Heeft Jacob dementie?

Gisteren moest ik voor twee cliënten een aantal vragen beantwoorden over mogelijke dementie. Beide cliënten zijn op leeftijd en hebben het downsyndroom. In de gewone samenleving heeft 1,4 % van de mensen van 65 jaar dementie, bij mensen met het downsyndroom is dat 54%.

Opmerkelijk is overigens dat bij een deel van de mensen met downsyndroom in de hersenen wél te zien is dat er sprake is van (in dit geval) Alzheimerdementie, maar dat je dat niet terug ziet in het denken en in het gedrag. Een intrigerende vraag is dan natuurlijk: hoe kan dat? Als neurologisch onderzoek laat zien dat er sprake is van vergevorderde dementie, waarom zie je dat dan bij de één wél terug in het gedrag en bij de ander niet? Kennelijk is er meer dan alleen neurologie. Dr. Swaab heeft niet altijd gelijk.

Voor het antwoord op de vraag of er sprake is van dementie maak ik weinig gebruik van testen, omdat die veel te kunstmatig zijn. Iemand heeft slecht geslapen of heeft faal-angst en het antwoord gaat al helemaal in de verkeerde richting. Het is veel zinvoller om het dagelijks leven ‘te bekijken’.

Waar ik vooral benieuwd naar ben is hoe het gewone dagritme verloopt. Ook dat dagritme kan je op het verkeerde been zetten. Iemand die heel erg volgens aangeleerde patronen functioneert kan het op basis van die patronen lang volhouden zonder dat de omgeving iets in de gaten heeft.

Neem nu Jacob. Hij is 48 jaar en heeft Downsyndroom. Jacob is een man van de patronen. Alles heeft hij geregeld en georganiseerd. Zelden raakt hij op zijn kamer iets kwijt. Oppervlakkig gezien is er niets met hem aan de hand. Wél vergeet hij nogal eens waar hij mee bezig is. Je geeft hem een opdracht om de beker van de kamer op te halen en hij komt terug zonder beker. Jacob weet namelijk helemaal niet meer waarom hij naar de kamer moest.

Naar de keuken lopen en dan niet meer weten waarom je naar de keuken liep overkomt ons allemaal. Daar hoef je niet van te schrikken. Het wil niet zeggen dat er sprake is van dementie. Daarvoor is meer nodig.

Bij Jacob is sprake van een achteruitgang die sneller gaat dan je op basis van de veroudering zou verwachten. Als je van de ene ruimte naar de andere ruimte loopt is de kans dat je vergeet wat je moest doen aanzienlijk groter dan wanneer je in dezelfde ruimte verblijft. Met andere woorden: een deur vergroot de kans op vergeetachtigheid. Wie vergeetachtig is heeft gewoon een te groot huis en dus teveel deuren (…).

Bij Jacob zie je nog iets opmerkelijks. Er is sprake van ‘stokkende handelingen’. Ook midden in een handeling kan hij vergeten zijn waar hij mee bezig is. Hij wast een kopje af, blijft in zijn handeling steken tijdens het afwassen en weet eigenlijk niet meer waar hij mee bezig is. Dat is een meer verontrustend signaal. Komt dat vaker voor?

Bij een observatie in de thuissituatie was mevrouw de Jong bezig met de afwas. Het leek allemaal prima te gaan, al ging het langzaam. Maar mevrouw de Jong is dan ook al 85 jaar oud. Dan ben je niet meer de snelste. Maar als mevrouw de Jong klaar is met de afwas gaat ze niet afdrogen. Ze pakt de kopjes, borden en bestek uit het afdruiprek en gaat ze opnieuw afwassen. Je bent er dus niet met één stukje observatie, je moet langer kijken naar wat er gebeurt.

Voordat we verder gaan met onze conclusie moeten er echter nog een paar andere zaken worden uitgezocht. Het zou kunnen zijn dat er bij Jacob sprake is van een te lage schildklierwaarde. Een andere verklaring kan zijn: depressiviteit. Een derde mogelijke verklaring is een te hoge medicijnspiegel. Een vierde verklaring kan onvoldoende slaapkwaliteit zijn. Er kan ook sprake van een vitaminetekort (o.a. B 12).

Maar bij Jacob komt er nog een alarmerend verschijnsel bij: er is sprake van wegrakingen die lijken op een epileptisch insult. Of het echt epilepsie is weten we niet, dat moet verder onderzocht worden.

Dat zijn allemaal zaken waar ik geen antwoord op kan geven. Ik ben geen dokter. Voor Jacob (met een verstandelijke beperking) volgt een verwijzing naar de AVG-arts (Arts Verstandelijk Gehandicapten), die waarschijnlijk ook een neuroloog zal consulteren.

Auteur: henk50

Ik ben orthopedagoog/GZ-psycholoog. Vanaf 1975 heb ik gewerkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog. Omdat ik zo lang in 'de zorg' heb gewerkt heb ik veel zogenaamde casuïstiek ter beschikking. Soms gebruik ik voorbeelden uit de dagelijkse praktijk op mijn weblog, maar de beschrijvingen zijn altijd vermengd met andere -vaak gedateerde - verhalen. Er komen dus geen één-op-één verhalen voor. Dat zou ook niet mogen vanwege het beroepsgeheim. De namen die ik gebruik zijn altijd gefingeerd. De pedagogische en psychologische voorbeelden hebben dus wel enig waarheidsgehalte, maar ze hebben de pretentie om toch onherkenbaar te zijn. Mocht de lezer toch iemand herkennen, dan is dat waarschijnlijk toeval. Een enkele keer zijn voorbeelden van dialogen geheel gefingeerd. Uit de privésituatie wordt slechts zeer beperkt iets vermeld, waarbij ik met name zorgvuldig om ga met fotomateriaal. De namen van mensen die reageren worden nooit door mij doorgegeven aan derden, ze blijven in mijn afgesloten Wordpress-domein.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.