Afscheid

Ik had er helemaal niet op gerekend.

Maar na een intensieve en interactieve preek waarbij de dominee enkele confronterende vragen aan gemeenteleden stelde was er opeens ook nog een toespraak ‘vanwege het afscheid van Henk en Tineke’.

Dertien jaar geleden waren we uit Den Helder naar Alkmaar verhuisd. We werden lid van deze kerkelijke gemeente. Men had enkele jaren eerder een gebouw van de padvinders eigenhandig verbouwd tot een kerkgebouw.  We waren er zeer gastvrij ontvangen.

Kerkdienst Open HofIn al die jaren hebben we veel waardevolle contacten opgebouwd, met kinderen, leeftijdgenoten, en met mensen die door allerlei omstandigheden niet de kerkdienst konden bezoeken. Ook maakten we deel uit van een ‘huiskring’ (de kerk is opgebouwd uit kringen die op allerlei manieren met elkaar optrekken en lief en leed met elkaar kunnen delen). Dat laatste voelde steeds meer als ‘familie’. Voor de kinderen van de kring waren we dan ook opa Henk en oma Tineke.

Zo’n kerkelijke familie loslaten vind ik niet gemakkelijk. Maar als je het omdraait mag je zeggen: wat hebben we veel met elkaar kunnen delen en wat is dat waardevol geweest.

In de toespraak werden veel mooie dingen gezegd. En na de dienst was er gelegenheid om iedereen de hand te drukken. Ik was liever ondergedoken, maar uiteindelijk is het goed om op zo’n manier een periode af te sluiten. Goed afscheid (kunnen) nemen hoort bij het leven.

(de foto nam ik tijdens een eerdere kerkdienst en laat iets zien van  – de sfeer van – het eigenhandig verbouwde kerkgebouw).

Christenvervolging

In de Volkskrant van vrijdag 15 september 2016 spreekt Elma Drayer er haar verwondering over uit dat Nederlandse kerken decennia lang hebben gezwegen over de vervolging van christenen in andere landen.

“Als ’s lands grootste kerkgenootschap de afgelopen decennia iets negeerde, dan was het wel de christenvervolging. De onderdrukking van andere volkeren mocht op solidariteit vanuit de kerk rekenen, maar als het om onderdrukking van de eigen geloofsgenoten ging deed de PKN er bij voorkeur het zwijgen toe.” Aldus Elma Drayer.

Vanaf vandaag vraagt de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) aandacht voor de vervolging van christenen in het Midden-Oosten, die hier vanwege hun christelijke geloof gediscrimineerd, vervolgd, gevangen gezet en gedood worden. Zo staat er op de overgang van de islam naar het christelijk geloof in een aantal islamitische landen de doodstraf.

Selectieve verontwaardiging

Volgens Drayer was er sprake van selectieve verontwaardiging, maar dat niet alleen binnen de kerken, maar ook bijvoorbeeld bij Amnesty International. Men bekritiseerde het boerkaverbod in Frankrijk (boetes), maar kritiek op besluiten in moslimlanden om christelijke uitingen van geloof te verbieden (met als gevolg langdurige gevangenisstraffen) hoorde je niet. Waarschijnlijk, aldus Drayer, uit angst om anders voor islamofoob te worden aangezien. Die angst is zo groot dat men liever een andere kant uit kijkt.

Gevraagd naar concrete voorbeelden van christenvervolging in Afghanistan, Pakistan (de blasfemie-wet: een andere uiting van geloof dan de islam wordt als vloeken, als blasfemie beschouwd) en China antwoordde een woordvoerder: “dat is geen vervolging, het is slechts achterstelling”. 

Moslims

Op dit moment hebben moslims het het zwaarste te verduren als het om vervolging gaat. Zo zijn bij veruit de meeste aanslagen van IS moslims vooral slachtoffer.

Dat laat onverlet dat in de afgelopen decennia ook tienduizenden christenen zijn gedood vanwege hun geloof. Met name in het noorden van Nigeria worden kerken en christenen vaak aangevallen, vermoord en ontvoerd.

En in gebieden waar IS heerst zijn – naast de yezidi’s en sjiieten – ook bijna alle christelijke gemeenschappen verdwenen. De Joodse bevolking daar zag de bui al eerder hangen en was op tijd vertrokken naar andere landen.

