Medisch-ethisch dilemma

In het boek Ethische dilemma’s in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking (Schermer, Ewals en Weisz, Van Gorcum, 2016) staat een aantal zeer boeiende casussen waar hulpverleners in de zorg tegen aan lopen.

Ongeveer de helft van de cliënten waar ik mee te maken heb heeft een niet westerse achtergrond. Dan is het belangrijk om iets te weten over de achtergrond. Maar dat is nog niet zo eenvoudig. Als er al een groot verschil is tussen een laag opgeleide man uit een dorp in Overijssel en een cliënt vanuit de grachtengordel in Amsterdam, hoe zit het dan met dat immense Turkije. Een patiënt uit Istanboel heeft een heel ander referentiekader dan een cliënt uit het bergland van Anatolië.

Gisteren had ik te maken met een situatie waarbij ouders zich beriepen op religieuze motieven. Vanwege de privacy-gevoeligheid kan ik die casus niet noemen, maar in het boek wordt een situatie beschreven die er enigszins parallel aan loopt.

De ouders van Mohammed willen dat hun 12-jarige zoon besneden wordt. Mohammed is een man met een ernstige verstandelijke beperking en autisme. Hij is minderjarig, maar zou wel mee kunnen spreken bij de beslissing. Dat is echter onmogelijk als gevolg van zijn beperking: hij kan niet overzien wat er gaat gebeuren. Dus moeten anderen de beslissing nemen.

De besnijdenis heeft op jongere leeftijd door allerlei omstandigheden binnen de familie niet plaats gevonden. Moet de behandelend arts nu ‘meegaan’ in dat verzoek? Gaan religieuze motieven vóór medische argumenten?

De Arts voor Verstandelijk Gehandicapten besluit om advies te vragen aan de imam. Deze geeft aan dat besnijdenis bij jongens met een beperking geen verplichting is, evenals het meedoen aan de ramadan niet hoeft. In de Koran en andere boeken zijn de regels beschreven, maar op basis van persoonlijke omstandigheden kan er anders gekozen worden.

De imam gaat in gesprek met de ouders, maar deze leggen zich niet neer bij de ruime opvatting door de imam. Wat maakt dat deze ouders de opvattingen van hun ‘geestelijk leidsman’ niet volgen? Hebben de ouders andere (meer strikte) religieuze opvattingen? Is er sprake van druk vanuit de familie? Spelen schuldgevoelens een rol? Heeft deze keuze van de ouders te maken met de verwerking van de handicap van hun zoon? (hij is al anders, en als hij niet besneden wordt is hij nóg meer anders dan andere mannelijke familieleden).

De richtlijnen voor artsen in Nederland geven aan dat besnijdenis om niet medische redenen bij minderjarige jongens als een aantasting van de integriteit van het lichaam. Strikt genomen zou de AvG arts zich op die richtlijnen kunnen beroepen. “Het is mij in Nederland niet toegestaan”. 

Ondertussen geven de ouders aan dat ze hun zoon ook wel op een andere manier kunnen laten besnijden, desnoods bij hen thuis. Of tijdens een vakantie in hun geboorteland. Wat zijn dan de gevolgen? Mohammed is geen jongen die begrijpt wat hem is overkomen. Hij staat bekend als een kwetsbare en angstige jongen die reageert op alles ‘wat er aan zijn lijf niet klopt’. Hij zal snel ontdekken dat er ‘iets’ anders is. Wat is het risico op infectie bijvoorbeeld?

Kortom: een stellig standpunt van de arts zal de vertrouwensband tussen ouders en arts aantasten en kan bovendien leiden tot een ongewenst medisch ingrijpen. Waar doen betrokkenen in deze situatie goed aan?

Deze situatie wordt beschreven vanuit de optiek van een AvG arts, van een islamitisch geestelijke en door een ethicus.

 

 

Advertenties

Auteur: henk50

Ik ben GZ-psycholoog. Sinds 1975 werk ik in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog.

One thought on “Medisch-ethisch dilemma”

  1. De kernvraag is of kinderen beschouwd kunnen worden als eigendom van de ouders. Ik denk van niet. Maar zeker jongere kinderen zijn beslissings- en handelingsonbekwaam. Dus springen de ouders in dat gat. Ook war betreft de religieuse opvoeding. In dat verband is de uitspraak van Richard Dawkins van belang, dat er b.v. geen islamitische kinderen bestaan (het zit immers niet in de genen), wel kinderen met islamitische ouders die hun kinderen indoctrineren.

    Maar een kind is ook “eigendom” van de staat. Verplichte inentingen en leerplicht als voorbeelden. Wij denken vrije burgers te zijn, maar zijn in feite onderdanen (van de heersende elite). Eigenlijk zijn wij vee, al zien we het hek niet omdat we vrij kunnen reizen. Maar we worden gemolken via de inkomstenbelasting en na onze dood (slacht) door de erfbelasting. Reken maar eens uit wat je overhoudt van een euro, na 52% IB en 21% BTW! En als je benzine er voor koopt ook nog een sloot accijns.

    Ik zou ook niet weten hoe het anders zou moeten, maar om het vrijheid te noemen … . Ondertussen tracht ik mijn persoonlijke vrijheid te maximaliseren (eigenlijk optimaliseren) zonder anderen (in de directe omgeving) niets tekort te doen. Waarbij ik mij ervan bewust ben op wereldschaal tal van minderbedeelde in feite zwaar uit te buiten. Het zij zo.

    Dit was de ochtendoverweging .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s