Verbale incontinentie

Volgens een wethouder zal er rond de WMO een format  worden ontwikkeld, waarbij de resultaten in een matrix  zichtbaar gemaakt worden. Dat lijkt me voor een plaatselijk burger die wel wat hulp kan gebruiken toch wel erg prettig…

Welzijnsorganisaties (toch al zelden expert in het hanteren van duidelijk taalgebruik) spoeden zich naar de markt van minder welzijn maar hopelijk toch nog veel geluk.

Dat leidt bijvoorbeeld tot de onderstaande modieuze vaagtaal  waar de gemiddelde burger zelfs nog geen pannenkoek van kan bakken, laat staan chocola…

Vraaggericht werken is niet zonder meer de vraag van de burger als uitgangspunt nemen bij de organisatie van het aanbod. Het is geen kwestie van ‘u vraagt en wij draaien’. Dat zou juist leiden tot claimgedrag, waarbij de eigen kracht van de burger en zijn netwerk onvoldoende worden aangesproken en de achterliggende problemen niet worden aangepakt.

Te snel wordt nu nog voorbij gegaan aan de eigen kracht van de burger, zijn netwerk, de straat of wijk. Het uit handen nemen van problemen werkt meestal averechts op het zelfoplossend vermogen.

 De ‘eigenkrachtbenadering’ vraagt om een cultuuromslag bij de burger en de professional. Het past bij Welzijn Nieuwe Stijl dat de professional zich terughoudend opstelt. Zijn of haar kracht ligt er juist in om samen met burgers te bezien op welke wijze de burgers zelf de problemen of klachten kunnen oplossen. Het probleemoplossend vermogen, zowel van individuen als groepen moet geactiveerd worden. Het voorkomt daarnaast structurele afhankelijkheid van de professional.

 De verzorgingsstaat is doorgeschoten met individuele oplossingen voor problemen van burgers. Mensen zijn daaraan gewend geraakt. Ook voor dit baken geldt dat het er niet om gaat dat professionals ten allen tijde (taalfout!) automatisch voor collectieve oplossingen kiezen. Het gaat om het vinden van de juiste balans tegen de achtergrond van het probleem dat moet worden aangepakt.

 De vraag centraal stellen vraagt om een integrale en samenhangende aanpak van professionals. Problemen die met elkaar samenhangen en dus ook in samenhang moeten worden aangepakt. Het is de gemeente als opdrachtgever én regisseur die bij uitstek geschikt is om partijen bij elkaar te brengen. Op cliëntniveau moeten de aanbieders van ondersteuning zelf de verantwoordelijkheid voor ketenregie oppakken.

 Professionals Welzijn Nieuwe Stijl moeten midden in de samenleving staan. Tegelijkertijd moeten zij ook adequaat kunnen communiceren met collega’s van de eigen organisatie, met cliënten en hun naaste omgeving, vrijwilligers en met de partners in de keten. Ook wordt van hen verwacht dat ze ondernemend zijn, outreachend werken, in ketens kunnen samenwerken en hier soms de regie in nemen. Samenwerking tussen informele zorg en professionele dienstverlening vraagt om fine-tuning wie wat precies doet.

Het lijkt me een fraai staaltje van verbale incontinentie. Je sputtert de hele boel onder, maar het lucht niet echt op. Maar misschien helpt het inderdaad als je van deze woordenbrij een format maakt waarbij de werkelijke betekenis in een matrix wordt weergegeven (met dank aan één van de lezers van dit blog).

Advertenties

Henkhausen

Henkhausen 1
Vanwege alle berichten die ik op dit weblog heb geplaatst over Duitsland  ben ik daar nu bekender dan in Nederland.

In Nederland  is men niet verder gekomen dan Enkhuizen, in Duitsland bestaat het plaatsje Henkhausen.

Het is een dorpskern die tegen de stad Hagen aanleunt. De mensen zijn er aardig en voornamelijk Rooms-Katholiek.

