Zes Don’ts bij Dementie

1. Test niet. “Wat heb u gisteren gegeten?”
2. Verbeter niet. “Dat heb ik u net toch óók al gezegd?”
3. Overhoor niet. “Hoe heet die mevrouw die naast u zit?”
4. Spreek niet tegen. “Nee hoor, dat is uw moeder niet.”
5. Geef geen standjes. “Dat mag u niet doen!”
6. Confronteer niet. “Dat hebben we gisteren toch afgesproken?”

Uit: Bob Verbraeck en Anneke van der Plaats: De wondere wereld van dementie.

Advertenties

Identificatiefase en verstoorde egostructurering (4)

Waar waren we ook alweer gebleven?

Het ging over mensen bij wie de emotionele ontwikkeling stageert tussen de 3 en 7 jaar. Wat is kenmerkend voor die mensen?

Achtereenvolgens kwamen aan de orde:

1. Afhankelijk van (verslaafd aan) de goedkeuring door belangrijke anderen

2. Egocentrisch: de wereld bekijken vanuit het eigen perspectief.

3. Veelvuldige autoriteitsconflicten

4. Voortdurende faalangst

En dan nu verder met de volgende vier kenmerken:  

5. Zwakke interactie met leeftijdsgenoten: kleuters leren in de loop van hun ontwikkeling samen te spelen. Maar ze zijn daar doorgaans nog niet zo sterk in. Ze kennen de regels van het samenspelen nog onvoldoende. Daarom hebben ze de nabijheid van de volwassene nodig. Als die er niet is hebben ze vaak de neiging om voor de ander te gaan bepalen. Tegen je verlies kunnen is iets wat voor kleuters vaak nog te hoog gegrepen is.

Deze aspecten zien we ook terug bij mensen met een gestagneerde sociaal-emotionele ontwikkeling in de identificatiefase. Samenwerking met anderen is niet hun sterkste kant. Ze werken bij voorkeur samen met mensen die volgzaam zijn, waar ze controle over hebben. In het werk binnen een team ontstaan gemakkelijk conflicten. Ze hebben vaak een voorkeur voor indirecte communicatie om de emoties te uiten.

6. Tekort aan zelfregulatie: de emotionele rem is nog onvoldoende ontwikkeld. Als er iets gebeurt waar ze moeite mee hebben kunnen ze heftig reageren en zelfs exploderen. Op ontspannen momenten lijken ze evenwichtig. Je denkt dan dat ze veel aankunnen. Maar een klein beetje spanning kan al voldoende zijn voor een onverwachts heftige reactie.

7. Impulsiviteit: dit kenmerk hangt samen met het voorgaande. Maar bij de zelfregulatie gaat het om het vermogen om bij te kunnen sturen. Hier ligt het accent iets anders. Er wordt niet eens bijgestuurd. Het doen gaat voor het denken. Een mailtje wordt al verstuurd voordat er over nagedacht is. Een aanbieding wordt al aangeschaft voordat er gekeken is of het product wel nodig is.
Precies zoals je vaak bij kleuters ziet. Het vermogen tot afremmen, bijsturen, plannen en ordenen is nog maar zeer gedeeltelijk ontwikkeld.

8. Fantastie en werkelijkheid lopen door elkaar heen. Dit is één van de meest intrigerende aspecten van de gestagneerde sociaal-emotionele ontwikkeling in de kleutertijd. Peuters en kleuters kunnen fantasie en werkelijkheid moeilijk scheiden. Daardoor gaan ze geloven in hun eigen fantasieën.
Maar dat zie je niet alleen bij peuters en kleuters, maar ook bij pubers en volwassenen. Ze kunnen een verhaal zó vertellen, zó in hun verhaal geloven, dat je er als omgeving ook in gaat geloven.

Prettige Hemelvaart

Dat zei iemand gisteren tegen mij…
Dat is (nu nog niet) te hopen, dacht ik bij mijzelf.

Je kunt het op allerlei manieren opvatten.
Zoals bij een man uit onze kerk, die ik zondag nog gesproken heb en die dinsdagavond is overleden. Bij hem kan ik dat woord bijna letterlijk opvatten: ik geloof (en dat is in dit verband: zeker weten) dat hij nu in de hemel is.

In een volle Kapelkerk dachten we vandaag aan de hemelvaart. De dominee legde aan de kinderen uit dat het nét zo is als wanneer de juf op school zegt: “Ik moet even weg, maar ik kom zo meteen weer terug.” Wat gebeurt er dan ondertussen in de klas? En weet je ook precies wanneer de juf terug komt?”

Over de hemel heeft iedereen zijn eigen gedachten. De Indianen dachten aan de eeuwige jachtvelden. Die aardse voorstelling heeft te maken met waar je hart(stocht) ligt.

De dominee vertelde in de preek welke beelden je daar bij kunt hebben. Maar we kunnen het ons niet voorstellen hoe het er werkelijk zal zijn. Wél dat er nooit meer oorlog en ellende zal zijn, nooit meer pijn.

Gepeperde koffie

Het was érg vroeg.

Misschien is dat een verzachtende omstandigheid.

De koffie die ik om zes uur ’s morgens op station Amsterdam Centraal scoorde had in ieder geval een afwijkende smaak.

Ik dacht er melkpoeder in gestrooid te hebben, maar ik bleek een zakje peper aan de koffie te hebben toegevoegd.

