Van 10 tot 10 met melatonien

Vandaag heb ik een gat in de dag geslapen.

Maar dat niet alleen. Ik heb het klokje rond geslapen.

Gisteravond was ik eigenlijk niet meer in staat om iets te lezen of zelfs maar om televisie te kijken. De harde schijf van mijn hoofd zat gewoon vol.

Om half tien naar bed gegaan. Om tien uur sliep ik. Ik heb zelfs niet gemerkt dat mijn wettige huisgenote Tineke van de trap is gevallen… Ze ging op kousenvoeten de trap op. Dat had ze niet moeten doen… Als ze had geroepen had ik het hopelijk wél gehoord…

Om 3 uur was ik klaarwakker. De lichamelijke vermoeidheid was er uit, en mijn hoofd bedacht alweer allerlei plannen. Dat was niet de bedoeling. Ik nam 5 tabletjes melatonine en viel binnen een kwartier in een ontspannende slaap waaruit ik pas om tien uur ontwaakte.

Nee, ik was niet te laat op mijn werk. Vandaag moet ik thuis een cursus voorbereiden. De komende maand moet ik verschillende cursussen geven in Amsterdam en in Zeeland. Vandaag moeten de readers af zijn…

En wat die melatonine betreft: het is een lichaamseigen stof. Als je te druk bent in je hoofd maak je te weinig melatonine aan om de drempel naar de slaap te kunnen maken. Je kunt je levensstijl aanpassen, maar dat lukt niet altijd. Zelf melatonine toevoegen is het alternatief…

Moeder 89


Het was een meerkeuzeweekend.

Zondag vierde mijn moeder haar 89e verjaardag, mijn zwager zijn 65e verjaardag en onze schoondochter haar (en laat ik dát nou niet zeker weten…) verjaardag.

Ik besloot naar mijn moeder te treinen. Helaas was ze behoorlijk ziek. Het begon met een longontsteking maar er kwamen allerlei andere infecties bij. Daardoor is ze al een week lang te moe om op haar benen te staan.

De verjaardag werd niet gevierd. “Zo rustig heb ik het nog nooit gehad.” zei mijn moeder. Alleen een paar kinderen wisselden elkaar af. De hele week is er overdag en ’s nachts één van de kinderen in huis.

Ik was ’s middags en aan het begin van de avond in Maassluis. Mijn moeder sliep een groot deel van de tijd en af en toe was het even tijd voor een gesprekje.

Ondertussen konden we samen nog wel genieten van een mooie zonsondergang boven de Nieuwe Waterweg.

Van mijn sokken gereden


De vaste lezers weten het wel.

Op 20 februari werd Henk50 van zijn sokken en zijn fiets gereden. Ik had een bord niet gezien waar op stond dat ik over moest steken. De automobilist stopte niet voor een stopbord. Het gevolg was een forse klap waarbij ik een complexe beenbreuk opliep.

De klap was zó hevig dat mijn trapper omgebogen was tot in de spaken, mijn been was daar klem tussen geraakt. De auto had aan de linkerkant een compleet gat in de carrosserie opgelopen.

Toch heeft de automobilist mij aangeklaagd omdat ik zijn auto stuk heb gemaakt. Daarom moet ik voor de rechter in Euskirchen (Duitsland) verschijnen om mij te verantwoorden voor mijn onverantwoorde fietsgedrag.

De automobilist beweert dat het heel dom van mij was om verkeerd over te steken. Hij is zelf ook fietser en hij weet ook dat hij daar over moet steken. Dat de situatie voor een ter plekke onbekende fietser wat ingewikkelder kan zijn heeft de meneer niet in zijn denkrepertoire opgenomen.

De automobilist beweert dat hij niet hard reed (wat ik wel beweer), dat hij gestopt is voor het stopbord om naar links en naar rechts te kijken, dat zijn motor daarbij afsloeg en dat hij de motor weer aan de praat kreeg en toen weer ging rijden.

Ik zat te trillen toen ik die brief las. Wat is dat voor een vreemde redenering, bovendien volgens mij volledig buiten de waarheid.

a) als hij stil stond had ik des te meer reden om te veronderstellen dat ik voorrang had
b) als hij stil stond, hoe kan ik dan zó hard van mijn fiets afgeschoten zijn dat de trapper in de spaken zat en dat er een compleet gat in de carrosserie zat.

c) als hij stil stond, hoe kan hij dan links de schade hebben opgelopen aan zijn auto? (ik was hem dus al grotendeels gepasseerd). Hij heeft dan dus gas gegeven op het moment dat ik voor zijn auto langs fietste. Dan klopt het niet als hij (tegen de politie) zegt dat hij mij niet gezien heeft omdat ik op het fietspad fietste.

Soms denk ik wel eens: ‘was ik maar gewoon door de gladheid gevallen’. Dan was het gewoon mijn eigen schuld.

Nu word ik aangeklaagd en als een domme onoplettende fietser neergezet terwijl de automobilist minstens zoveel boter op zijn hoofd heeft…

Bijna 89

Vandaag was ik weer een dag bij mijn moeder.

Ze wordt een dagje ouder. Maar volgens haar wordt iedereen een dagje ouder. Ze wordt ook steeds kleiner, maar in haar beleving worden de kastjes steeds hoger.

