Eigen hechtingsstijl en zorg (3)

Stress

De kwetsbaarheden van mensen komen vooral naar voren bij stress. Als alles goed verloopt kunnen we redelijk soepel functioneren. Bij mensen die zich minder veilig voelen zie je dat ze eerder terugvallen op vermijding en op verdedigingsmechanismen als ze onder druk staan.

Hoe je reageert op stress hangt mede af van de eigen kleur van de hechting. Zo zal iemand met een ‘vermijdende hechtingsstijl’ eerder de neiging hebben om afstand te nemen. Zoals: “dit gedrag hoort bij ‘de’ autist. Je moet vooral niet je emoties tonen en daar altijd op dezelfde manier mee omgaan.” De regel, de methodiek en het protocol winnen het bij stress van de relatie.

Bij begeleiders die meer een angstig-ambivalente hechtingskleur hebben zie je eerder wisselende reacties bij stress. Aan de ene kant is er de neiging om extra te gaan zorgen, aan de andere kant is er ook eerder de neiging om ‘er helemaal klaar mee te zijn’ (afwijzing).

Eigen hechtingsstijl

“De hechtingsstijl oefent grote invloed op de wijze waarop volwassen mensen met anderen omgaan. Dat geldt zowel de persoonlijke relaties als de professionele contacten.” Aldus Erik de Belie.

Een gevaar is echter dat we teveel gaan leunen op de tweedeling veilig/onveilig. Naar gelang de omstandigheden waar binnen we kunnen functioneren zijn er allerlei nuances mogelijk. Bovendien zijn mensen leerbaar. Wat in de eerste plaats nodig is, is dat mensen zich bewust zijn van hun eigen reactiepatronen.

Vragen

Enkele vragen die door De Belie worden genoemd zijn:

a) Ben ik iemand die vooral spontaan en betrokken reageert, of houd ik liever afstand?

b) Hoe reageer ik bij stress en bij emotionele verwarring?

c) Doe ik bij spanningen een beroep op anderen of probeer ik de problemen zelf op te lossen?

“Het spontane antwoord op deze vragen zegt veel over onze eigen hechtingsstijl.” Aldus De Belie. Maar timmer alles daar niet teveel op vast. Gaandeweg leren opvoeders en begeleiders, mits ze in staat zijn en toegerust worden om te oefenen met het naar zichzelf kijken, ook beter om hun reacties aan te passen aan de omstandigheden en aan hun cliënten.

Welke stijl past bij welke cliënt?

Bestaat er een bepaalde ‘kleur’ die goed aansluit bij ‘de’ cliënt? Nee, want ‘de’ cliënt bestaat niet. Het aardige is nu juist dat sommige begeleiders gemakkelijker een pasvorm vinden bij de ene cliënt en anderen meer bij de andere cliënt. Het gaat niet om goed of fout, maar om de bewustwording van dit soort interacties.

Een voorbeeld:

Marieke, een begeleidster met veel moederlijke gevoelens doet het goed bij kinderen die veel zorg en troost nodig hebben. Maar diezelfde moederlijke gevoelens roepen vaak afweer op bij ‘stoere’ LVB-jongeren die bang zijn voor nabijbeid. Daar reageert zij op haar beurt weer heftig op; ze voelt zich door hen afgewezen (angstig/ambivalent).

Kan Marieke dan niet met deze groep jongeren werken? Vaak kan het geoefend worden: leren inbouwen van meer afstand en het oefenen van het werken met een lagere ‘expressed emotion’.

Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s