Vervolging in islamitische landen

Nogmaals: we mogen de ogen niet sluiten voort discriminatie en vervolging van moslims. Maar aan de andere kant – en dat is waar Elma Drayer op doelt – mag ook niet ontkend worden: dat van de 50 landen waar christenen het het zwaarste te verduren hebben er 35 zijn met een islamitische overheid.

Maar tussen die landen zitten ook overheden die geen gezag hebben over delen van hun grondgebied. Daar is de vervolging deels een gevolg van de opkomst van extremistische groeperingen (zoals in Irak en Syrië de gebieden waar IS aan de macht is).

Ranglijst

Dit is de lijst van landen waar in 2015 (percentueel) de meeste christenen vanwege de uiting van hun geloof werden onderdrukt, gevangen gezet of gedood en/ of  waar het christelijke geloof niet openlijk geuit mag worden (bron: Open Doors): 

  1. Noord-Korea
  2. Irak
  3. Eritrea
  4. Afghanistan
  5. Syrië
  6. Pakistan
  7. Somalië
  8. Soedan (Noord)
  9. Iran
  10. Libië
  11. Jemen
  12. Nigeria
  13. Malediven
  14. Saudi-Arabië
  15. Kenya
  16. Oezbekistan
  17. India
  18. Ethiopië
  19. Turkmenistan
  20. Vietnam

Eritrea en Nigeria

De plaatsing van Eritrea, Ethiopië, Kenya en Nigeria op deze lijst is opmerkelijk omdat het landen zijn met een (deels) christelijke regering. Maar in Nigeria en Kenya heeft de overheid geen controle over het noorden (daar werden in 2015 door Boko Haram 4000 christenen vermoord en in Kenya vonden tientallen christenen de dood vanwege aanslagen door moslim-terreurgroepen uit Somalië).

Onlangs sprak ik een mevrouw uit Eritrea. Zij beweerde bij hoog en bij laag dat er in haar land van geloofsvervolging geen sprake was. Maar het probleem in dat land is dat je verplicht bent om je aan te sluiten bij een door de overheid gecontroleerde religieuze groepering. Langs de grens met Somalië is sprake van vervolging door extremistische moslims en in het centrale deel van het land loop je het risico op lange gevangenisstraffen als je niet de lijn volgt van de door de overheid verplichte geloofsovertuiging (de Eritrees Koptische Kerk).

Gefixeerde mindset (2) : Christine

Dankzij enig lichamelijk ongemak heb ik gisteren TV gekeken. Daar vertelde een zekere Christine dat ze precies wist hoe de wereld in elkaar zat. Ze was er van overtuigd dat ze gelijk had. Het probleem was alleen dat anderen datgene wat ze wist niet erkenden. Ze voelde zich dus miskend.

Strijd in de familie

De strijd die ze had ging op dat moment tegen haar ouders en tegen haar zus. Vooral tussen moeder en dochter vlogen de psychologische vonken er af. Zodra de moeder een mening had zag Christine dat als een aanval. Zo was het altijd al geweest in het gezin. En dus ging ze in de tegenaanval. “Jullie zitten helemaal verkeerd, bemoei je dus niet met mij!”

Christine ging nog een stap verder: ze voelde zich vervolgd. Ze mocht de waarheid niet vertellen. En overal waar de waarheid niet verteld mag worden is sprake van vervolging.

Eén van haar bezigheden was het aanklagen van mensen. Zo had ze een brief naar 29 kerken gestuurd om te waarschuwen tegen een predikant die de waarheid niet verkondigde.

Christine heeft (g) een probleem

Volgens haar behandelaar had Christine een probleem. Dat zag ze zelf niet zo. Want als je gelijk hebt heb je geen probleem. De anderen hadden een probleem. Ze zagen namelijk niet in dat zij gelijk had.

Inmiddels was Christine haar baan kwijt geraakt en ze dreigde dakloos te worden. Haar moeder maakte zich zorgen over de (klein) kinderen. Dat was volgens Christine géén probleem, want er was genoeg eten in huis. Bovendien moest oma zich niet met de kleinkinderen bemoeien, want zo’n goede moeder was oma zelf helemaal niet geweest.

Bijzondere gaven

Christine was er van overtuigd dat ze bijzondere gaven had. Ze was een profetes. Onlangs had ze een kikker uit de dood doen opstaan. Ze had een man genezen van acute leukemie. Een vrouw was direct hersteld van chronische rugklachten. En haar man was vroeger homo en nu moest hij in seksueel opzicht niets meer van mannen hebben.

