Rouwverwerking en verstandelijke beperking (3)

Eén van de meest opvallende verschijnselen die ik bij mensen met een verstandelijke beperking heb gezien is de uitgestelde rouw.

Hoewel: ik moet eigenlijk zeggen dat ik het niet eens zag, maar dat ik achteraf de conclusie trok.

Bert wordt depressief

De vader van Bert (downsyndroom, 44 jaar, ernstige verstandelijke beperking, vergelijkbaar met een leeftijd van 3 jaar) was overleden. Zijn moeder was twee jaar eerder overleden. Omdat men het allemaal te heftig vond voor Bert heeft men hem nauwelijks betrokken bij het ziekteproces rond zijn vader. De bezoeken werden korter, omdat zijn vader lange bezoeken niet meer aan kon. Maar er werd niet gesproken over een naderend afscheid.

Na het overlijden en tijdens de begrafenis was Bert verdrietig. Maar daarna leek het of Bert het hoofdstuk van zijn ouders af had gesloten. Hij schakelde moeiteloos over naar een bezoekrooster van zijn broer en zus in plaats van dat van zijn ouders.

Twee jaar later raakte Bert meer in zichzelf getrokken. Hij kon het niet meer aan om hele dagen naar de dagbesteding te gaan. Ook begon hij zichzelf te verwonden. Ik dacht aan een depressief beeld. Inderdaad vertoonde Bert nogal wat kenmerken van een depressie. Maar waar kwam die depressie vandaan? Het dagprogramma werd aangepast en Bert kreeg medicatie. Dat hielp wel wat, de scherpe kantjes raakten er vanaf. Maar Bert werd niet meer de oude.

Een aantal maanden later werd een groepsgenoot van Bert ziek. De begeleiding had niet de indruk dat Bert een intense band met die groepsgenoot had. Toch raakte Bert in een diep dal. Hij kwam nauwelijks zijn bed meer uit.

Bert maakt een zieke groepsgenoot mee

Op dat moment hebben we besloten om Bert meer individueel te gaan begeleiden. Maar daarnaast, en dat was erg spannend, hebben we ook de keuze gemaakt om het proces rond de groepsgenoot voor Bert ‘dichterbij’  te halen. Bert werd op een bepaalde manier betrokken bij de zorg rond zijn groepsgenoot. Ze waren vaak bij elkaar in de buurt en wandelingen werden samen gedaan.

Het idee had ik eigenlijk ‘geleerd’ van Martine, een vrouw op een andere woning. Sommige ideeën ontstaan namelijk als het ware ‘bij wijze van toeval’. De vader van Martine was ernstig ziek en op de één of andere manier had ze gehoord dat mijn vader ook erg ziek was. Iedere week kwam ze praten over mijn vader, maar eigenlijk was dat verhaal over mijn vader voor haar een veilige manier om over haar eigen vader te praten.

Het beperkte dagprogramma in combinatie met de zorg voor zijn groepsgenoot deden Bert goed. Hij maakte het hele proces van dichtbij mee.  Ook kon hij op zijn manier voor zijn groepsgenoot zorgen, door naast hem te zitten, door een beker drinken te halen, door tekeningen voor hem te maken.

Ook de laatste weken van het leven van zijn groepsgenoot heeft Bert mee kunnen maken. Tijdens de kerkdienst en de begrafenis had hij een duidelijke rol. Hij hield zelfs op zijn manier een toespraak.

Bert knapt weer op

Hoe zou Bert achteraf op het overlijden van zijn groepsgenoot reageren? Voor de zekerheid was er ook speltherapie aangevraagd. Tijdens deze therapie maakte Bert opnieuw het proces van het overlijden van zijn groepsgenoot, maar ook dat van zijn beide ouders mee.   

Na een half jaar was Bert weer grotendeels de oude. Vanwege zijn leeftijd kreeg hij wat meer vrij van de dagbesteding. De zelfverwonding was nog hooguit als restgebaar aanwezig. En de medicatie kon gestopt worden.

(deze serie wordt donderdag vervolgd)

Auteur: henk50

Ik ben orthopedagoog/GZ-psycholoog. Vanaf 1975 heb ik gewerkt in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Schrijven is een hobby en een ontspanning voor mij, vandaar dat ik het niet kan laten om dagelijks iets te schrijven, meestal ook op mijn weblog. Omdat ik zo lang in 'de zorg' heb gewerkt heb ik veel zogenaamde casuïstiek ter beschikking. Soms gebruik ik voorbeelden uit de dagelijkse praktijk op mijn weblog, maar de beschrijvingen zijn altijd vermengd met andere -vaak gedateerde - verhalen. Er komen dus geen één-op-één verhalen voor. Dat zou ook niet mogen vanwege het beroepsgeheim. De namen die ik gebruik zijn altijd gefingeerd. De pedagogische en psychologische voorbeelden hebben dus wel enig waarheidsgehalte, maar ze hebben de pretentie om toch onherkenbaar te zijn. Mocht de lezer toch iemand herkennen, dan is dat waarschijnlijk toeval. Een enkele keer zijn voorbeelden van dialogen geheel gefingeerd. Uit de privésituatie wordt slechts zeer beperkt iets vermeld, waarbij ik met name zorgvuldig om ga met fotomateriaal. De namen van mensen die reageren worden nooit door mij doorgegeven aan derden, ze blijven in mijn afgesloten Wordpress-domein.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.