Gebit in de puinpoeier

“Wat een hitte, meneer” zegt de meneer tegen me in de tram.

Ik ben netjes opgevoed en groet de mensen die naast me komen zitten altijd rechthartelijk. Het gevolg is niet zelden dat er een gesprek ontstaat. Soms komt me dat goed uit, soms ook minder. Zo’n gesprek heeft meestal een hoog Erps-Kwerps gehalte. Dat gesprek gaat dan als volgt: “Het regent” Ja, het regent. ”Net was het nog droog”. “Ja, net regende het niet.” Nu het gesprek met deze meneer.

Meneer: “Maar het regent niet.”

Henk: ”Nee, zeg ik, het is weer droog, we mogen niet klagen.”

Meneer: “Niet klagen, niet klagen? We worden allemaal belazerd door dat tuig in Den Haag. Als je een valse naam opgeeft krijg je gratis een paspoort. Nou, dat moet ik eens flikken met mijn uitkering, een valse naam opgeven, dan ken ik meteen de bak in. Maar ja, ik ben hier geboren en die zwarte gasten, die kennen hier alles maken. Tuig is het, meneer, dat ken ik je wel zeggen, het is allemaal tuig. En dat vinden ze in Den Haag allemaal prima. Die wonen natuurlijk in een villa, die merken verder niks van al die ellende. Het zijn de rijken die zeggen: laten de zwarten maar komme. Zij hebben er geen last van, wij wel. Maar as ik u wat vragen mag, bent u eigenlijk al met pensioen?”

Henk: “Ja, maar ik werk ook nog.”

Meneer: “Hoe oud ben u dan, as ik vragen mag?”

Henk: “Ik ben 66.”

Meneer: “Oh, dan ben u nog jong. Ik ben 72, nou, dan willen de beentjes niet meer zo, dan ken je niet meer zo ver. Maar ik kreeg al met m’n 60e een pensioen, dus heb ik er toch nog een beetje van kenne genieten. Maar as ik vragen mag, u ben toch niet ziek?”

Henk: “Nee, hoor, ik voel me prima!”

Meneer: “Ik dach, u stapt bij het ziekenhuis in, bij het VU, misschien ben u wel ziek, heb u de k, wat ik niet hopen mag”.

Henk: “Nee, ik kwam van de tandartsen”.

Meneer: O, van de Acta. Was uw gebit in de puinpoeier?”

Henk: “Nee hoor, soms werk ik daar een dagje”.

Meneer: “Dus u bent tandarts”.

Henk: “Nee…..”

Maar voordat ik mijn zin af heb kunnen maken heeft de meneer zijn gebit er al uit gehaald , doet zijn mond wijd open en laat een fors abces zien….

Meneer: “Vroeger had je goeie tandartsen, maar tegenwoordig doen ze er niet veel meer aan. Die jonkies, die willen niet meer, meneer. En de verzekering ook niet, bent u ook van Agis? (ik schud nee), nee, bij De Agis mag je nog maar één keer per jaar. Met het ziekenfonds mocht ik iedere dag naar de tandarts. Dat deed ik niet, maar het kon wel as ik pijn had.

Nou, ik ben één keer geweest, en dan krijg je dit (laat nogmaals het abces zien). Ik vergaat van de pijn, meneer, maar ja, dat krijg je, je mag maar één keer. Maar ja, dat been is erger, daar kenne ze helemaal niks aan doen en daar mot je op lope. Nou, zo kom je niet ver. Maar hier mot ik er uit. Prettig met u gepraat te hebben. Dat heb je ook niet veel meer dat mensen met elkaar praten. Maar ik ga er uit. Goedemiddag meneer.”

Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

2 thoughts on “Gebit in de puinpoeier”

  1. Prachtig, zulke gesprekken. Je zou eigenlijk een maand in de Amsterdamse Bus en tram moeten zitten. Dan heb je een boek bij elkaar!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s