Synchronie in de zorg

In haar proefschift “Interactional patterns ans attunement between staff and clients with an intellectual disability” (Tilburg, 2016) schrijft Ellen Reuzel over het afstemmen tussen cliënten en hun begeleiders. 

Het blijkt dat mensen met een verstandelijke beperking gevoeliger zijn voor die synchronie dan hun begeleiders. Met andere woorden: ze voelen eerder dat er haperingen zijn in de afstemming. Synchronie heeft te maken met het afstemmen van het verbale en non-verbale gedrag op de ander. Het heeft alles met verbondenheid te maken, het steeds weer zoeken van de verbinding tussen elkaar.

Een positief gevolg van een goede afstemming is dat cliënten meer ontvankelijk zijn voor de boodschap die de begeleider over wil brengen. Dus: als je als begeleider beter afstemt helpt dat om meer ingang bij de cliënt te krijgen. Als je iemand wilt leren om zijn bed op te maken is dat niet een technische kwestie van voordoen en nadoen. Er gaan een dynamisch proces van afstemming aan vooraf.

Op de woning waar ikgisteren over schreef had ik de indruk dat cliënten en begeleiders elkaar kwijt waren geraakt. Begeleiders waren met heel andere zaken bezig dan bewoners.

De organisatie hamerde er op dat cliënten in hun eigen kracht moesten gaan staan. Dat is weer zo’n lege en modieuze krachtterm die te pas en te onpas ingezet wordt. Zorg was dus een vies woord geworden. Begeleiders moesten vooral niet zorgen. Daarmee waren ze hun eigen vak kwijtgeraakt.

De manager van de woning had nog een term: de zorg moest onttutteld worden. Cliënten moesten in een hoog tempo klaargestoomd worden tot zelfstandigheid. Dat was immers noodzakelijk nu er steeds minder geld voor begeleiding vrij kwam.

En als ze daar niet aan meewerkten moesten ze de gevolgen van hun eigen gedrag maar gaan ervaren. Zoals in dit geval: collectieve obesitas en op termijn vier kunstgebitten. Ik noem dat pedagogische verwaarlozing. 

Auteur: henk50

Ik ben orthopedagoog/GZ-psycholoog. Vanaf 1975 heb ik gewerkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog. Omdat ik zo lang in 'de zorg' heb gewerkt heb ik veel zogenaamde casuïstiek ter beschikking. Soms gebruik ik voorbeelden uit de dagelijkse praktijk op mijn weblog, maar de beschrijvingen zijn altijd vermengd met andere -vaak gedateerde - verhalen. Er komen dus geen één-op-één verhalen voor. Dat zou ook niet mogen vanwege het beroepsgeheim. De namen die ik gebruik zijn altijd gefingeerd. De pedagogische en psychologische voorbeelden hebben dus wel enig waarheidsgehalte, maar ze hebben de pretentie om toch onherkenbaar te zijn. Mocht de lezer toch iemand herkennen, dan is dat waarschijnlijk toeval. Een enkele keer zijn voorbeelden van dialogen geheel gefingeerd. Uit de privésituatie wordt slechts zeer beperkt iets vermeld, waarbij ik met name zorgvuldig om ga met fotomateriaal. De namen van mensen die reageren worden nooit door mij doorgegeven aan derden, ze blijven in mijn afgesloten Wordpress-domein.

Eén gedachte over “Synchronie in de zorg”

  1. Pedagogische hulpverlening aangestuurd door een manager ?

    Pedagogische verwaarlozing in de dramadriehoek is het.

    cliënt -> manager <- hulpverlener.

    Afstemming en samenwerking, synchronie tussen deze genoemde deelnemers is volstrekt en geheel kansloos.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: