Begeleiding bij onveilige hechting (7)

Misverstanden in de aanpak

> Het moet zo gezellig mogelijk zijn.

Kinderen met een verstoorde hechting kunnen gezelligheid juist niet hanteren. Een gezellige sfeer roept bij hen emoties op die ze niet aan kunnen. Ze worden er vaak alleen maar drukker en/of vooral baldadiger door. Eén van die emoties is dat een plezierige omgeving altijd weer direct van jou afgepakt kan worden. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat je als begeleider niet aan sfeer moet werken, maar de sfeer is niet hetzelfde als ‘alleen maar gezelligheid’.

 > Als je als begeleider maar goed contact maakt gaat de rest vanzelf.

Een goed contact is weliswaar een voorwaarde voor het werk, maar de kleur van het contact ziet er anders uit dan in ‘gewone’ gezinnen.

Let wel: ik hoor vaak zeggen dat er affectief neutraal moet worden opgevoed. Daar geloof ik helemaal niets van. Het bestaat niet eens. Wat wel moet is: opvoeding met betrokkenheid op gepaste afstand.

> We moeten alle gedrag van de kinderen accepteren, dan komt het vanzelf wel goed.

Het idee dat daar achter ligt is dat de kinderen al zo vaak werden afgewezen, nu moeten we alles maar goed vinden. Maar omdat de gewetensontwikkeling (en dus de innerlijke rem) van deze kinderen nauwelijks ontwikkeld is laat je ze daarmee eigenlijk alleen met hun eigen destructieve driften. Juist deze kinderen vragen van hun opvoeders om begrenzing (dat is wel wat anders dan een klimaat waar straffen en discipline het eerste kenmerk vormen).

Waar loop je als begeleider tegen aan?

Vooral tegen jezelf!

Iedere keer opnieuw blijkt dat het werk met mensen met een verstoorde hechting hoge eisen stelt aan begeleiders. Je komt jezelf steeds weer tegen.

Wil je als begeleider aardig gevonden worden en waardering krijgen van de kinderen, dan moet je aan dit werk niet beginnen. Dat geldt overigens ook voor het werk met volwassen cliënten met een verstoorde hechting. Alleen blijkt dat kinderen nog veel meer een emotioneel appél doen op begeleiders. Ze stellen vaak een tegengestelde vraag: “Kom eens wat dichter bij mij uit de buurt!” (psycholoog Piet Weisfelt).

Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

1 thought on “Begeleiding bij onveilige hechting (7)”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s