Een lui geheugen?

Tegenwoordig lees je veel over het actief houden van het geheugen. Je moet als oudere voortdurend hersengymnastiek zoen, anders vertroebelen de neurologische wateren in je bovenkamer. Maar klopt dat wel? 

Ondanks alle aansporingen voor het doen van hersengymnastiek zijn we in geestelijk opzicht luier geworden. We liggen ’s nachts niet wakker van de vraag hoe die politicus ook alweer heette. We doen het anders. We stoppen ons denken al snel en vragen Google om een antwoord.

Niet bepaald slim, vindt de Duitse geheugenonderzoeker Manfred Spitzer. Hij waarschuwt voor de gevolgen van deze geestelijke luiheid. Veel van ons denkwerk wordt overgenomen door internet en daardoor gaat ons geheugen achteruit. Hij noemt dit digitale dementie.

Spitzer: ‘Onze hersenen functioneren als een spier: als ze gebruikt worden, dan groeien ze. Worden ze niet gebruikt, dan verschrompelen ze.’ Spitzer verwijst daarbij naar een al eerder op dit blog geciteerd onderzoek over Londense taxichauffeurs. Degenen die de tomtom gebruikten hadden minder goed ontwikkelde ‘kaartverbindingen’ in de hersenen dan de chauffeurs die er een eer in stelden om zélf de weg te vinden. Wat dat betreft is er voor mij nog hoop: ik weiger de kaart en de fietsrouteplanner te raadplegen.

Onderzoekers aan de andere kant van de oceaan zijn minder somber. En met die andere kant bedoel ik de Atlantische Oceaan. Amerikanen houden van gemak en zijn ook minder somber over de toepassing van gemak. Volgens hen past het geheugen zich juist aan: studenten onthouden eerder hoe ze het antwoord op een vraag kunnen vinden, dan dat ze het antwoord zelf onthouden. ‘Transactief geheugen’ noemen ze dat: er ontstaat een soort collectief geheugen, zodat ieder individu minder hoeft te onthouden.

Sterker nog, de informatierijke omgeving die internet creëert, zou ons brein juist stimuleren en bijdragen aan het Flynn-effect. Ook daar heb ik al eerder over geschreven. Onze gemiddelde intelligentie stijgt: elke volgende generatie scoort weer hoger op de intelligentietest. Vergeleken bij mijn kleindochters ben ik maar een domme opa.

Gebaseerd op een artikel door Henk Maassen en Nicolien van der Have in Medisch Contact, 18 december 2013. 

Auteur: henk50

Ik ben orthopedagoog/GZ-psycholoog. Vanaf 1975 heb ik gewerkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog. Omdat ik zo lang in 'de zorg' heb gewerkt heb ik veel zogenaamde casuïstiek ter beschikking. Soms gebruik ik voorbeelden uit de dagelijkse praktijk op mijn weblog, maar de beschrijvingen zijn altijd vermengd met andere -vaak gedateerde - verhalen. Er komen dus geen één-op-één verhalen voor. Dat zou ook niet mogen vanwege het beroepsgeheim. De namen die ik gebruik zijn altijd gefingeerd. De pedagogische en psychologische voorbeelden hebben dus wel enig waarheidsgehalte, maar ze hebben de pretentie om toch onherkenbaar te zijn. Mocht de lezer toch iemand herkennen, dan is dat waarschijnlijk toeval. Een enkele keer zijn voorbeelden van dialogen geheel gefingeerd. Uit de privésituatie wordt slechts zeer beperkt iets vermeld, waarbij ik met name zorgvuldig om ga met fotomateriaal. De namen van mensen die reageren worden nooit door mij doorgegeven aan derden, ze blijven in mijn afgesloten Wordpress-domein.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: