Begeleiding bij onveilige hechting (1)

Een gezonde (veilige) hechting vormt de basis voor alle emotionele ontwikkeling. Een verstoorde hechting heeft dan ook ernstige consequenties voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.

Aangeboren en omgeving

Een veilige hechting is niet alleen van de opvoeding afhankelijk, maar ook van factoren in het kind zelf. Zo heb ik al eerder beschreven hoe een moeilijk temperament (dat is aangeboren) ook de hechting moeizamer doet verlopen.

Maar er zijn wel degelijk opvoedingsfactoren die de hechting negatief kunnen beïnvloeden.

Als er sprake is van ernstige problemen die te maken hebben van aantoonbare lacunes in de opvoeding spreken we van een reactieve hechtingsstoornis. Daardoor is het kind niet in staat geweest om zich niet veilig te kunnen verbinden met (een beperkt aantal) volwassenen.

Twee basisvoorwaarden voor veilige hechting

Ooit heb ik een vijftiental factoren genoemd die de veilige hechting onder druk zetten.

Ik doe het nu andersom: ik noem nu twee factoren die een gunstig effect hebben op de hechting:

a) Het kind heeft een beperkt aantal vaste opvoeders die jarenlang met het kind optrekken (in ieder geval minstens de eerste drie jaar)

b) De opvoeders zijn sensitief (gevoelig voor de signalen die het kind uitzendt) en responsief (ze weten hoe ze op het kind moeten reageren)

Waarom is veilige hechting belangrijk?

Ook hier kunnen allerlei factoren benoemd worden. Ik beperk me tot drie factoren:

a) kinderen die veilig gehecht zijn ontwikkelen zich meer sociaal, kunnen gemakkelijker met anderen omgaan

b) kinderen die veilig gehecht zijn hebben een meer gezonde emotionele ontwikkeling. Dat maakt dat ze ook minder vatbaar zijn voor stress.

c) kinderen die veilig gehecht zijn hebben meer energie ‘over’. Ze zijn minder angstig en meer weerbaar. Daardoor zijn ze meer in staat om zich te ontwikkelen en nieuwe (en gevarieerde) dingen te leren.

Eén op de drie

Een aanzienlijk deel van de kinderen in Nederland is onveilig gehecht. Er worden cijfers genoemd van ongeveer 1 op de 3 kinderen. Wie onveilig is gehecht heeft weinig vertrouwen in anderen op kunnen bouwen. Dit betekent dat hun leven voor een groot deel door angst wordt gekleurd. Ze zijn bezig te overleven, in plaats van te leven.

Evenwicht

Als werkhypothese bij jonge kinderen wordt genoemd dat veilige hechting zichtbaar is aan het feit dat het kind een evenwicht zoekt tussen het er op uit gaan als de situatie veilig is. Als de situatie onveilig is zoekt het kind de vertrouwde opvoeders op en laat zich door hen beschermen en troosten.

Kinderen die onveilig gehecht zijn ervaren de ouder/verzorger niet als bron van troost. Ze raken bijvoorbeeld gespannen als de opvoeder dicht in de buurt komt of ze vermijden hun ouder of verzorger en gaan (ook in bedreigende situaties) vooral hun eigen gang.

Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s