Ik kan u niet thuis brengen

Advertenties

Rembrandttoren en Sony DSC HX 9 V


Gisteravond stapte ik over op station Amsterdam Amstel.

Ik had een kwartier over, dus dat was een mooie gelegenheid om de Rembrandtoren weer eens op de foto te zetten. Deze kantoortoren staat naast het station. Het is met zijn bijna 150 meter hoogte het hoogste bouwwerk van Amsterdam.

Ik had geen statief bij me, maar met de handmatige instelling van de Sony DSC HX 9 V lukte het toch om een aardige avondfoto van de toren te maken. Dat de foto links wat wazig is ligt niet aan het toestel, de lens was een beetje vuil.

Op de tweede foto passeert de ICE uit Frankfurt ‘hispeed’ station Amsterdam Amstel.

Wat een gemekker!


Nee, nu heb ik het niet over peuters die in het weekend moe zijn of zich vervelen, of allerbei.
Dat kan ook een heel gemekker geven.

Deze keer gaat het over heuse schapen. Ik heb ze niet geteld, want dan zou ik ter plekke in slaap zijn gevallen en ik moest nog naar huis.

Maar deze schapen en hun lammetjes leverden een bijna continu gemekker.
Dat kun je beluisteren via de bijgevoegde link:

http://www.youtube.com/watch?feature=player_detailpage&v=3HzLbaO7ghM

Niemand wil alleen zijn…

Naar aanleiding van het bezoek van John McGee, de gr0ndlegger van de Gentle Teaching, schreef ik een artikel voor het Nederlands Dagblad. Dat artikel kun je lezen als je de onderstaande link aan klikt & dan nóg een keer op de daarop volgende link klikt. Op school werd ‘klikken’ niet gewaardeerd, maar hier zul je dus toch twee maal moeten klikken…

Klikspaan, halve maan

je durft niet door mijn straatje te gaan

Het hondje zal je bijten

Het katje zal je krabbelen

Dat komt door al je babbelen!

Niemand wil alleen zijn…

De zon komt op


Iedere dag is het weer de vraag waar de zon op komt.
Gisteren kwam de zon op toen de trein Amsterdam binnen reed.
Een groot deel van de treinreis was het mistig geweest, maar na de Hemtunnel scheen de zon.
Het was bijna windstil: de rook van de fabrieksschoorstenen ging bijna recht omhoog.

Even later was dit mijn uitzicht. Heel wat anders dan in Hoorn. Vanaf mijn werk in Amsterdam keek ik uit op de hoogbouw van Amsterdam Zuid WTC.

’s Middags werkte ik in Amsterdam Noord, daar keek ik buiten tegen een muur aan. Die heb ik niet op de foto gezet.

Op zoek naar Henk

Het was gisteren weer een lange werkdag.

De avondrit naar huis leverde wel een mooi plaatje op van een avondstemming bij station Obdam.

Op station Alkmaar kwam een mevrouw naar me toe. “Jij bent toch Henk? Ik heb in 1980 bij jou in de cursus gezeten. Dat was altijd heel interessant!” Ik vroeg me af hoe ze me herkende, maar ze moest snel de trein in.

Eerder deze week stond ik in Alkmaar toetste ik nog even een bestemming in in de kaart-automaat. Ondertussen ging de telefoon en ik nam op.

Naast mij stond een mevrouw. Toen ik klaar was met bellen zei ze: “Ik was ontzettend naar jou op zoek. Hier heb je mijn kaartje. Kun je me even mailen?” Daarna sprintte ze naar de trein. 

Prompt kwam er een reactie. Ze had me herkend aan mijn stem, en vervolgens aan mijn uiterlijk. Die ‘ze’  was een begeleidster met wie ik op mijn vroegere werk bij Den Helder had samengewerkt. Met het dringende verzoek of ik me wil gaan verdiepen in een situatie waarbij iedereen is vastgelopen.

Ik wil altijd wel meekijken, maar mijn agenda is ook behoorlijk vastgelopen. Het werk ligt tegenwoordig op straat…

Borderline en kinderen (2)

Moeders met borderline-persoonlijkheidsproblematiek kunnen vooral voor baby’s goede moeders zijn.

Tenminste: als er geen bijkomende problematiek is, zoals een verslaving (zoals alcohol, nicotine, drugs), of veel onvoorspelbaar en heftig gedrag.

Ook de tweede fase van de emotionele ontwikkeling van kinderen gaat vaak nog goed. De eenkennige baby, die sterk gericht is op zijn moeder, streelt het ego van menige moeder.