Zondebok

Van oorsprong komt de term zondebok uit het Oude Testament. Het was de bok die de woestijn in werd gestuurd als symbool van de zonden van het volk (Leviticus 16).

Tegenwoordig is de ‘zondebok’ vooral een term die bekend is vanuit de psychologie en de sociologie. Wat dat laatste betreft: in iedere samenleving betalen zondebokken de prijs voor de collectieve agressie binnen de samenleving.  Een berucht voorbeeld was de positie van de Joden  onder Adolf Hitler.  Maar ook onze samenleving kent zijn collectieve zondebokken.

In de psychologie  is de term ‘zondebok’ vooral bekend vanuit de gezinstherapie. In dysfunctionele gezinnen  fungeert één van de kinderen vaak als de zondebok. Hij of zij moet boeten voor de spanning die er in het gezin heerst. Een voorbeeld is een gezin waar waarbij één van de kinderen als de grote veroorzaker werd gezien van alle ellende die er in het gezin was. De vader zag haar als de oorzaak van alle problemen en alle kinderen volgden de opvatting van hun vader. Ze werd letterlijk als zondebok de emotionele woestijn   ingestuurd. De andere kinderen mochten ook geen contact meer hebben met hun zus.

In feite is het aanwijzen van een zondebok een vorm van projectie. De eigen onbewuste en ongewenste gedachten (bijvoorbeeld jaloezie, frustratie en agressie)  worden ontkend en geprojecteerd op de zondebok. Zoals Marieke  die haar zus verwijt dat ze alles wil regelen rond haar vader die op leeftijd is gekomen. Ze wantrouwt het bezoek van haar zus aan haar vader. Het gaat zelfs zo ver dat ze haar zus op allerlei manieren zwart maakt. Ze  probeert ook te voorkomen dat haar broer nog contact heeft met deze zus. 

In  werkelijkheid is Marieke degene die graag alles wil regelen. Haar hele fysieke houding (samengeknepen handen, kromme tenen) verraadt een enorme behoefte aan controle.  Ze raakt in paniek als ze de situatie niet naar haar hand kan zetten.

Er zijn psychologen die een verband leggen tussen persoonlijkheidsstoornissen en de behoefte om een zondebok aan te wijzen. Het gedrag zou zich met name voordoen bij mensen met kenmerken van borderline-problematiek  en bij mensen met narcistische  of  paranoïde trekken.  Bij moeders met borderline-problemen is het vaak de vader (de ex) die de rol van zondebok vervult. Koste wat het kost wil de moeder voorkomen dat de kinderen nog contact met hun vader hebben.

Of je het zondebok-mechanisme nu koppelt aan bepaalde stoornissen van de persoonlijkheid of aan dysfunctionele gezinnen: in ieder geval zijn er eigenlijk alleen maar verliezers. De persoon die de zondebok nodig heeft waardoor hij of zij op deze manier niet emotioneel gezond op kan groeien én de persoon die de emotionele woestijn in wordt gestuurd.

Heftig spul

Halverwege de zaterdagse boodschappen (die deze keer veel tijd in beslag namen: ik moest in vijf verschillende winkels – verspreid over de stad – zijn) kreeg ik nogal dorst.

Ik besloot om een flesje frisdrank (0,33 cc) te kopen. Er stond op: sinaasappel, 0% suiker toegevoegd.  Dat leek me aardig gezond. Hoe je in een flesje fris van 38 cent ook nog sinaasappels kunt verwerken, was voor mij wel even de vraag. Maar het was in de aanbieding. En als iets in de aanbieding is ben ik extra gevoelig voor aankoop.

Buiten schroefde ik de dop er af en nam een paar dorstige slokken tot mij. Ik vond het wel heftig spul. Mijn tong ging er zelfs van ‘prikkelen’. De rest van de boodschappentijd bleef ik de smaak van de inhoud van het flesje in mijn mond proeven.

Thuisgekomen wilde ik Tineke een slokje aanbieden. Ze keek op de fles en zei: “Maar dit is limonadesiroop. Dat moet je verdunnen met elf eenheden water…”

Inderdaad: heftig spul…

Godsdienstvrijheid in Eritrea en China?