Op de vraag van de behandelaar of er misschien een andere verklaring mogelijk was voor het uit de dood opstaan van de kikker was haar antwoord dat dat helemaal niet nodig was. Ze had immers zelf gezien dat de dode kikker opeens tot leven kwam en haar strak aankeek.

De eigen waarheid

Christine zag maar één mogelijke verklaring. Alle andere verklaringen waren dus per definitie fout. Het deed denken aan de manier van redeneren van een peuter of een jonge kleuter. “Het is zo, want ik heb het zelf gezien”. Maar ze voegde er nog iets aan toe: wie het niet eens is met mij heeft het op mij gemunt. Die persoon vervolgt mij.

Eén van de kenmerken van de gefixeerde mindset is dat de persoon niet in staat is om andere verklaringen mee te nemen in het denken over een bepaalde situatie. Het is geen meer of minder, het is gelijk of ongelijk.

Kenmerken gefixeerde mindset

Christine voldeed aan veel kenmerken van de gefixeerde mindset (blog van 5 september).

  1. Als iemand een andere mening heeft ziet ze dat als een aanval en dus als een bedreiging. Ze staat op scherp en gaat direct in de tegenaanval.

2. Als iemand mogelijk meer of andere kennis heeft reageert ze daar scherp op met ‘dat  kan niet waar zijn’. Haar eigen kennis is de norm. Ze is niet open, maar ze vraagt: klopt wat de ander zegt met wat ik denk?

3. Ze gaat nog een stap verder: wie het niet met mij eens is, is een tegenstander. Iedereen die anders denkt dan ik is uit op mijn ondergang.

Christine wil gezien worden

Er viel nog heel wat meer te zeggen over het TV-programma met Christine. Zoals de vraag: wat zat er eigenlijk áchter haar gedrag? Waarom was er zo’n strijd tussen haar en de andere gezinsleden? Naar mijn idee was Christine zó bezig met het gezien en erkend willen worden dat dit pathologische trekken aan had genomen. Dat wat ze niet kon bereiken werd opgevuld door een schijnwereld waarin zij de redder moest spelen en mensen kon genezen. In zo’n schijnwereld wordt iedereen die anders denkt meteen verdacht (gemaakt).

Religie als verlengstuk

Volgens de behandelaar was haar religieuze overtuiging geen inspiratiebron meer, maar een verlengstuk van haar persoonlijke problematiek. Op zo’n manier wordt religie een gevaarlijk instrument. Dat kun je bijvoorbeeld zien aan het functioneren van sektes met leiders die zichzelf op een voetstuk zetten.

Gefixeerde mindset

Zomaar strooide de dominee gisteren tijdens de preek met een moeilijke psychologische term: de gefixeerde mindset. Die term had hij overgenomen van Ben Tiggelaar.

Maar Tiggelaar had de term ook niet zelf bedacht. Hij diepte deze theorie op uit zijn boeken. Over de mindsettheorie van Carol S. Dweck bijvoorbeeld. Zij spreekt geen Nederlands, maar Engels en heeft het over de fixed Start 2 deelmindset. Dweck is hoogleraar psychologie aan de Stanford-universiteit in Californië.

Mindset: hoe denk je over je kwaliteiten?
De mindsettheorie van Carol Dweck gaat over de manier waarop kinderen (en volwassenen!) denken over zichzelf en in het bijzonder over hun intelligentie en kwaliteiten. Het gaat over de overtuiging wat je kunt en of je nog nieuwe dingen kunt leren.

Fixed mindset

Mensen met een gefixeerde mindset (fixed mindset) geloven dat hun persoonlijke eigenschappen vaststaan. Je bent met een bepaalde ‘hoeveelheid’ intelligentie en kwaliteiten geboren en daarmee zal je het de rest van je leven moeten doen. “Wie als dubbeltje geboren wordt, wordt nooit een kwartje”.

Groeimindset

Mensen met een groeimindset daarentegen geloven dat ze zichzelf steeds kunnen blijven verbeteren en ontwikkelen. Je talenten zijn slechts het startpunt; je kunt steeds blijven groeien door hard te werken en ervaring op te doen.