Om zich veilig te kunnen hechten hebben met name jonge peuters een voorspelbare moeder nodig. Eén van de kenmerken van borderline-persoonlijkheidsstoornis is nu juist het zeer wisselende en heftige gedrag. Er wordt wel gezegd: “het enige voorspelbare aan iemand met borderline is het onvoorspelbare”. Dat is een zeer duidelijke contra-indicatie voor een veilige hechting.

Maar er kan zich nog een ander probleem voordoen. Dat zit in de interactie en in de ontwikkelingsdynamiek. Als het kind groter groeit en een eigen ‘ik’ ontwikkelt (en dus nee zegt en verder bij mamma vandaan gaat) kan de angst voor verlating weer op gaan spelen. Want die peuter die bij jou wegloopt confronteert jou als moeder met je eigen angst. Zelfs door mijn eigen kind kan ik verlaten worden! De peuter die liever bij pappa op schoot zit of graag bij de buren speelt… Daar kan zo’n moeder zeer heftig op reageren. Het verklaart ook waarom moeders met borderline bij een (v)echtscheiding soms alles in het werk stellen om het kind bij de vader vandaan te houden.

Het hoort bij de gezonde ontwikkeling van kinderen dat ze zich gaan verzetten tegen de opvoeder. Moeders met een borderline-stoornis kunnen dat gedrag als een krenking ervaren. Sociaal-emotioneel functioneert iemand met ernstige borderline-problematiek namelijk met name bij grote stress zoals een kind. Je hebt dan dus (in emotioneel opzicht) een kind dat een kind op moet voeden. Dat kan leiden vormen van kleineren, mishandelen of passief maken van het kind. Niet zelden gebeurt dat onder het mom van goede zorg.

Er zijn heel wat voorbeelden bekend van kinderen die op basis van medische argumenten allerlei pedagogische teisteringen moesten ondergaan.

Er lijkt dan ook een verband te bestaan tussen het Syndroom van Münchhausen by proxy en (ernstige) borderline problematiek. Deze moeders gaan net zo lang door totdat ze een dokter vinden die gevoelig is voor hún verhaal. Ik heb zelfs meegemaakt dat er door een moeder in de medische gegevens van de specialist was ‘geknoeid’, zodat voor de omgeving duidelijk was dat het kind extra zorg nodig had.

De combinatie van de behoefte om de ander onder controle te houden én de angst voor verlating maakt dat met name de peutertijd een riskante periode is voor kinderen van ouders met borderline-stoornissen. Wat gebeurt er als jij als moeder extra lekker hebt gekookt en als je peuter toch dat eten weigert op te eten? Als je dat gedrag als krenking ervaart is de kans aanzienlijk dat je vérgaande maatregelen treft. Dan kan er gebeuren wat Savanah is overkomen: het ging allemaal van kwaad tot erger. Hoe meer straf, des te dwarser de peuter. Hoe dwarser de peuter, des te meer straf van de kant van de opvoeder.

Ik moet aan dit blog toevoegen: er zijn vele gradaties in borderline-problematiek. Er zijn mensen met lichte trekken van borderline en er zijn mensen met een ernstige borderline persoonlijkheidsstoornis. Als die ernstige stoornissen niet worden behandeld, waardoor een ouder geen zelfinzicht ontwikkelt (niet leert om te mentaliseren) vormt de opvoeding van kleine kinderen naar mijn mening een aanzienlijk risico.

Daarnaast zijn er steeds betere behandelmogelijkheden voor mensen met een borderline-persoonlijkheidsstoornis. Als mensen ‘met borderline’ zich laten behandelen (dat is een langdurig en zeer intensief proces) biedt dat perspectieven voor de toekomst omdat de problematiek milder wordt. Wél is het zo dat je tijdens het opgroeien van de kinderen als opvoeder altijd weer tegen je eigen kwetsbaarheden oploopt.

Tegenwoordig is er veel discussie over verstandelijke beperking en kinderwens. Dat is terecht. Dat was de aanleiding voor dit blog. Maar ik vind het niet terecht als alleen van ouders met een verstandelijke beperking wordt gezegd dat de opvoeding van kinderen met grote risico’s gepaald gaat. In de loop van een lange reeks van jaren heb ik helaas ook moeten constateren dat ook ouders met (onbehandelde) psychiatrische problematiek (en daarbij de vaker voorkomende verslavingen) een groot gevaar voor de geestelijke gezondheid van kinderen kunnen zijn.