Over zin en onzin van diagnoses (1)
“Onze samenleving zet de kwetsbaarheid die we allemaal hebben op scherp”. Aldus Malou van Hintum in haar boek ‘Doe eens normaal’ dat gisteren is verschenen. Er zijn niet meer mensen gestoord dan vroeger, er zijn wel meer mensen met een probleem.
Hokjes?
Moeten we mensen met hun gedrag wel in hokjes plaatsen? Daar heb ik op mijn oude weblog tientallen keren over geschreven.
Het internationaal erkende spoorboekje voor de psychiater, de DSM, was nooit bedoeld voor het stellen van diagnose, dat handboek was slechts bedoeld als een soort woordenboek. Als iemand verwezen wordt met een angststoornis wist een andere behandelaar welke kenmerken daarbij horen.
Maar inmiddels is het gebruik van DSM-criteria gierend uit de hand gelopen: wie hulp vraagt moet in een hokje passen. Diagnoses worden naar criteria toegeschreven. Alsof het onderscheid tussen normaal en niet-normaal scherp afgegrensd is. Sterker nog: veel stoornissen bestaan uit combinaties: wie ADHD heeft vertoont ook vaak autistische trekken, wie depressief is vertoont ook vaak de kenmerken van een angststoornis
Van Hintum: “Een diagnose is slechts een etiket dat wetenschappers geplakt hebben op een bepaalde combinatie van symptomen. Maar ons gedrag houdt zich niet aan hokjes.” Daarom vindt de auteur dat we veel zuiniger moeten worden met het plakken van etiketten, dat moet je beperken tot uitzonderlijke situaties
ADHD
Neem bijvoorbeeld drukke kinderen. Vroeger zaten ze achter in de klas of juist helemaal vóór in, dat hing van het onderwijssysteem af. Er was orde in de klas en wie de boel ontregelde kreeg een tik, moest in de hoek of op de gang. Veel van deze kinderen verdwenen al snel van school om omgeschoold werk te gaan doen.
Tegenwoordig moeten kinderen véél langer op school blijven, ze moeten beter opletten en er wordt van hen gevraagd om meer initiatief te tonen. Dat doen drukke kinderen natuurlijk ook wel uit zichzelf, maar in onduidelijke situaties loopt het uit de hand. En de manieren van les geven zijn tegenwoordig nu eenmaal niet zo duidelijk als vroeger. Deze drukke en kwetsbare kinderen krijgen –volgens van Hintum- tegenwoordig de diagnose ADHD.
In de neurologie en binnen het genetisch onderzoek is men druk bezig met het zoeken naar een gen dat verantwoordelijk is voor (liefst álle) stoornissen. Want als je het gen weet kun je van daaruit een behandeling bedenken. Daar geloof ik niet veel van. Waar dit denken aan voorbij gaat is dat het vooral gaat om een bepaalde kwetsbaarheid. En voor kwetsbare kinderen is deze jachtige tijd zeer belastend.
Van Hintum schrijft dat de diagnose ADHD acht keer zoveel voorkomt bij laag-opgeleide mensen. De vraag is natuurlijk waarom dat zo is: de kip of het ei? Maar opmerkelijk is ook dat ze de link legt naar de lagere sociaal-economische klassen, de mensen aan de onderkant van de samenleving. Zou het gen dat ADHD zou moeten verklaren in die gezinnen vaker voorkomen. Of is het moeten leven in een ongezond milieu de belangrijkste trigger voor het ontstaan van symptomen die we samen ADHD noemen?
N.a.v. Malou van Hintum: ‘Doe eens normaal’, over zin en onzin van psychiatrische diagnoses. Uitgeverij Bert Bakker, 288 pagina’s, Euro 18,95
Emden

Als puber wilde ik later graag wonen in Vlissingen, Den Helder of Delfzijl.
Dat wordt wel als een neurotische trek gezien: het dwangmatig zoeken naar een eindpunt, waar de wereld ophoudt. Neurotisch of niet: we hebben ruim 25 jaar in Den Helder gewoond.