Fixed: minder plezier in het werk

Het ingewikkelde is dat als je er vanuit gaat dat dingen onveranderbaar zijn, dat er dan ook inderdaad maar weinig verandert. Je gaat er namelijk naar handelen. In de organisatiepsychologie is bekend geworden dat mensen die denken dat er toch niets zal veranderen ook met minder plezier in hun organisatie werken. Dat beeld heb ik onlangs ook beschreven aan de hand van samenlevingen waar mensen niet aan het denken worden gezet. Dat is bijvoorbeeld het geval in dictatoriaal geleide regimes.

Jezelf en de ander

De gefixeerde mindset wordt meestal beschreven in relatie tot het zelfbeeld. Maar mensen ontwikkelen ook een mindset als het gaat om het kijken naar anderen. Denk je dat de ander altijd lastig, vervelend, dwars, dom of negatief zal blijven? Of ga je er van uit dat mensen kunnen veranderen?

Mindset en kritiek

Hoe reageren mensen met een gefixeerde mindset op kritische opmerkingen? Ze schieten in de verdediging. Ze zien kritiek als een aanval en dus als een bedreiging.

Hoe reageren mensen met een groeimindset op kritische opmerkingen? Ze zien zulke opmerkingen als mogelijkheden: daar kan ik iets van leren!

Mindset en kennis 

Hoe reageren mensen met een gefixeerde mindset op anderen die kennis van zaken hebben? Daar reageren ze allergisch op. Ze zien die kennis als een bedreiging: ze kunnen er niet tegen als anderen meer kennis bezitten.

Hoe reageren mensen met een groeimindset op kennis van anderen? Daar worden ze door geïnspireerd: wat kan ik van jou leren (met als doel: zodat ik mezelf verder kan ontwikkelen…).

Jezelf als norm

“Klopt wat de schrijver (spreker) zegt met wat ik denk?” Dat kan de eerste reactie zijn op nieuwe informatie. En vervolgens hoor je dan: “Ja, maar…” Dat is een signaal voor een gefixeerde mindset. Als je zo denkt zul je nooit veranderen. Je maakt het voor jezelf onmogelijk om nog iets te willen leren, maar je stelt je eigen denken als norm voor de beoordeling van anderen.

Start 53 kleinOpen deur kerk

Hoe die gefixeerde mindset nu in de preek van de dominee terecht kwam is nog een ander verhaal. In ieder geval was de preek een pleidooi voor wijd open ramen en deuren in de kerk.  “Als je alles dicht laat wordt het in de kerk muf en gaat de kerk op den duur dood vanwege zuurstofgebrek.”

Geloven: regel of relatie?

Johan is opgegroeid in een veilig gezin. Zijn ouders waren in de buurt als hij hen nodig had, hij werd gestimuleerd, maar mocht ook zichzelf zijn.

Catharina is opgegroeid in een beschadigend gezin. Het was er onveilig. Haar ouders hadden vaak ruzie. Haar moeder was vooral met zichzelf en niet met de kinderen bezig.

kapelkerkdienstJohan en Catharina hebben verkering. De hele tijd loopt Catharine het vuur uit de sloffen voor Johan. Ze wil voor hem koffie zetten, eten koken, de was doen, stofzuigen. Pas als ze iets voor hem kan doen is het goed.

Johan zegt tegen Catharina: “Kom nu eens gewoon naast me zitten. Het is goed als je bij mij op de bank zit.”

Catharina zegt: “Ik voel me onrustig als ik niet iets voor jou kan doen. Zo kan ik je laten zien dat ik van je houd.”

Johan zegt: “Het is goed als je naast me zit. Als je er gewoon bent. Je hoeft niets voor mij te doen.”

Zó begon de preek van de dominee.  Hij trok een lijn met de manier waarop mensen geloven.

“Geloven is geen kwestie van het opvolgen van regels. Het is ook geen kwestie van het zoeken van vormen die aan jouw religieuze behoeften voldoen. Dat heeft de kerk er wel erg vaak van gemaakt”.

In Psalm 27 staat letterlijk ‘zoek contact, kijk mij in de ogen’.

Catharina was steeds weg, steeds bezig. Ze had weinig oogcontact met Johan. Al die bezigheden stonden het werkelijke contact in de weg.

Geloven draait niet om regels, maar om de relatie, om diepgaand contact. Dat is de kern.