Ik raakte in gesprek met een vrouw uit Eritrea.
Ik vertelde haar, dat ik regelmatig in de krant las dat er mensen worden opgepakt vanwege hun geloof. Zo werd een groep studenten maanden lang zonder enig proces opgesloten in zeecontainers, waar het overdag boven de 40 graden is.

Volgens de mevrouw was daar absoluut niets van waar. Dat was allemaal westerse propaganda. Ze woonde gewoon in Eritrea en kon gewoon zonder problemen naar de kerk.

Dezelfde situatie hoor je ook rond China. Enerzijds zijn er nog steeds berichten over mensen die vanwege hun geloof worden opgesloten. Deze week stond in een krant een verhaal over een predikant die 20 jaar in een Chinese gevangenis heeft gezeten omdat hij openlijk (dat is: buiten de kerkmuren) verteld had over zijn geloof.

Anderzijds wordt dat weer ten stelligste ontkend. Zo vertelde iemand dat dat verhaal over vervolgde christenen gewoon een staaltje is van Amerikaanse propaganda.  En de mensen die worden opgepakt: dat zijn gewoon mensen die het regime op allerlei manieren tegen werken. Ze kunnen gewoon hun geloof belijden in een erkende kerk. Die zijn er genoeg…

Eritrea

In een achtergrond-artikel in het Nederlands Dagblad  wordt geschreven hoe het zit met de godsdienstvrijheid in Eritrea. Inderdaad is er godsdienstvrijheid, zowel voor moslims als voor christenen (beiden ongeveer 48% van de bevolking). Maar die vrijheid is er tot op zekere hoogte.  Het geldt de door de overheid erkende geloofsgemeenschappen. Alle Deze zijn traditioneel en naar binnen gericht. Daar heb je dus op straat (en als overheid) ‘geen last van’. Het maoïstische regime erkent deze geloofsgemeenschappen. Dat zijn alleen de Rooms-Katholieke Kerk, de Orthodox Eritrese Kerk en de Lutherse Kerk. Alle andere kerken zijn op last van de overheid gesloten.

Die andere kerken, dat waren de geloofsgemeenschappen die zich niet in de eerste plaats op traditie baseren (een strak georganiseerde liturgie, veel rituelen, maar alleen binnen de kerkmuren), maar op een levend geloof, met consequenties voor het dagelijks leven. Het Nederlands Dagblad vat als kern samen: “Met God heeft het regime geen probleem, maar wel met Jezus”.  Momenteel zitten 1200 christenen onder erbarmelijke omstandigheden gevangen.

China

In China groeien de kerken erg snel en tegen de verdrukking in. Het is niet meer nodig om Bijbels naar China te sturen, die zijn er genoeg. Maar ook daar heeft het van oorsprong maoïstische regime (zijn degenen die miljoenen chinezen om het leven brachten onder het bewind van Mao  ooit berecht?) grote problemen met geloofsgemeenschappen die ook buiten de muren actief zijn. De erkende kerken zijn naar binnen gericht. Wel is er in bepaalde regio’s meer vrijheid ontstaan.

Christenen in minderheidsgebieden hebben het echter wel zwaar te verduren. De overheid ziet hen als risicofactor voor nog meer instabiliteit. Want je moet als gelovige vooral niet opvallen, dat geeft alleen maar onrust. Er is alleen vrijheid binnen de muren van de kerk. Daarbuiten moet je het geloof voor jezelf houden. Oftewel: geloven doe je in de kerk.

Inderdaad: Jezus leerde iets heel anders. Daar kan ook de Chinese overheid kennelijk niet goed tegen… 

 

Rijn bij Spijk

Rijn bij SpijkSoms kom je er later achter dat wat je op school leerde niet helemaal de waarheid was.

Zo hebben tienduizenden schoolkinderen geleerd dat de Rijn bij Lobith ons land binnen komt.