Gisteren kwam ik per ongeluk in Emden terecht. Die stad lijkt veel op Den Helder. Het is ook een havenstad met ruim 50.000 inwoners, die in de Tweede Wereldoorlog grotendeels werd verwoest. Al hebben de geallieerden in Emden heel wat grondiger de zaak verwoest dan de Duitsers in Den Helder. Van de historische stad Emden werd 80% van de huizen verwoest. De bunkers overleefden de bombardementen, er is nu zelfs een Bunkermuseum. Als er nu nog iets van voor 1940 in Emden staat is het waarschijnlijk herbouwd.
Emden speelt in de Nederlandse kerkgeschiedenis een belangrijke rol. Duizenden protestanten vluchtten in de 16e eeuw naar Emden. Hier werd de eerste synode van de (latere) Nederlandse Hervormde Kerk gehouden. Nederland stond toen nog onder Spaans toezicht en de Spaanse overheid hield niet zo van ‘ketters’. Ook nu nog telt Emden een aantal kerken die vanuit deze achtergrond zijn ontstaan, zoals de Neue Kirche (volgende foto).
De vraag is natuurlijk wel hoe ik perongeluk in Emden verzeild raakte, want de stad ligt niet naast de deur. Maar ja, ik ben nu eenmaal af en toe een zwerver…
Performance Pressure Paradox
Er zijn veel mensen die beweren dat ze onder druk tot de beste prestaties komen.
Heidi Gardner is lector aan de Harvard Universiteit. Zij stelde de vraag of dat inderdaad zo is. Niet dat professoren dan hard aan het werk gaan. Ze zetten hun studenten aan het werk.
En wat bleek? Onder druk presteren mensen helemaal niet beter. Men grijpt dan teveel terug naar oude oplossingen. Prestatiedruk leidt dus tot blikvernauwing, tot een tunnelvisie.
Op korte termijn levert prestatiedruk wel iets op (een sneller resultaat), maar op langere termijn ga je inhoud missen. Dat is wat ze de paradox noemt van die druk: je lijkt goed te presteren, maar het resultaat blijkt juist minder.
Om werkelijk tot goede resultaten en besluiten te komen moet je achterover leunen (niet te ver, want dan gebeuren er weer andere dingen). De tijd nemen, introspectie, overwegen en daarna je keuze maken.
Binnenkort heb ik vakantie. Dan is mijn agenda leeg. Zou ik dan ook echt tot geniale ideeën komen?
Dyslexie?
Meneer de Leur staan voor de deur
Al vier jaar zit het in de politieke pijplijn.
Het Wetsvoorstel Zorg en Dwang. Deze wet moet de oude BOPZ, die onvoldoende was toegespitst op de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en op dementerende patiënten, gaan vervangen.
Leden van de Tweede Kamer hebben naar aanleiding van dit Wetsvoorstel een groot aantal vragen gesteld. De staatssecretaris heeft die vragen in ongeveer 25 bladzijden geprobeerd te beantwoorden en soms heeft een vraag geleid tot een wijziging in de tekst van de wet. Opvallend is de praktische inhoud van de doorgaans vrij droge wetsmaterie. Een voorbeeld is dat van een dementerende man die bij de deur staat. Ik noem hem meneer De Leur, want dat rijmt op deur.
Meneer de Leur
Meneer de Leur (licht dementerend) staat de hele dag bij de deur. Hoe reageer je op zijn gedrag?
Tegenwoordig bestaat de neiging bij instellingen om zich voor alle risico’s zoveel mogelijk in te dekken. Want als het mis gaat hangt de instelling een berisping van de inspectie benevens een schadeclaim boven het hoofd. Het is deze angstcultuur die de kwaliteit van zorg in instellingen steeds meer dreigt te verschralen.
Als je let op de risico’s beland je denken in een fuik. We gaan alles dichttimmeren. Want meneer de Leur wil misschien weglopen. En als hij wegloopt kan hij onder een auto komen. En als hij onder een auto komt krijgen wij de schuld. Dus sluiten we de deur af. Zo, goed gehandeld! Meneer de Leur is veilig en wij zijn juridisch gedekt tegen onze aansprakelijkheid, mits we de protocollen maar goed hebben gevolgd…
Wat we op zo’n moment helemaal over het hoofd zien is het antwoord op de vraag óf meneer de Leur wel wil weglopen. Wat zit er achter zijn gedrag? Wacht hij op iemand? Verwacht hij zijn vrouw? Is hij benieuwd wie er binnen komt? Is hij misschien vroeger portier geweest?