 

 

 

Henk met lipstick?

Vanmorgen bleek mijn jas na de kerkdienst verdwenen te zijn. Hoewel. misschien al tijdens de kerkdienst, maar toen luisterde ik naar een indrukwekkende preek.

Nu hingen er veel jassen die lijken op mijn jas, dus een verwisseling was best mogelijk. En gelukkig had ik mijn sleutels uit de jas gehaald. Ooit was een collega met mijn jas vertrokken. Hij ontdekte pas thuis dat hij zijn huis niet in kon: de sleutels pasten niet. En ik was nog op mijn werk, ik kon niet weg, want mijn fietssleutels zaten in mijn jas.

Kapelkerk kerkdienst 1Ik ben wat langer in de kerk gebleven, want ik vermoedde dat de laatste jas die zou overblijven het eigendom van de verwisselaar zou zijn. De op één na laatste jas leek me wel aardig, maar die bleek van een dominee te zijn. Toen bleef er dus nog één jas over.

Met behulp van een gepensioneerd plaatselijk politieagent en tevens hulpkoster werd de jas doorzocht. De inhoud bleek te bestaan uit een rol pepermunt en een dure lipstick. Die zwarte jas heb ik nu als onderpand meegenomen.

Mochten jullie één dezer dagen rond Alkmaar een man tegen komen met rode lipstick en een baard, dan ben ik dat waarschijnlijk….

Narcistische bravoure (1)

In zijn proefschrift (een pastoraal-psychologisch onderzoek naar de ‘hoofdzonden’) schrijft pastoraal psycholoog Leon Derckx over de (gevolgen van de) narcistische samenleving.

Paus Gregorius de Grote (van hem komt de term gregoriaanse muziek) bedacht zeven hoofdzonden. Het klinkt trouwens nogal narcistisch om jezelf de Grote te noemen, maar volgens mij is dat later door anderen gedaan.

1. Hoogmoed,

2. Lust,

3. Hebzucht,

4. Woede,

5. Gulzigheid,

6. Afgunst,

7. Traagheid.

Later werd er nog een 8e hoofdzonde aan toegevoegd:

8. Melancholie.

wrok en begeerte afbeeldingDe nummers 7 en 8 zou ik niet zomaar bedenken als grote zonden, maar ik weet niet hoe hij dat bedoelde. Hij schreef in het latijn en ik ben maar een eenvoudig HBS-sertje.

Narcistische samenleving

Volgens Leon Derckx (in navolging van o.a. Christoffer Lasch) vertoont niet alleen de samenleving veel narcistische trekken, het is ook een kenmerkende eigenschap van de psychische structuur van mensen geworden.

Derckx bedoelt daarmee: een op zichzelf gerichte levenshouding. En met psychische structuur bedoelt hij: hoe de mens zich tot zichzelf, zijn eigenwaarde, doelen en idealen verhoudt. Dat klinkt natuurlijk allemaal best abstract en veel bloglezers zullen op dit moment al zijn afgehaakt…

Van schuld naar schaamte

Ging de mens in de Middeleeuwen gebukt onder schuldgevoelens (vanwege begane zonden), dat is tegenwoordig veel minder aan de orde. Schuld word je immers maar aangepraat door de kerk? En die speelt in de samenleving geen grote rol meer. Ds. Piet Rietkerk (o.a. verbonden aan ‘l Abri) schreef al in de jaren ’70 dat de schuld in onze samenleving is vervangen door schaamte. In plaats van je schuldig te voelen tegenover God is de mens zich gaan schamen tegenover andere mensen.

Eén van de gevolgen van de schaamtecultuur is dat mensen hun gevoel van eigenwaarde laten afhangen van de mate waarin ze er in slagen maatschappelijke doelen te verwezenlijken. Dat kan een diploma zijn, een hogere functie in het bedrijfsleven, maar – voeg ik er aan toe – ook het aantal vrienden en likes op Facebook.

Mislukking

In een samenleving waarin succes steeds meer de norm is, neemt de kans op falen en mislukking evenredig toe. Perfectionisme is aan de orde van de dag, falen wordt als ramp ervaren. Daar voelen mensen zich niet in de eerste plaats schuldig over, ze schamen zich voor hun omgeving.

Derckx: de schaamte heeft zich als een slang verstopt in het geseculariseerde westerse paradijs.