In de eerste plaats ligt Lobith helemaal niet aan de Rijn. Wel aan een oude loop van de Rijn (één van de Rijnstrangen). De plaats die wél aan de Rijn ligt is Lobith Tolkamer. Daar zetelde ook altijd de douane.

De plaats die het meest stroomopwaarts aan de Rijn ligt is Spijk. Er zijn minstens drie Spijken in Nederland (aan de Linge en in Noord-Groningen liggen ook Spijken en misschien is er nog wel eentje).

Maar bij Spijk is de Rijn nog geen Nederlandse rivier. Dat is pas net even ten oosten van Millingen (op de linkeroever). Pas daar is gebied aan weerszijden Nederlands. Dus óf de Rijn komt bij Spijk ons land binnen óf vanaf Millingen is de Rijn een Nederlandse rivier.

Vroeger was er nog een spoorbrug over de Rijn bij Spijk. Aan de overkant van de Rijn ligt zelfs nog een deel van die oude spoorbrug.

Spijk is een klein dorp; het telt zo’n 600 inwoners. Ook zag ik er een plaatselijke poes.

Op de foto de Rijn bij Spijk, onder dreigende luchten (ik maakte deze foto vrijdagavond).

Diagnose en tunnelvisie

Al heel wat keren heb ik over dit onderwerp geschreven.

Ik moet me er nu weer op voorbereiden, omdat ik in een radio-uitzending een uur lang mijn ideeën mag ventileren. Terwijl ik net had besloten om me hier minder druk over te maken.

Mijn grootste bezwaar is dat diagnoses nogal eens leiden tot een tunnelvisie. Er zijn inmiddels heel wat voorbeelden van onjuiste diagnoses, waardoor mensen niet de behandeling kregen die ze hard nodig hadden. Tegelijkertijd zeg ik er bij: het is ook niet gemakkelijk om een goede diagnose te stellen. En daarnaast: soms heb je ook baat bij een psychologische diagnose. Tegelijkertijd blijf ik diagnoses zien als iets tijdelijks. Niet dat bijvoorbeeld dementie kan genezen, maar ik bedoel wél dat je je ogen en oren wijd open moet houden. Want er is meer tussen hemel en aarde dan een diagnose.

Een tijdje geleden kreeg ik te maken met een man bij wie de diagnose dementie was gesteld. Dat was inmiddels drie jaar geleden. In de volgende drie jaar was de man qua functioneren helemaal niet achteruit gegaan. Dat zou je wél denken bij een dementieel beeld. Toch was er niemand op het idee gekomen dat er ook wel eens wat anders aan de hand zou kunnen zijn. Een psycholoog had dementie vastgesteld en dat was het dus…

Onlangs werd deze meneer tijdens een routine-onderzoek gescreend door een visueel adviescentrum. En wat bleek? Hij had aan beide ogen staar in een ver gevorderd stadium. Hij zag nog maar 10% van wat mensen met een goed gezichtsvermogen zien. Geen wonder dat deze meneer het liefste op zijn eigen stoel bleef zitten en daardoor steeds apathischer werd. Ondertussen was de hele benadering van deze meneer gericht geweest op dat dementiële beeld. En omdat men zo op dementie was gericht had niemand aan andere mogelijke verklaringen voor het gedrag gedacht.

Piet Adriaans heeft in zijn boek ‘Casus in kaart gebracht’  een aantal intrigerende voorbeelden gegeven hoe diagnoses verworden tot tunnelvisies, waardoor de persoon niet de behandeling krijgt die hij werkelijk nodig heeft.

En om met een voorbeeld in mijn eigen hobbysfeer af te sluiten: als je de hele tijd op de kaart kijkt omdat je precies de aangegeven fietsroute wilt volgen kom je wel op de plaats van bestemming, maar je ziet het landschap niet. Als je iemand alleen beoordeelt en zijn gedrag interpreteert op basis van bijvoorbeeld autisme of dementie zie je de unieke mogelijkheden van de persoon vaak helemaal over het hoofd. Een autist heeft structuur nodig en wie dementeert leeft alleen maar in het verleden…