Mevrouw Broekstra

Tineke is een tamelijk krachtdadige vrouw. Ze is met mij getrouwd. Dus dan moet je ook wel krachtdadig zijn. Ze heeft dus thuis de broek aan. 

Ze is ook oplossinsgericht. Ze is zelfs zó oplossingsgericht dat een probleem vaak al is opgelost voordat het een probleem is geworden. Dat heeft ze van haar vader. Hij was eigenlijk een soort uitvinder.

In haar werk als ambulant begeleider kwamen de oplossingsgerichte kenmerken goed van pas. Maar soms moest ze toch ook even leren om te ‘begeleiden met de handen op de rug’.

Momenteel heeft ze slechts vier cliënten. Eén van die cliënten ben ik. Aan mij besteedt ze de meeste tijd. Zo vond ze onlangs dat ik nieuwe broeken nodig had. Ik zie dat niet zo, een broek gaat jarenlang mee. Maar toen liet ze me zien dat er een gat in mijn broek zat met een lengte van wel vijf centimeter. “Dat kan zo écht niet meer” zei ze. Ik zei dat het vast nog wel gerepareerd kon worden. Er staat immers geschreven: ‘Gun uw broeken een tweede kans!’

Maar Tineke meende dat de broek tot op de draad versleten was. Ik ben daar niet meer tegen in gegaan. Ik dacht: ‘het waait wel weer over’. We zijn namelijk op een leeftijd gekomen dat je van alles vergeet en dat kan ook handig zijn.

De volgende dag trok Tineke haar jas aan en zei: ‘Ga je mee?’ Ik had geen idee waar heen. Maar ik moest met mevrouw Broekstra mee naar de winkel. Ik zei dat dat niet kon, want mijn broek was gescheurd. ‘Dan blijf je maar op het zadel zitten’ zei Tineke.

Vroeger reisden we af naar V & D, omdat daar een merk was dat paste bij mijn bouw, zodat de broeken zich voegden naar mijn anatomie. Maar V & D bestaat niet meer.

Gelukkig hadden we in onze vorige woonplaats en ook in onze huidige woonplaats ook een plaatselijke herenmodezaak aangetroffen waar het goed toeven was. Er werkten dames die van wanten wisten. In hoog tempo toverden ze broeken tevoorschijn die bij mijn verschijning zouden passen. Niet te jong en niet te oud. De dames hadden soms een andere mening dan Tineke, maar samen met die dames kwam ik een heel eind in de strijd. Dacht ik.

Medewerkers in kledingzaken hebben altijd een cursus psychologie doorlopen. Daardoor weten ze dat degene die voorop loopt bij het betreden van de winkel de initiatiefnemen is. In 90% van de gevallen is dat de vrouw. De man loopt er gedwee achteraan en vindt het eigenlijk allemaal alleen maar onzin. 

Bij de derde broek was het raak. De winkelmevrouw en ik vonden beiden dat de broek prima stond en zat. Broeken staan én broeken zitten. Dat doen ze tegelijk. Mensen kunnen dat niet.

Tineke had vooralsnog een andere mening, en wilde eerst nog andere broeken passen. Ze wist niet zeker of de broek wel paste bij mijn overhemden. Ik zei: ‘je gaat je gang maar, pas jij maar broeken, maar deze zit goed, ik pas!’ (niet meer). Bovendien zei ik dat er anders geen nieuwe koelkast in de keuken zou komen. Tineke wil namelijk een grotere koelkast. Dan kan ze er in gaan zitten als het te warm is. ‘Dan mag jij voortaan koken’ zei Tineke. De winkelmevrouw bemoeide zich hier verder niet mee en deed net of ze het niet hoorde. Maar ik denk dat het haar goed deed. Hier kon ze nog wat van opsteken voor thuis.

Ik vroeg aan de mevrouw hoeveel van deze broeken ze op voorraad had. Er lagen er maar liefst vijf. Allemaal in dezelfde kleur. Dat was een gouden kans. Ik zei: “Dan wil ik er wel vijf!” Tineke was het daar helemaal niet mee eens.

Dat begrijp ik dus niet. Ik denk: dan hoef ik vijf jaar lang geen broeken meer te passen. Maar Tineke denkt dat een broek uit 2021 niet meer in de mode is in 2026. Dat maakt mij weer helemaal niets uit. Waarom zou iets in de mode moeten zijn?

Bovendien heb ik dan ook een voorraad voor het geval dat. Je weet immers maar nooit of de productie van broeken stil komt te liggen. En als er één broek scheurt heb ik er nog vier over...

Auteur: henk50

Ik ben orthopedagoog/GZ-psycholoog. Vanaf 1975 heb ik gewerkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog. Omdat ik zo lang in 'de zorg' heb gewerkt heb ik veel zogenaamde casuïstiek ter beschikking. Soms gebruik ik voorbeelden uit de dagelijkse praktijk op mijn weblog, maar de beschrijvingen zijn altijd vermengd met andere -vaak gedateerde - verhalen. Er komen dus geen één-op-één verhalen voor. Dat zou ook niet mogen vanwege het beroepsgeheim. De namen die ik gebruik zijn altijd gefingeerd. De pedagogische en psychologische voorbeelden hebben dus wel enig waarheidsgehalte, maar ze hebben de pretentie om toch onherkenbaar te zijn. Mocht de lezer toch iemand herkennen, dan is dat waarschijnlijk toeval. Een enkele keer zijn voorbeelden van dialogen geheel gefingeerd. Uit de privésituatie wordt slechts zeer beperkt iets vermeld, waarbij ik met name zorgvuldig om ga met fotomateriaal. De namen van mensen die reageren worden nooit door mij doorgegeven aan derden, ze blijven in mijn afgesloten Wordpress-domein.

3 gedachten over “Mevrouw Broekstra”

  1. Als een broek echt goed past (wat uiterst zelden gebeurt), dan koop ik gelijk exemplaren in alle kleuren. Soms wel vier tegelijk. Verder is het je goed recht om jezelf een eigen stijl aan te meten boven een zekere leeftijd. Dan wordt dat je ‘signature look’ of zoiets. Vind ik, tenminste. Ik trek mij ook niets meer aan van mode en ik ben nog niet eens de 60 gepasseerd. 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.