proces.

Het tweede is dat de procedures steeds strakker worden gehanteerd. Alles wordt maximaal vastgelegd, zodat voor iedereen duidelijk is hoe het moet. Een werknemer van McDonalds hoeft 0,0 verstand te hebben van voedsel, hij moet gewoon precies doen wat er in de procedure staat. Verstand hebben van voeding zou zelfs een nadeel kunnen zijn, want die mensen hebben de neiging om af en toe eens iets af te wijken van het proces.

Neem de werknemer in de zorg die - toen een bewoner onwel was - hem onmiddelijk te hulp schoot zonder voldoende beschermende kleding. Die medewerker kreeg een officiële waarschuwing omdat ze zich niet aan de procedures had gehouden....

En dan heb je alles gestroomlijnd, maar het gaat nog niet allemaal naar wens. Dan gaan we ‘outsourcen‘. Het bedrijf doet alleen nog maar in de ‘kerntaken’. De rest wordt uitbesteed. Het gevolg is dat het vakmanschap verdwijnt. Er wordt geen fiets meer gefabriceerd, er worden onderdelen samengevoegd. Als dat gaat goed wordt het iets op twee wielen dat door trappers en menskracht aangedreven tot snelheid komt.

Ooit had ik een fiets waarvan de spaken voortdurend sprongen. Het stellen van spaken is een ingewikkelde klus. Draai je de ene spaak aan, dan staat de andere weer te los. Hoe meer je er aan sleutelt, des te ingewikkelder wordt het stellen van het wiel. Je moet het op je gevoel in één keer goed doen. De betrokken fietsenfabrikant had besloten de wielen elders te bestellen. Daar had men geen fietsenmakers in dienst, maar mensen die wielen volgens vaste procedures spaakten. De mens was onderdeel geworden van een vast programma, zonder iets met het eindproduct te maken te hebben. Dat leidde tot slechte kwaliteit van de fietswielen. Het betekende op den duur ook het einde van die fietsfabrikant. Goedkoop bleek duurkoop. 

Op organisatieniveau gaat het – zoals al eerder geschreven – om het draaien van winst. Financiële doelen worden ingezet om de prestaties te beoordelen. Het maakt niet uit waar het geld vandaan komt.

Als je een flinke subsidie van de overheid binnenhaalt telt dat ook als winst en krijg je een fikse extra bonus. Dat die door de belastingbetaler wordt opgebracht doet niet ter zake. Ethisch zakendoen is van vroeger, het gaat nu om de winst.