Of wil meneer de Leur liever fietsen? Is een hometrainer misschien een alternatief dat hij zelf niet bedacht heeft. Wil hij gewoon buiten zitten, maar kan dat ook op het balkon?
Maar stel dat meneer de Leur tóch naar buiten gaat… Is dat zo’n ramp? Want waar gaat hij heen? Misschien wil hij gewoon op het bankje voor het huis gaan zitten. Of misschien wil hij even een blokje om lopen en komt hij zo meteen weer terug. Misschien heeft hij last van alle geluiden op de woning en wil hij gewoon even naar de vogeltjes luisteren.
Ernstig nadeel
Het is op dit moment dat de wetgever een cruciale keuze maakt. Het gaat niet 0m het risico dat je loopt, het gaat om ernstig nadeel. Pas als meneer De Leur ernstig nadeel zou ondervinden van zijn weglopen mag je de deur op slot houden.
Wanneer is er sprake van ernstig nadeel? Bijvoorbeeld als het buiten stevig vriest en je weet dat hij gedesoriënteerd kan raken. Hem dan zomaar naar buiten laten gaan zou een vorm van verwaarlozing zijn. Als je meeloopt en hij een stevige winterjas aan heeft is dat goede zorg. En misschien zelfs ook als je weet dat hij de weg kwijt kan raken, maar hij heeft een stevige winterjas aan en altijd heel wat gewend was (‘winterhard’). Want een meneer De Leur die zijn leven lang postbode was kan wel tegen een winters stootje.
Maar stel dat het mooi weer is en meneer De Leur wil naar buiten. Mag hij dan naar buiten? Ja, tenzij… En dan heb je weer dat kriterium van het ernstig nadeel. Want je moet dan opnieuw een afweging maken. Meneer De Leur kan gedesoriënteerd raken. Hij woont in een nieuwe omgeving en het inprenten van de nieuwe weg gaat (door zijn dementering) niet goed meer. Dan moet je opnieuw een afweging maken. Raakt meneer de Leur in paniek? Dat zou ernstig nadeel kunnen zijn. Raakt hij de weg kwijt, maar geniet hij wel van het wandelen en komt hij uiteindelijk toch wel weer (al dan niet met hulp) thuis, dan zou je de situatie kunnen beoordelen als ‘geen ernstig nadeel’.
Beslisboom
De nieuwe wet zorg en dwang kent een beslisboom waarbij je al deze stappen moet overwegen. Het nadeel waar ik zelf een beetje bang voor ben is dat de registratie teveel tijd gaat kosten waardoor we handen aan het bed kwijt zouden kunnen raken. Maar als de registratie binnen de perken blijft biedt het hanteren van het kriterium ‘ernstig nadeel’ mogelijkheden om creatief met dit soort situaties om te gaan…
Henk Onderweg
Zoals gewoonlijk was hij veel onderweg. Maar deze keer zóveel met de trein dat hij maar 100 km. heeft gefietst.
Maandag was hij in Hoorn, op zijn werk en o.a. om cursus te geven voor leerlingen van het ROC (Horizon-college).
Dinsdag was hij op zijn werk in Wognum, dat onder de rook van Hoorn ligt. 

’s Avonds had hij een afspraak in Baarn. Eigenlijk had hij daar wel kunnen blijven slapen, want op woensdag moest hij weer in de buurt zijn, in Utrecht. Deze keer vanwege een cursus Dementie en Verstandelijke Beperking.
Op donderdag was Henk op zijn werk in Wognum en ‘s middags in Hoorn (ouderen met een verstandelijke beperking). 
Op vrijdag was Henk ‘s morgens in Amsterdam waar hij cursus moest geven over verzet en vrijheidsbeperking bij de tandarts. Mag je iemand tegen zijn wil vasthouden tijdens de behandeling bij de tandarts?
Na afloop van de cursus treinde Henk naar Maassluis, voor een bezoek aan zijn moeder.
Zaterdag vond Henk het welletjes en kwam niet verder dan twee keer de markt in Alkmaar.
Dominee met een splaakgeblek?
Als het aan onze dochter Nynke ligt niet.
Een interview met Nynke stond in het Reformatorisch Dagblad…
De eerste scan is de foto van Nynke + onderschrift.
In de tweede scan lees je de tekst.
(zo nodig twee keer aanklikken).