De zakjes zagen er qua vorm ongeveer hetzelfde uit, maar de inhoud was toch echt wel verschillend. En ik had niet verwacht dat bij de koffie-ingrediënten ook zakjes peper en zakjes zout zouden staan…

In de bonen

Buiten werd mijn fietspad gekruist door een moedereend met twaalf  jongen.

Binnen begon de dag meteen al met een hobbel.
Met geen mogelijkheid kon ik één van de wachtwoorden voor mijn werk bedenken. Dat wachtwoord gebruik ik al twee jaar, maar nu wist ik het dus niet meer…
Ik heb een collega gebeld en gevraagd naar háár wachtwoord. Daardoor kon ik mijn eigen wachtwoord ook reconstrueren.
(Ter nuancering: ik heb drie werkgevers met voor allerlei systemen samen zo’n twaalf wachtwoorden, waarvan de meesten ook regelmatig veranderen).

Na de besprekingen van vandaag wilde ik een paar gespreksverslagen schrijven. Dat moet in een bepaald systeem. Toen ik het eerste verslag klaar had wilde ik het opslaan, maar het veld was daarna ontzettend leeg, alsof ik het afgelopen uur niets had uitgevoerd. Ik wilde een collega bellen, maar nu kon ik het wachtwoord van mijn nieuwe werktelefoon niet meer bedenken (hij was uitgevallen). Uiteindelijk heb ik via een vaste telefoon een collega kunnen raadplegen. Zij wist het ook niet.

Om moed te verzamelen mijn uitzicht maar weer eens op de foto gezet: het IJsselmeer met in de verte Almere.

Daarna als proef het eerste stukje van het verhaal opnieuw getypt, maar wéér sloeg het systeem de informatie niet op. Dat had ik trouwens een paar maanden geleden ook al twee keer gehad. Misschien is het systeem dan in de bonen, of anders ben ik in de bonen.

Ik besloot mijn verslag in Word te schrijven, dan staat er in ieder geval iets digitaal op papier. Toen ging de telefoon. Gelukkig wist ik hoe ik hem moest opnemen, want dat weet je ook niet altijd met telefoons (ik heb een nieuw exemplaar gekregen met vooral veel instellingen die ik tóch niet gebruik).

Ik kreeg een nogal heftig verhaal te horen en kon me dus even niet concentreren op het scherm van de PC. Toen ik terug liep naar de PC zag ik nog net het bericht dat het systeem zou worden afgesloten en dat alle in bewerking zijnde bestanden direct opgeslagen zouden moeten worden. Daar kreeg ik de kans niet meer voor.

Het enige voordeel was dat ik een keer al rond zes uur thuis was.

Nu maar hopen dat wat ik getypt heb maandag toch nog vindbaar is op de harde schijf…

Verdwenen dorpen

Al in 1984 was ik een keer blijven fietssteken in deze streek. Hele dorpen die op mijn kaart stonden bleken niet meer te bestaan. Mijn toenmalige Raleigh en ik moesten een grote omweg maken.

Toen ik uiteindelijk in Keulen was, was er geen plaats in de jeugdherberg en sliep ik op een bankje. Dat was koud en hard.

Inmiddels ben ik er na 1984 vier keer geweest en iedere keer wéér is er een dorp verzwolgen door de grote monsters die hier het land afgraven. Drie jaar geleden was dat Otzenrath (ik heb daar toen nog een blog aan gewijd). 

Dit is het volgende dorp dat aan de beurt is. Borschemich is inmiddels bijna helemaal verlaten. Volgens een bord bij de kerk zijn er nog wel kerkdiensten, maar volgens mij hebben ze verzuimd dat bord weg te halen. Er staat ook nog een mooi landhuis (een klein kasteel), daar zou ik nog wel graag een zomer als landheer huis willen houden. Zo snel zijn die graafmachines nu ook weer niet.

Dit zijn de dorpen die inmiddels helemaal of bijna helemaal verdwenen zijn: Reisdorf, Garzweiler, Priesterath, Stolzenberg, Elfgen in Grevenbroich, Belmen, Morken-Harff, Epprath, Omagen, Königshoven, Otzenrath, Spenrath, HolzPesch, LützerathImmerath en Borschemich.

Van sommige dorpen zijn bijna alle inwoners verhuisd naar een nieuw dorp in de omgeving, zodat je toch een beetje bij elkaar kon blijven wonen.

Een autoweg werd afgesloten, maar een nieuwe autoweg die een aantal kilometers verder naar het westen ligt staat ook op de nominatie om te verdwijnen.

Deze enorme gaten in het landschap (tot 160 meter diep) behoren bij de Tagebau Garzweiler. De oppervlakte van het gebied dat afgegraven wordt is meer dan 100 vierkante kilometer groot.

Wat in Nederland onder de grond gebeurde, doen ze in Duitsland boven de grond: ze graven van bovenaf de delfstoffen (in dit geval bruinkool) uit. Het resultaat is een totaal verwoest landschap, dat door sommigen wordt gezien als een ecologische ramp.

Men maakt zich ook zorgen over de grondwaterstand, de effecten zouden mogelijk tot in Limburg merkbaar kunnen zijn.

Uiteraard zijn er in de regio ook veel protesten. Energie en werkgelegenheid  (1500 mensen) hebben hun keerzijde.

Als alle bruinkool is afgegraven wil men het gebied vol laten lopen met water. Dan kun je hier varen. Dat ga ik niet meer meemaken.