Aanklager en redder (2)

Meneer Zwier stond dus altijd klaar met zijn opgeheven vingertje. Van de kerk moest hij niets meer hebben, maar hij had de rol van onfeilbare gezagsdrager toch behoorlijk overgenomen.

Meneer Zwier won discussies altijd. Hij kreeg nauwelijks tegengas. Hiërarchisch kon hij dat maken: hij was immers de baas.

Maar kon meneer Zwier ook op een andere manier reageren? Wat dat laatste betreft is Eric Berne optimistisch: je kunt het leren. Maar laat nu net meneer Zwier een aanzienlijke aanvaring hebben gehad met een transactioneel therapeut…

Door de mand gevallen

Meneer Zwier kon er namelijk niet tegen dat iemand een andere mening had dan hij zelf. Hij vond dat deze therapeut zich belerend opstelde en dat het allemaal onzin was wat de therapeut zei.

Daarmee viel meneer Zwier in psychologisch opzicht behoorlijk door de mand. Hij bewees met zijn uitspraken dat hij inderdaad de kritische ouderpositie had gekozen.

Maar dat was volgens meneer Zwier natuurlijk helemáál niet waar (…). Daarmee kreeg Martin Appelo weer gelijk: een discussie met iemand als meneer Zwier heeft geen zin.

Martin Appelo (socratisch motiveren) zou meneer Zwier in de discussie met de therapeut een betweter hebben genoemd. Want meneer Zwier wist meer van het vak van een therapeut dan een therapeut zelf. Maar met betweters moet je niet in discussie gaan. De therapeut liet het dus ook maar zo.

Redder

De tweede Ouder positie is die van de Redder.

Deze rol ziet er op het eerste gezicht heel behulpzaam en vriendelijk uit. Maar een kenmerk van de redder is dat deze al heel gauw het roer overneemt. De redder lijkt empathisch: “Zal ik het even voor jou regelen, jij hebt het al zo druk…”

compromisMaar kenmerkend is dat er geen overleg is. De redder schakelt jou niet in, maar uit. Het is namelijk de redder die wil bepalen hoe het allemaal geregeld moet zijn. Het past in het principe van de controlerende communicatie.. Daarmee maakt ook de redder anderen onzeker.

Combinatie

De combinatie van beide rollen vraagt om nog meer stuurmanskunst in de communicatie. Die komt ook voor. De aanklager zet zichzelf in de positie van de redder en koopt daarmee loyaliteit en bewondering (bijvoorbeeld binnen de organisatie).

Een voorbeeld: “Het gaat ons om goede zorg, we willen geen ruzie maken.” Als er dan toch bonje komt ligt het dus aan de ander…

“Ik sta niet toe dat mijn ondergeschikten op deze manier bejegend worden.” had meneer Zwier gezegd.

Het zou kunnen vallen binnen het schema dat Haley een perverse triade noemt.

Zie ook: eerdere blogs (december 2015) over de Reddingsdriehoek.

Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s