Spoorwegmuseum

Spporwegmuseum auto & trein 2
In een onbewaakt ogenblik geraakte ik in het Spoorwegmuseum.

 

Dat was vandaag niet de planning, ik had er eigenlijk ook geen tijd voor, maar als je er toch bent moet je ook even om je heen kijken.

En ik maakte meteen ook maar een paar sfeer-foto’s… (de bovenste met een speciale instelling, de onderste met de gebruikelijke hand-instelling).

Spoorwegmuseum tanks

Advertenties

Oorzaken van PDD-NOS

Het is een veel gebruikte afkorting, maar lang niet iedereen weet wat deze afkorting betekent. Hij betekent: Pervasive Developmental Disorder – Not Otherwise Specified.

Daarmee weet je natuurlijk nog steeds niet wat het betekent. Soms hoor je mensen zeggen: “dat is een beetje autistisch”. Er werd ook wel gezegd dat mensen met PDD-NOS twee van de drie basiskenmerken van autisme zouden hebben.

Al met al is mij in een wat verder gelegen (werk-) tijd gebleken dat PDD-NOS een soort vergaarbak is van allerlei wat afwijkend of moeilijk te begrijpen gedrag dat niet direct een ander etiket kon krijgen. Als iemand zei dat een kind PDD-NOS had moest je dan ook – meer nog dan bij andere diagnoses – doorvragen.

In de nieuwe DSM-V, die in mei verschijnt, is PDD-NOS als aparte diagnose verdwenen. Mocht je deze diagnose hebben gekregen, dan zul je op zoek moeten naar iets anders. Omdat de criteria voor de diagnose autisme (nóg) veel ruimer worden ben je na mei 2013 waarschijnlijk autistisch. Of anders ben je spontaan genezen.

Orthopedagoge Mevrouw C. Oosterhof-van der Poel heeft in 2003 de mogelijke oorzaken van PDD-NOS op een rijtje gezet:

– Bij autisme spelen genetische factoren waarschijnlijk een belangrijke rol (ik voeg hier aan toe: bij autisme blijkt na genetisch onderzoek regelmatig een chromosoom-afwijking te worden gevonden). Bij PDD-NOS is dat verband niet in die mate vastgesteld, wel bestaat er een vermoeden van een genetische kwetsbaarheid.

Opvoedingsfactoren: deze vraag is niet voldoende wetenschappelijk onderzocht. Er zijn wel vermoedens geuit, maar er is geen gefundeerd (en controleerbaar) onderzoek beschikbaar dat een verband legt tussen opvoeding en het ontstaan van PDD-NOS.

Culturele en maatschappelijke factoren: het vermoeden bestaat dat maatschappelijke ontwikkelingen (tempo van de samenleving, aantal indrukken, eenoudergezinnen) kinderen met kwetsbaarheid voor PDD-NOS eerder in de problemen brengen, met als gevolg: meer gedragsproblemen.

Adoptiekinderen en verwaarloosde kinderen vertonen nogal eens gedrag dat sterk aan PDD-NOS doet denken. Het is denkbaar dat onvoldoende contact op jonge leeftijd blijvend nadelige gevolgen heeft voor de ontwikkeling van de hersenen. Ik voeg daar aan toe dat als die hypothese klopt er ook een verband denkbaar is tussen de kwaliteit van hechting en het risico op het ontstaan van gedrag dat als kenmerkend wordt gezien voor PDD-NOS. In ieder geval loopt de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen die deze diagnose kregen bijna altijd achter op de kalenderleeftijd.

Amsterdam kleurt oranje (en rolt zak)

Amsterdam kleurt oranje 1Vorige week werd het steeds meer duidelijk. Iedere dag raakte de stad meer versierd. Zoals op het Damrak: de verbinding tussen het Centraal Station en de Dam. Ondanks de schaduw (het was al avond) zag het er allemaal best vrolijk uit. Zó vrolijk dat ik bijna te laat ontdekte dat een zakkenroller in de drukte een poging deed om mijn rugzak open te ritsen (toen ik deze foto maakte). Maar ik voelde toch iets en greep een hand beet…

Bijenkorf kroonWat er op het dak van de Bijenkorf staat zal ik nog even met de zoomlens naar jullie toe halen en toelichten. Het is een opblaasbare kroon. Er staan er twee op het dak, ieder met een gewicht van 270 kilo. 

Dus nét iets te zwaar voor onze toch best wel stevige aanstaande koning.

Jarige fietser

Anne slaapt Als peuter en kleuter kon je hem geen groter plezier doen dan een tochtje op de fiets. Niet dat hij altijd even goed bij de les was: een fiets-tuk behoorde ook tot de mogelijkheden.

Toen hij 10 jaar oud was maakte hij met zijn Pa ritten van tegen de 100 kilometer. Daar maakte hij dan fietsverslagen van, onder de titel: ‘Ik ga met mijn Pa’.

Als puber reed hij zijn vader er uit en moest hij boven aan iedere heuvel wachten totdat zijn Pa eindelijk boven was.

Vandaag is dit mannetje 30 jaar oud geworden…

Sociale interpretatie (4)

 Een gesprek met één van mijn cliënten.

Plotseling keek hij heel verschrikt. Zijn ogen werden groter en donkerder.

Ik vroeg hem wat er aan de hand was. Hij zei: “Je bent boos op mij!”

Zelf was ik me van geen kwaad bewust.

Totdat ik door ging vragen. Hij had rimpels boven mijn ogen gezien, een frons. Dat betekende dat ik boos op hem was.

De meeste mensen nemen van alles waar aan hun gesprekspartner. Naar schatting 80% van die informatie is non-verbaal, 20% pakken ze op via de woorden die we gebruiken. Deze cliënt had gezien aan mijn gezicht dat ik boos was. Dat zag hij aan de frons. De andere gegevens waren hem ontgaan. Dat mijn stem hetzelfde bleef, dat de rest van mijn mimiek niet veranderde, dat ik mezelf niet groter maakte, niet onrustiger werd.

De cliënt had als diagnose meegekregen: PDD-NOS. Het is een wat wankele diagnose (verdwijnt in de DSM-V), maar in ieder geval wordt ermee bedoeld dat hij een aantal trekken van autisme vertoont.

Mensen met autisme hebben per definitie (het is in ieder geval één van de belangrijkste kenmerken) moeite met de sociale informatieverwerking. In de USA wordt dat mindblindness genoemd. De ander moet alle emoties uitleggen omdat het niet vanzelf gelezen wordt.

Een jong kind leest al aan alle informatie tegelijk af of mamma boos is. Dan praat ze hard, ze begint meer te bewegen, ze kijkt boos enzovoorts. Het kind interpreteert dus aan de hand van de totale situatie.

Deze volwassen cliënt haalde uit één detail dat ik boos (op hem) zou zijn. De rest van de informatie was hem ontgaan. De werkelijke reden waarom ik een frons op mijn gezicht kreeg was namelijk dat ik tegen de zon in moest kijken….

Moeite met sociale interpretatie kan dus ook te maken hebben met aangeboren neurologische problematiek, waarbij bepaalde hersendelen (rond empathie) onvoldoende functioneren.