“Ik ben bijna alles van vroeger vergeten” zegt mijn moeder.

We gaan een aantal foto’s van onze fietsvakantie langs de Bodensee bekijken.

Konstanz, zegt mijn moeder, dat ligt toch in Baden Württemberg? In die deelstaat ligt toch ook Baden Baden?

Oh ja, Insel Mainau. Daar zijn Vader en ik nog geweest in 1979. We gingen er met de bus naar toe. Het was een speciale busreis vanuit ons hotel. Prachtig was dat, al die bloemen.

Maar de Bodensee, is dat hetzelfde als het Meer van Konstanz? En even verderop is toch de waterval van Schaffhausen? Daar zijn we toen niet aan toegekomen.

Prachtig, al dat hout op die gevels. Dat vond ik ook zo mooi. Vader liep dan door, maar ik wilde ze allemaal bekijken.

En daar zijn we nog langs gekomen met de trein naar Winterthur. We zijn toen nog met een kabelbaan de berg op gegaan. We zagen allemaal Murmeltieren, hé, hoe heten die beesten nu in het Nederlands? Maar vader zag ze niet. Die lette op andere dingen.”

Hoezo: alles vergeten van vroeger?

Boosfietsen

Ik ben niet zo snel boos. Daar ben ik namelijk niet snel genoeg voor. Eerst moet ik van alles verwerken en daarna pas komt de boosheid. Ook weer niet zo vaak, al zeg ik het zelf. En mensen worden ook niet vaak boos op mij (of ze zeggen het niet). Eigenlijk heb ik dus best een gemakkelijk leven.

Toch ben ik wel eens boos. Zoals op de directeur van de instelling waar ik toen werkte. Deze directeur was als ex-marineofficier gewend om commando’s uit te delen. Hij dacht dat hij nog steeds op de brug stond, maar nu aan wal op een instelling binnen de gezondheidszorg. 

Nu had hij op eigen houtje en zonder overleg besloten één van mijn woongroepen (met psychiatrische patiënten die getraumatiseerd waren in de oorlog) zonder enig overleg met betrokkenen om financiële redenen te sluiten.

Na het gesprek met de directeur (ik kwam niet aan het woord want hij hield een donderpreek dat hij verantwoordelijk was voor het gesticht) stapte ik op de fiets om mijzelf vijf uur later 120 km. verderop aan te treffen. Toen was de boosheid in ieder geval weer een beetje hanteerbaar.

Vaak ben ik niet boos, maar het gebeurt dus wel eens. Zo was er rond het afgelopen weekend sprake van oplopende boosheid vanwege een heftige emotionele ervaring en aanvaring.

Gelukkig had ik maandag een fietsdag ingepland. Ik stapte om 6 uur ’s morgens op de fiets en vond mijzelf aan het eind van de middag 150 km. verderop terug. En dat ondanks een slome damesfiets en een kwetsbaar been…

Unfall in Deutschland

Op 20 februari werd ik in Euskirchen in Duitsland van mijn sokken en mijn fiets gereden.

De turbo-automobilist negeerde een stopbord. Ik dacht dat hij zou stoppen, maar hij gaf juist gas.

Met een harde klap belandde ik op het asfalt. Ik dacht eigenlijk dat de schade wel mee viel, en dat ik mijn weg kon vervolgen, desnoods lopend met mijn fiets. Maar mijn voet bleek achterstevoren onder aan mijn been te hangen. Dan klopt er meestal iets niet.

Na een week ziekenhuis in Duitsland belandde ik in Nederland nog een keer in het ziekenhuis. Daarkreeg ik een brief, of meer: een aanmaning. Ik had een grote schade aan een auto aangericht. Na een week weer een bericht: ik moest meteen betalen.

De automobilist uit Zülpich had namelijk geconstateerd dat ik aan de verkeerde kant van de weg fietste. Dat had hij trouwens ook al als eerste opmerking tegen mij gezegd toen ik op straat lag.

Voor mij was dat niet duidelijk, want 300 meter eerder moest ik naar links en nu weer naar rechts, maar de borden waren voor mij niet eenduidig. Bovendien was er aan de overkant geen fietspad en aan de linkerkant wel.

Inmiddels stond er in Der Spiegel een artikel over de enorme strijd die er tussen fietsers en automobilisten aan de gang is in Duitsland. Dat leidde in de eerste vijf maanden van dit jaar tot bijna 170 fietsers die de klap niet overleefden en tot ruim 5000 zwaargewonde fietsers (daar val ik volgens de statistiek ook onder).

Maar Der Spiegel constateert vooral dat verkeersregels en rechtsspraak in Duitsland helemaal niet zijn ingesteld op de enorme groei van het aantal fietsers in dat land. De auto raakt bij jongeren uit, het aantal fietsers neemt enorm toe. Volgens Der Spiegel is in plaats van de ster van de Mercedes nu de fiets met 33 versnellingen daar het statussymbool.

Ondertussen moet ik me in november voor de Duitse rechter verantwoorden vanwege het ernstig vernielen van een auto. Over mijn schade (zoals een half jaar niet kunnen werken) heb ik nog niemand in Duitsland gehoord.